‹ Terug naar overzicht

Pleidooi voor verbondenheid en menselijkheid

Geplaatst op:
Filosoof Joke Hermsen wil met het Vlaams-Nederlandse initiatief #BeterNaCoronaNL een nieuwe wereld scheppen. Volgens haar biedt de coronacrisis een uitgelezen kans om meer dan ooit een diepe, maar vergeten verbondenheid – met elkaar en met onze omgeving – te organiseren.

Tekst: Enis Odaci
Beeld: Koos Breukel, Marijn Smulders

Joke en ik spreken elkaar noodgedwongen op afstand. We groeten elkaar via een computerscherm en hebben beide oortjes in. De anderhalvemetersamenleving noopt ons logischerwijs tot deze manier van spreken. Ze heeft het druk, ook omdat zij aan de meeste interviewverzoeken gehoor geeft om te vertellen over haar nieuwste initiatief #BeterNaCoronaNL, de aanleiding voor ons gesprek.
Samen met Menno Grootveld van Wereldbrand.nl en De Groene Amsterdammer is Joke dit platform voor progressieve ideeën begonnen. Zij heeft dat gedaan op uitnodiging van het Vlaams collectief BeterNaCorona. Daar hebben elf clubs op het gebied van duurzaamheid en solidariteit elkaar georganiseerd. Joke wilde dat ook in Nederland vormgeven: “Omdat ik het ongemeen belangrijk vind dat we proberen om de krachten te bundelen en de handen ineen te slaan voor een beter Nederland.”

Wat is een beter Nederland?

“Een duurzamer Nederland, meer sociaal en meer inclusief. Dat zijn de drie pijlers waarop ons platform #BeterNaCoronaNL rust. Een twintigtal clubs hebben zich nu al daarbij aangesloten, waaronder Nederland Kantelt, Bits of Freedom, Keti Koti Tafel – de meest uiteenlopende initiatieven. We proberen een platform te bouwen waar we de krachten bundelen van verenigingen en bewegingen die al bezig zijn op het gebied van duurzaamheid en solidariteit. Mijn indruk is dat die verbindende factor op dit moment ontbreekt. Het is belangrijk dat iedereen via dit platform als een ketting, schakel na schakel, met elkaar samenwerkt.”

Het is een zeer diverse schakel. Gaat dat wel goed?

“Ja, dat is de kracht ervan. Het is goed dat veel uiteenlopende bewegingen nu hand in
hand gaan samenwerken. We moeten over de kleinere ideologische verschillen heenstappen, zodat we gezamenlijk een sterk front vormen. Ik hoop dat deze coronatijd een springplank is naar een rechtvaardiger en duurzamer Nederland. Dankzij corona is er een momentum – in mijn werk noem ik dat het Kairotische ogenblik – om het tij te keren en straks werkelijk de bakens te verzetten. Ik wil mensen zoveel mogelijk bewust maken van de noodzaak dat het duurzamer en rechtvaardiger moet. We kunnen de kapitalistische uitbuiting van de wereld niet langer volhouden.”

Welke projecten kunnen we verwachten?

“Behalve een dossier en manifest zijn we deze maand begonnen om op YouTube een progressieve talkshow, MomentumTV geheten, uit te zenden. We hebben deze talkshow opgenomen in het multiculturele centrum Ru Paré in Amsterdam. Samen met Mercedes van Zandwijken van de Keti Koti-dialoogtafels voerde ik inhoudelijke gesprekken met enkele clubs die zich bij ons initiatief hebben aangesloten, zoals met de Vereniging voor het Basisinkomen, en met Bits of Freedom over de gebrekkige privacyaanpak bij de ontwikkeling van de corona app voor op je telefoon. Maar ook met Eva Rovers van Extinction Rebellion, en auteur van het boek Nu Het Nog Kan. Met haar spraken we zowel over initiatieven over duurzaamheid als over de mogelijkheid van burgerraden als nieuw democratisch instrument.”

Een nieuw democratisch instrument?

“Ja, we pleiten voor de invoering van burgerraden. In mijn laatste essay Het tij keren laat ik zien hoe er al ruim honderd jaar wordt nagedacht over deze aanvulling op de parlementaire democratie. Als wij de Nederlandse bevolking bewust willen maken van de noodzaak voor een duurzaam en solidair beleid moeten we de mensen daarover niet alleen goed informeren, maar ook de kans bieden om erover mee te praten. De ontwikkeling van een burgerraad geeft de mensen het gevoel dat hun politieke vrijheid niet alleen bestaat uit het eens in de vier jaar inkleuren van een vakje. Het werkt vrij eenvoudig. Per gemeente worden een paar duizend mensen geloot, aan wie gevraagd wordt of ze een aantal dagdelen in een burgerberaad willen nadenken over een specifieke kwestie. Daaruit wordt dan een groep van zo’n honderd mensen samengesteld, die zich door diverse experts mag laten voorlichten. Aan deze dialoogtafels voeren burgers dus zelf gesprekken met elkaar over hoe ze bijvoorbeeld hun wijk of dorp kunnen verduurzamen.”


Paspoort
Joke Hermsen (Middenmeer, 1961) is schrijver en filosoof.

  • Studeerde literatuur en filosofie in Amsterdam en Parijs.
  • Was als docent verbonden aan de Letterenfaculteit en de Faculteit Wijsbegeerte van de Universiteit van Amsterdam, Utrecht en Tilburg.
  • Promoveerde in 1993 aan de Universiteit Utrecht op een proefschrift over Lou Andreas-Salomé, Belle van Zuylen en Ingeborg Bachmann.
  • Debuteerde in 1998 met de roman Het dameoffer, enkele jaren later gevolgd door de historische roman Tweeduister, over de Bloomsbury schrijvers T.S Eliot en Virginia Woolf.
  • Publiceerde in 2009 het boek Stil de tijd. Pleidooi voor een langzame toekomst, met essays over diverse denkers.
  • Geeft lezingen over haar werk en over diverse filosofische en maatschappelijke kwesties.

 

Uiteindelijk is het doel van deze beweging het beïnvloeden van de politiek.

“Met deze ene vraag als rode draad: wat is het dat ons verbindt? Uitgangspunt voor dergelijk burgerberaad is enerzijds dat er veel meer is dat mensen verbindt dan dat hen scheidt en anderzijds dat mensen hun creativiteit, solidariteit en politieke vrijheid beter in zo’n burgerberaad kunnen benutten dan alleen eens in de zoveel jaar hun stem uit te brengen. Een voorstander van deze volksraden was bijvoorbeeld de politieke denker en activist Rosa Luxemburg. Voor haar was enige vraag die telt: heb ik vandaag iets goeds gedaan? Ben ik een goed mens geweest? Het is mijn ervaring dat veel mensen dit gevoel kennen. Alleen geld verdienen en uitgeven maakt niemand echt gelukkig. We hebben door het verbond tussen kapitalisme, commercialisme en individualisme onderschat hoeveel wij van nature geneigd zijn om voor een ander te willen zorgen. Voor veel mensen is bijvoorbeeld het vluchtelingenbeleid van deze regering niet meer te begrijpen noch goed te praten. Dat zou een mooi onderwerp voor zo’n burgerberaad kunnen zijn. Hoeveel vluchteling-weeskinderen willen wij als gemeente opnemen? Dat zijn er ongetwijfeld meer dan onze regering van plan is.”

Hoe voorkom je dat mensen een kloof ervaren tussen hun dagelijkse zorgen en de grote dromen van een intellectueel platform?

“Het is belangrijk om de belangstelling van mensen te wekken. Het gevolg van zeventig jaar kapitalisme heeft niet alleen voor onverschilligheid gezorgd, maar heeft ons ook met de rug naar onze gezamenlijke wereld toe gekeerd. We staren graag naar onszelf, onze eigen kleine clubjes en laten de politiek-culturele wereld aan anderen over. Dat is een gevaarlijke ontwikkeling.
Ik probeer die desinteresse om te buigen naar interesse. Mensen willen graag geïnspireerd worden en hun gezonde verstand en verbeeldingskracht benutten. Tijdens de vele lezingen die ik de afgelopen jaren gegeven heb, heb ik gezien dat mensen heel graag geprikkeld worden en aangemoedigd om zelf na te denken.”

Maar dat ligt ook aan de retorische kwaliteiten van Joke Hermsen. Hoe borg je jouw enthousiasme in de beweging op een lokaal niveau?

“We doen dat natuurlijk met een grote groep denkers en schrijvers die de interesse van de mensen via lezingen probeert aan te wakkeren. Daarnaast probeer ik ook concreet verbindingen te maken, bijvoorbeeld via onze stichting www.amormundi.nl, waar je het creatieve werk van een kunstenaar, dichter of musicus kunt helpen ondersteunen. Kunstenaars vormen de voorhoede van een samenleving als het om vernieuwing gaat, maar worden daar bij lange na niet genoeg voor gewaardeerd.”

Kun je deze menselijkheid praktisch vertalen naar deze beweging? “Menselijkheid is enerzijds ons creatieve vermogen om zaken te verbeelden die er nog niet zijn, die afwezig zijn of nog niet gecomponeerd, geschreven of bedacht. Verbeelding draait om die twee kleine woordjes: nog niet. Daar zit ook een utopische dimensie aan, die we nodig hebben om in beweging te komen, onze armen uit te strekken en het onverwacht nieuwe te kunnen verzinnen. Anderzijds wordt onze menselijkheid bepaald door ons vermogen tot empathie en solidariteit. Wij kunnen ons in een ander verplaatsen en het lot van de zwakkere aantrekken. Die twee vermogens vormen de twee assen van de menselijkheid. Als mensen daarop worden aangesproken voelen ze zich letterlijk ‘meer mens’. Je bent dan niet langer slechts dat economische radertje in een gigantisch productieproces, maar je wordt als mens uitgenodigd om creatief en empathisch in het leven te staan.”

Dit lijkt op het concept van geboortelijkheid, waar je in je boeken over geschreven hebt.

“Ja, dat is een belangrijke notie in mijn werk. Wij zijn niet alleen sterfelijke wezens, zoals alle levende wezens dat zijn, maar wij zijn ook geboortelijke wezens, leren we van Hannah Arendt. Dat komt voort uit ons creatieve denken. Als we het vermogen niet hadden om iets te verbeelden wat er nog niet is, zouden we dus nooit een nieuw begin kunnen ervaren of maken. Vita nova, het nieuwe begin, wordt op gang gebracht door het vermogen van creativiteit. Dit vermogen iets nieuws te beginnen compenseert ons bewustzijn van vergankelijkheid en sterfelijkheid. Het zorgt voor een goede balans tussen begin en einde, geboorte en dood. In deze coronatijd is het moeilijk die balans te bewaren, omdat we oog in oog staan met onze angsten en onze sterfelijkheid. Juist daarom hebben we nu meer dan ooit inspiratiebronnen zoals de kunst, filosofie of literatuur nodig die ons aan die geboortelijkheid kunnen herinneren. Het platform #BeterNaCoronaNL voldoet in dat opzicht aan alle criteria van geboortelijkheid. Het is een gemeenschap van vrijwilligers die elkaar inspireert. Het is mooi om te zien hoe al die energie ook vrijkomt zonder een enkele geldelijke beloning. Alsof we stiekem buiten de wetten van de geldgod Mammon iets aan het doen zijn. En toch kunnen we niet zonder, en pleiten daarom ook voor meer steun voor denkers, schrijvers en kunstenaars.”

Joke Hermsen (c) Koos Breukel

Ben je straks hevig teleurgesteld als na de crisis blijkt dat het marktdenken gewoon doorgaat, alsof er ondertussen niets gebeurd is?

“De enige kwestie in dezen is dat je voorbereid moet zijn op een lange weg. ‘Tussen droom en daad bestaan veel economische bezwaren’, om de beroemde dichtregel van Willem Elsschot te parafraseren. We zijn die economische argumenten echter moe. We hebben gezien dat ze zorgen voor onrechtvaardigheid en een uitputting van de energiebronnen. We kunnen ook niet langer lijdzaam en moedeloos toekijken hoe dit rampzalige beleid inzake duurzaamheid en menselijkheid wordt voortgezet. We hebben feitelijk geen keuze, als we de aarde leefbaar en de wereld menselijk voor toekomstige generaties willen houden.”

Mensen denken bewust na over de tijd die ze nu hebben, maar ze zijn zich ook bewust van de tijd die ze verspild hebben. Heeft corona jou ook tot zo’n reflectie bewogen?

“Ja, ik was de afgelopen tijd erg druk met schrijven en het geven van lezingen. Na Stil de tijd, waarin ik juist pleit voor meer rust, reflectie en verstilling, heb ik het drukker dan ooit gekregen. De afgelopen periode heeft mij behalve zorgen ook rust gebracht. Een grotere nabijheid met mijn kinderen, met mensen in de buurt, maar ook een grotere nabijheid met mezelf. Ik heb dankzij deze epidemie besloten om voortaan niet meer dan drie lezingen per week te geven. Want onbewust raakte ik uitgeput van meer; mijn lezingen zijn geen eenvoudige presentaties, maar openbare denkoefeningen, die veel energie kosten.”

Welke persoonlijke levenservaring ligt bij jou ten grondslag aan deze energie en betrokkenheid?

“Er zijn vermoedelijk twee jeugdherinneringen die mij hebben gevormd. Mijn eerste ervaring was toen ik vier jaar oud was, met mijn oudere broer aan het vissen in een parkje in de buurt. Op een zeker moment dacht ik dat het grasveld naast het bruggetje overging in gras op het water, dat immers net zo groen was. Ik stapte het water op, maar in tegenstelling tot Jezus op het meer, zakte ik er meteen dwars doorheen! Ik herinner me de buitelingen die ik in het water maakte, de verandering van licht, de toenemende benauwdheid. In mijn laatste roman Rivieren keren nooit terug heb ik dit voorval zo goed mogelijk proberen te beschrijven. Het was een heel intense ervaring, die opmerkelijk genoeg niet alleen door angst gekleurd werd, maar ook een toenemend gevoel van vrede, nauwelijks strijd meer, liedjes, licht en toen… twee enorm sterke handen onder mijn oksels die mij zo uit het water trokken. Het was een bouwvakker die vanaf de eerste verdieping van het appartementencomplex aan de overkant zag wat er gebeurd was en mij op het nippertje van de verdrinking redde.”


Dit is een fragment uit het gehele artikel. Nog geen abonnee of het Volzin-nummer met dit artikel apart bestellen? Klik dan hier.