Terug naar de stam

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Te veel westerlingen voelen zich eenzaam en zonder betekenis. Wellicht is onze moderne samenleving te groot geworden. Op zoek naar de overzichtelijke gemeenschap.

Tekst: Ralf Bodelier

Op Pinkpop, precies veertig jaar geleden, speelde The Police hun hit So Lonely.  “Niemand”, zong Sting, “klopt op mijn deur, en zo gaat dat al duizend jaar. Ik heb alles onder controle en toch geen plaats om naartoe te gaan. Welkom bij deze onemanshow, neem gerust een stoel, ze zijn toch nooit bezet. I feel so alone, I feel low.”
Ik was achttien en brulde het nummer met veertigduizend anderen mee. Wíj waren op dat moment allesbehalve eenzaam en alleen. Maar dat was Pinkpop en bovendien was het 1979. Vraag je vandaag aan vrienden en kennissen hoe kwesties als somberte en eenzaamheid ervoor staan, dan hoor je ongetwijfeld dat we er dramatisch aan toe zijn. Drie keer zoveel mensen doden zichzelf dan er omkomen in het verkeer. Juist in deze tijd van sociale media, lijkt eenzaamheid een groter probleem dan ooit tevoren. We leggen tal van contacten via whatsapp en Facebook, terwijl we in levenden lijve niemand meer tegenkomen.
Bij omroep Human werd dit verhaal onlangs verteld door de Vlaamse psychiater Dirk De Wachter. “Op de een of andere manier lijken die schermen af te schermen”, zegt De Wachter. “Alsof we erachter blijven zitten en wel berichten sturen, maar elkaar niet meer opzoeken. Blijkbaar zijn er mensen die hele dagen achter hun laptop of smartphone zitten te tokkelen, zonder dat ze de medemens in het echt opzoeken.”

Stabiele samenleving
Tot zover de beeldvorming. Gelukkig zijn er data. En die vertellen een genuanceerder verhaal. Zo blijkt uit onderzoek dat in Nederland een probleem als eenzaamheid maar amper is toegenomen. Sinds wetenschappers eenzaamheid in 1965 begonnen te meten, hangen de percentages steevast tussen de vijf en tien procent van de bevolking. Volgens het CBS leeft op dit moment zo’n zeven procent van alle volwassenen in eenzaamheid. Bijna dertig procent van alle Nederlanders voelt zich bij tijd en wijle eenzaam. Veertig jaar geleden waren deze cijfers maar amper anders.
Iets dergelijks geldt overigens ook voor zelfdoding, waarbij de link met eenzaamheid al snel wordt gelegd. In Nederland maken nu zo’n 1900 mensen per jaar een einde aan hun leven. Dat is een vreselijk hoog getal, toch is ook het aandeel Nederlanders dat dit doet sinds 1979 maar licht gestegen. Toen doodden 10,4 op de 100.000 Nederlanders zichzelf, in 2017 waren het er 11,2 op de 100.000.
Het is goed om deze cijfers te kennen. Ondanks het vermaledijde individualisme, materialisme, consumentisme en gebruik van sociale media worden we er dus niet eenzamer op, en zoeken we ook niet vaker de dood. Onze samenleving is een stuk stabieler dan we doorgaans denken.
Toch is er wel degelijk reden om ons zorgen te maken. En die zorg zit hem in het feit dat we zowel eenzaamheid als zelfdoding in de afgelopen veertig jaar ook niet wisten terug te dringen.
Dat is opmerkelijk. Terwijl het ons, om maar enkele zijpaden te noemen, wél lukte om de luchtverontreiniging sterk te laten afnemen of het gat in de ozonlaag weer te dichten; en terwijl onze inspanningen er wél toe leidden dat de wereldwijde armoede fors daalde en het aantal kernwapens nu tachtig procent lager is, kregen we het dus niet voor elkaar om deze ogenschijnlijk simpeler uitdagingen op te lossen.

De volledige tekst lezen? Abonnees van Volzin ontvangen bij verschijning van de nieuwe Volzin een e-mail met een link naar de digitale editie. Nog geen abonnee? Klik dan hier.