'The Children Act' & 'Capharnaüm'

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
In de filmrubriek aandacht voor de Britse speelfilm The Children Act, waarin een familierechter moet beslissen of een jonge Jehova’s Getuige een bloedtransfusie moet krijgen. De film toont hoe pijnlijk het kan zijn als een kind aan de volwassenen om hem heen vraagt hoe hij moet leven. Tekst: Jurgen Tiekstra

Emma Thompson als rechter Fiona May in ‘The Children Act’.

Toen ik als beginnend journalist werkte bij een regionale krant, was het mijn taak om af en toe naar de zitting te gaan van de politierechter. Daar in de rechtszaal was het een komen en gaan van kleine strafzaken: vandalisme, drugs dealen, het uitschelden van een politieagent, een matpartij in een café, majesteitsschennis. Na het aanhoren van het pleidooi van de officier van justitie en daarna de verdediging van de gedaagde, besloot de rechter tot een werkstraf, een boete of in het uiterste geval een korte tijd in de cel.
De eerste keer dat ik een middagje bijzat, was ik verrast door de mildheid van de toon waarmee de rechter sprak tegen de man of vrouw op wie hij minzaam neerkeek. Hij bladerde niet met een frons boven de ogen door het Wetboek van Strafrecht om de passende strafmaat te zoeken, maar hield zich, in de korte tijd dat een zitting mag duren, bezig met het heuse leven van de wetschender in de rechtszaal. De rechter probeerde in alle betrokkenheid te beslissen wat het beste was voor diens bestaan. Misschien was een flinke geldboete gerechtvaardigd, maar aangezien de man of vrouw al in de schulden zat en zich bovendien berouwvol toonde, liet hij daarom maar een kleine taakstraf noteren door de griffier.
Zo komt in een rechtszaal het hele menselijke tableau voorbij. Om welke reden dan ook is iemands leven van de rails geraakt en belandt diegene tegenover een rechter die tussen de institutionele muren van de rechtszaal ineens mag oordelen wat juist is en wat niet juist. Op grond van hun ambt krijgen rechters een ongekende morele autoriteit, waarmee ze haast als Gods plaatsvervanger op aarde mogen oordelen over de levenden tegenover hen.

Geen bloedtransfusie

Maar de autoriteit van een rechter heeft toch zijn grenzen. Dat wordt heel navrant in de nieuwe speelfilm Capharnaüm van de Libanese filmmaker Nadine Labaki, vanaf eind januari in de bioscoop. Haar hoofdpersoon is de twaalfjarige verschoppeling Zain, een immigrantenjongen die op straat leeft in de Libanese hoofdstad Beiroet. In deze film daagt hij zijn ouders voor de rechter, omdat ze hem op de wereld hebben gezet. “Het feit dat Zain zijn ouders aanklaagt is een symbolisch gebaar”, vertelde Labaki, “namens alle kinderen die, terwijl ze niet gekozen hebben om geboren te worden, in staat moeten zijn om van hun ouders een minimum recht te eisen; in elk geval het recht om geliefd te zijn.”
Hoe existentieel kan een zaak zijn die een rechter voor zich krijgt? Een rechter kan moeilijk oordelen over de waarde van een leven, en nog veel moeilijker over de waarheid in ons leven. Dat komt messcherp aan de orde in de geprezen Britse speelfilm The Children Act, die vorig jaar in de bioscopen heeft gedraaid, maar straks ook uit komt op dvd en video on demand. Het gaat hier om een verfilming van de gelijknamige korte roman uit 2014 van de gelauwerde schrijver Ian McEwan. McEwan vroeg aan de bevriende regisseur Richard Eyre of die interesse had de roman te verfilmen, waarna hij zelf besloot ook het scenario te schrijven.
Boek en film zijn vernoemd naar de daadwerkelijk bestaande The Children Act, die in 1989 in het Britse recht tot stand kwam en expliciet formuleert dat het welzijn van het kind voor de rechtbank van het opperste belang is. Juist die uitspraak maakt Ian McEwan tot het pijnpunt in zijn verhaal, waarin de hoofdpersoon de zestigjarige familierechter Fiona Maye is die een hoge positie heeft aan het High Court, gevestigd in het Royal Court of Justice in Londen.
Fiona Maye heeft een glorieuze carrière in het rechterlijk circuit doorlopen en buigt zich nu als gearriveerd magistraat van het Hooggerechtshof over tal van ethisch stekelige zaken: ze beslist wie na vechtscheidingen de voogdij over de kinderen krijgt, ze moet zeggen of een ongeboren Siamese tweeling tegen de wil van de ouders operatief gescheiden moet worden, en ze krijgt het verzoek van een ziekenhuis om een jongen die lijdt aan leukemie onder dwang een bloedtransfusie te geven. Adam is een Jehova’s Getuige en weigert zijn bloed met andermans bloed te verontreinigen. Hij is nog minderjarig, dus hij mag daar niet zelf over beslissen. Maar ook zijn ouders weigeren een bloedtransfusie, al weten ze dat hij zonder behandeling waarschijnlijk dood gaat.

Verwarrend bestaan

Rechter Maye is een door de wol geverfde rechter, die in de speelfilm heerlijk doortastend wordt neergezet door actrice Emma Thompson. Vlak voordat ze de zaak van de jonge Jehova’s Getuige aanneemt, belandt ze thuis in een behoorlijke huwelijkscrisis. Haar man, een universiteitsdocent, heeft aangekondigd een affaire te willen beginnen met een jongere collega, omdat hij Fiona ervan beschuldigd hun huwelijk al lang geleden geestelijk te hebben verlaten. Volgens hem laat ze zich volledig in beslag nemen door de juridische dossiers die zich op haar bureau blijven opstapelen.
Aanvankelijk lijkt ze niet werkelijk onder de indruk van het vertrek van haar man. Ze vervangt het slot op de voordeur en dreigt met een scheiding als hij zijn schaamteloze escapade doorzet. Ondertussen beslist ze zonder veel twijfel dat het ziekenhuis de bloedtransfusie mag doorzetten, tegen de wil van de jongen en zijn ouders. Hij moet in bescherming worden genomen tegen zijn religie, zegt ze. Want, zoals The Children Act stipuleert: zijn ‘welzijn’ staat bovenaan. Hij is een intelligente jongen, die nog een heerlijk leven voor zich heeft.
Maar voordat ze dat besluit nam, heeft ze iets tamelijk onorthodox gedaan: ze is naar het ziekenhuis gegaan waarin de jongen is opgenomen, en heeft hem aan zijn bed gesproken. Hij raakte daar onder de indruk van haar beheerste intelligentie. Als hij de bloedtransfusie heeft ondergaan en inderdaad herstelt van zijn ziekte, keert hij zich af van de Jehova’s Getuigen. Oké, zij heeft hem zijn religieuze wereldbeeld afgenomen. Maar nu wil hij van haar weten waarin zij gelooft. Want hoe moet hij zijn leven nu leiden?
Toen ze nog volgens de regels van het wetboek kon beslissen over goed en kwaad, grossierde Fiona Maye in wijsheid. Maar nu valt ze stil. Juist misschien ook door de desoriëntatie van haar huwelijkscrisis. Daarin zit de pijn van dit verhaal, net als van die andere speelfilm straks: Capharnaüm. We zien hier twee kinderen: de Libanese straatjongen is pas twaalf jaar, en zijn Londense tegenhanger in The Children Act is nog maar zeventien. Ze vragen aan de volwassenen om hen heen waarom ze geboren zijn. Waarom ze zijn geworpen in dit verwarrende bestaan hier op aarde, in dit leven waarin het soms hondsmoeilijk is de weg te vinden.

Angst van volwassenen

Anders dan doorsneekinderen zijn de jonge hoofdpersonen in deze films niet tevreden met een schouderophalen, met het gemakkelijke antwoord dat hun hele leven nog voor hen ligt en dat ze snugger genoeg zijn om hun eigen route op de kaart te vinden. Of zoals Friedrich Nietzsche het formuleerde: “Niemand kan de brug voor je bouwen waarover juist jij de rivier van het leven moet overschrijden, niemand behalve jij alleen.”
Beide jongens eisen het recht op om bij de hand genomen te worden door volwassenen in hun nabijheid. Maar hier is wel iets vreemds aan de hand: hoeveel echte kinderen komen op zo’n existentiële wijze in opstand tegen hun ouders of opvoeders? Misschien is dit iets wat alleen een volwassene kan fantaseren, juist omdat het een angst is die alleen in iemand de kop kan opsteken die veel van dit bestaan heeft gezien: de angst dat een kind hem ter verantwoording roept.

The Children Act komt eind januari uit op dvd en video on demand. Capharnaüm draait vanaf 31 januari in de bioscoop.