Peter van 't Riet over Paulus: 'een rusteloze zoeker'

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
“De hellenistische wereld van Paulus vertoont veel overeenkomsten met die van ons. Er is sprake van globalisering, migratie, religieus radicalisme – dat maakt van Paulus een belangrijke denker over actuele thema’s. Of je het nu met hem eens bent of niet.” Selfmade theoloog Peter van ’t Riet over de apostel zonder wie het christendom er heel anders had uitgezien.

Tekst: Willem van der Meiden Beeld: Martine Sprangers

In een fraai appartement in Kampen, met een weidse blik over de IJssel, ontmoet ik Peter van ’t Riet, een bevlogen man, die zich al ruim veertig jaar bezighoudt met onderzoek naar de joodse wortels van het Nieuwe Testament en met het joodse karakter van de evangeliën en de brieven van Paulus. Dat onderzoek heeft geleid tot een reeks van boeken en brochures, die behalve van veel geestdrift getuigen van een grote werklust en een eigenzinnige benadering van zijn onderwerp. Van ’t Riet is wiskundige en psycholoog, maar is als theoloog autodidact. Wie was Paulus?

U bent al jaren bezig met onderzoek van het Nieuwe Testament, maar hebt geen theologische opleiding. Waar komt die grote belangstelling vandaan?
“Van huis uit, denk ik. Ik ben gereformeerd opgevoed in Broek op Langendijk, een orthodox-protestantse enclave in een voor het overige vrijzinnig-protestantse en katholieke streek. Mijn moeder was vroom, piëtistisch, mijn vader was veel vrijzinniger in zijn denken. Ik ging mee naar de kerk, maar het kon me toen ik opgroeide steeds minder boeien. Ik ging me ergeren aan preken die elke logica misten en waar ik niets van begreep. Maar ik denk dat de bijbelverhalen van toen me wel blijvend hebben geïntrigeerd. Maar het christelijke geloof zakte weg. Ik heb overigens nooit de kerk verlaten, hoewel de aanvechting soms groot is.
Begin jaren ’70 ontdekten mijn vrouw en ik op een leerhuis van Will J. Barnard (niet te verwarren met de dichter Willem Barnard, WvdM) in Bussum de joodse lezing van het Nieuwe Testament. De vonk van het joodse gedachtegoed sprong over: ja, dacht ik, zo moet je die teksten lezen, in de joodse context van hun tijd. En ik besloot om me erin te verdiepen, eerst samen met Will Barnard, later zelfstandig. Zo is de belangstelling gegroeid.
Misschien – denk ik achteraf – ben ik altijd wel een vrome jongen gebleven en ik vind nog steeds dat belangstelling voor religie veel extra’s aan het leven geeft. Maar ik ben blij dat ik geen theologie gestudeerd heb, anders had ik dit werk nooit zo kunnen doen. Dan had ik me verplicht moeten verstaan met andere theologen, verantwoording moeten afleggen aan kerkelijke instanties en zo. Ik hecht aan mijn werk als zelfstandig onderzoeker.”

Met Paulus bent u pas later aan het werk gegaan. Hoe bent u bij hem terecht gekomen?
“Al in de tijd van Will Barnard ben ik begonnen met de evangeliën: Lucas en later Marcus en Matteüs. Nog weer later ontdekte ik dat Lucas en Matteüs met elkaar ‘in gesprek’ zijn en dat hun teksten consistent gecomponeerd zijn vanuit een achterliggende idee. Vervolgens heb ik onderzoek gedaan naar het Johannesevangelie. En daarna ben ik met Paulus begonnen.
We kennen Paulus uit twee bronnen: zijn brieven, waarvan er zeven aan hemzelf zijn toe te schrijven, en de door Lucas tientallen jaren later geschreven Handelingen der apostelen. Wat opvalt in het gangbare Paulusonderzoek is hoe vaak zijn levensloop en theologie worden samengesteld op grond van een mix van gegevens uit de brieven en de Handelingen. Maar dat zijn totaal verschillende bronnen. De Handelingen bieden midrasjiem, dat wil zeggen joodse leerverhalen, waarin Paulus de drager is van Lucas’ messiaanse strategie: Lucas was erop uit de verhouding tussen joden en Romeinen te repareren. Die was na de verwoesting van Jeruzalem en de tempel in 70 na Christus danig verstoord geraakt. De Handelingen vertellen ons daarom meer over de wijze waarop Lucas de messiaanse tijd naderbij wilde brengen dan over de opvattingen van Paulus. De brieven van Paulus komen in de Handelingen zelfs niet eens voor. Om iets over de echte Paulus aan de weet te komen, zijn de brieven dus de oudste en beste bronnen. Ook zijn biografie zit erin verstopt, zoals ik in mijn boek De levensloop van Paulus heb laten zien.”

Misschien dan eerst over het beeld dat we van deze Paulus hebben. Ik noem een kwalificatie: stichter van het christendom.
“Paulus leefde ergens tussen de jaren 0 en 60 van onze jaartelling, was waarschijnlijk iets jonger dan Jezus. Als zijn brieven niet bewaard waren gebleven, hadden we een totaal ander christendom gehad, waarschijnlijk meer joods van karakter. Door de invloed van Paulus is het christendom meer hellenistisch ingekleurd. Ik ben het niet eens met de onderzoekers die benadrukken dat Paulus in een farizees milieu is opgevoed. Hij is opgegroeid in Tarsus, Klein-Azië, in een joods-hellenistisch milieu, waar Grieks de voertaal was. Zijn theologie is beïnvloed door dat milieu en door de filosofische stromingen die in de hellenistische wereld populair waren. Pas later dreef zijn rusteloos religieus zoeken hem naar Jeruzalem, waar hij radicaliseerde. Vanaf de tweede eeuw is het christendom sterk door hem gekleurd. Het Oude Testament werd door de bril van Paulus gelezen, de evangeliën werden ingepast binnen zijn theologie. Dat probeer ik in mijn Paulusonderzoek nu weer uit elkaar te halen.”

En Paulus de systeembouwer?
“Hij had wel een systeem in zijn hoofd. Hij leefde met het wereldbeeld van Empedocles, met de vier elementen, en ontwikkelde zijn theologie met middelen ontleend aan het middenplatonisme, een synthese van platoonse en stoïsche filosofie. Zijn toekomstperspectief was de komst van een geestelijke wereld die een eind zou maken aan dit aardse tranendal van zonde en dood. In die hellenistische context moet je Paulus lezen en begrijpen. Paulus was veel minder aards en veel geestelijker gericht dan de Aramees-joodse ‘theologie’ van zijn dagen. Maar zijn brieven zijn echte brieven, geen gestileerde en weloverwogen teksten. Hij schrijft soms slordig, bewandelt nogal eens zijpaden en herneemt niet altijd zijn betoog. Dat is dus geen systematische uiteenzetting: een echte systeembouwer of dogmaticus vind ik hem niet.”

U vertelt dat hij in Jeruzalem is geradicaliseerd door zijn kennismaking met het farizeïsme. Hoe joods was hij?
“De jonge Paulus toont zich als een religieuze zoeker in een spagaat: met één been in het jodendom en één been in het hellenisme. Hij is ook heel cerebraal ingesteld – kennis speelt een belangrijke rol in zijn brieven – en besloot op een gegeven moment naar Jeruzalem te gaan om het oorspronkelijke jodendom op te zoeken. Misschien zou dat een antwoord bieden op al zijn vragen. Hij radicaliseerde onder invloed van de strenge, conservatieve vleugel van de farizeeën en deed mee aan de vervolging van de leerlingen van Jezus. Maar al die radicaliteit leverde hem niets op. Weliswaar leerde hij de geboden van de Tora kennen, maar zijn zonden werden daardoor alleen maar groter, schrijft hij in een van zijn brieven. Die radicaliteit bleek maar een korte fase in zijn leven te zijn. Ik ben het dan ook niets eens met onderzoekers die hem en zijn theologie als farizees en oerjoods proberen te duiden. Die nemen de teksten uit de Handelingen te serieus als biografisch betrouwbaar. Maar die teksten heeft de auteur, Lucas, vanuit een meer Aramees-joodse context opgesteld om zijn eigen messiaanse strategie uiteen te zetten.
De brieven van Paulus en de Handelingen worden te vaak harmoniserend gelezen. Het Nieuwe Testament is een bibliotheek met geschriften van schrijvers die over tal van zaken met elkaar van mening verschillen, heel gebruikelijk in het jodendom. Je moet rekening houden met de datering van de geschriften, met hun context en interactie, met hun wijze van Schriftgebruik en vooral met de intenties van de auteurs. Als je ze zo onderzoekt, ontstaat er reliëf en dan kun je als onderzoeker dichterbij de oorspronkelijke bedoelingen van de schrijvers komen.”

Hoe ziet u Paulus’ bekering op weg naar Damascus, het beroemde verhaal dat Jezus hem verschijnt en hem zegt zijn radicaliteit te verlaten en volgeling van hem te worden?
“De religieuze zoeker zag, misschien wel na een doorwaakte nacht, het licht. Over dat visioen heeft hij geschreven. Hij ervoer dat Jezus hem rechtstreeks had geroepen vanuit hemelse sferen. Daarmee legitimeert hij het zendingswerk dat hij gaat doen. Hij stond voor zijn idee dus niet in een gezagsrelatie tot de apostelen in Jeruzalem, hij kon zijn eigen gang gaan, want hij was persoonlijk aangesproken door Jezus zelf, al had hij die tevoren nooit ontmoet zoals de andere leerlingen wel. En zo kon hij aan zijn reizen beginnen.
Daarover bestaat vaak het beeld van de grote prediker, rusteloos op weg en van vervolging naar vervolging, om het evangelie te verkondigen in de synagogen van de diaspora. Zo ging het niet. Dat synagogebezoek komt alleen in de Handelingen voor en behoort tot Lucas’ messiaanse strategie: eerst de joden, dan de heidenen. In de brieven van Paulus komt het woord ‘synagoge’ helemaal niet voor. Paulus werkte gewoon in de steden die hij bezocht, hij was tentmaker. In het Romeinse leger én in het hete klimaat van het Nabije Oosten waren veel tenten en tentdoek nodig. Hij reisde dus rond en deed zijn werk, sprak mensen aan, liet zich uitnodigen, en zo kwamen er wat we nu gesprekskringen zouden noemen. In de hellenistische wereld wemelde het van zulke ‘verenigingen’. Zo ontstonden rond Paulus huisgemeenten waarin samen gegeten en onder zijn leiding geleerd werd. Het beeld van Paulus als fulltimeprediker is later romantiserend teruggeprojecteerd op zijn levensverhaal ter bevestiging van kerkelijke ambten.”

Paulus leefde in een wereld met veel slaven. Er zijn theologen die hem daarom politiek proberen te lezen, hem de apostel van de vrijheid noemen. Hoe politiek was Paulus volgens u?
“Niet. Ook dat wordt ingelezen vanuit een bepaald politiek-theologisch standpunt. Dat Christus koning wordt genoemd, wil bijvoorbeeld niet zeggen dat daarmee een scherp oordeel over de vergoddelijking van de Romeinse keizer werd geveld. Vergoddelijking van mensen was in het hellenisme een bekend verschijnsel, maar werd door vrijwel alle joden volstrekt afgewezen. Paulus interesseerde zich eigenlijk niet voor de stoffelijke wereld. Deze wereld gaat voorbij, er komt een andere geestelijke wereld, ons lichaam wordt getransformeerd naar een geestelijk lichaam. Daar is hij mee bezig. Hij is ook totaal niet geïnteresseerd in het aardse leven van Jezus. Daar vind je in zijn brieven vrijwel niets over, terwijl zijn teksten toch de oudste schriftelijke bronnen zijn waarin Jezus voorkomt.
Voor Paulus is de slavenwereld een realiteit. Alleen in de nieuwe, geestelijke geloofsgemeenschappen van de christusgelovigen mag geen onderscheid gemaakt worden tussen slaven en vrijen, schrijft hij. Maar als in het briefje aan Filemon de weggelopen slaaf Onesimus teruggestuurd wordt naar zijn meester, wordt Filemon gevraagd deze slaaf terug te nemen en als broeder te behandelen, maar niet om de slaaf vrij te laten.”

Ik vind de teksten van Paulus’ brieven vaak zo opgewonden van toon. Valt er iets te zeggen over Paulus’ karakter?
“Ik denk dat je wel kunt zeggen dat Paulus een temperamentvolle man was. Hij is heel gedreven en zal heus af en toe wat overdreven hebben, bijvoorbeeld als hij opsomt hoeveel hij voor zijn missie niet heeft moeten doorstaan: gevangenschap, schipbreuken, stokslagen, een steniging zelfs. Maar het was een gewelddadige wereld waarin hij leefde. Hij leefde sterk mee met de problemen die zich in de verschillende gemeenschappen voordeden. Hij kende als hellenistische jood de discussies in zijn joodse milieu: wat waren ‘echte’ joden en hoe verhielden die zich tot de kring daaromheen van belangstellenden, ‘godvrezenden’ genoemd. Moest je als je erbij wilde horen je als man laten besnijden? Veel godvrezenden waren daartoe geneigd. Sommigen die die hobbel genomen hadden, werden meteen het meest fanatiek en eisten het ook van de anderen. De actualiteit daarvan lees je in Paulus’ brieven terug. Maar Paulus heeft daar zijn eigen religieuze fanatisme tegenover gezet door fel – en soms zelfs grof – de besnijdenis te bestrijden.”

Er is weer van verschillende kanten, onder theologen en filosofen, een oplevende belangstelling voor Paulus. Vindt u dat terecht?
“Jazeker. Paulus’ impact op de geschiedenis is enorm. De theologie van het christendom is ondenkbaar zonder Paulus. Maar van mij mag er in de theologie veel meer discussie zijn over de hermeneutische uitgangspunten waarmee het Nieuwe Testament benaderd wordt: hoe voorkom je dat je zo leest dat je steeds uitkomt bij wat je toch al geloofde? Dat geldt ook voor wie in Paulus per se een farizees theoloog wil zien. Maar er zijn helaas ook nog steeds theologen die de joodse context van het Nieuwe Testament nauwelijks meenemen in hun beschouwingen.
Ik begrijp ook de belangstelling van moderne filosofen voor Paulus. Het gaat bij Paulus om grote thema’s als individualiteit en universaliteit. Hij is daarin sterk door de stoa beïnvloed, zoals ik in mijn volgende boek wil aantonen. De hellenistische wereld vertoont veel overeenkomsten met die van ons. Er is sprake van globalisering, migratie, religieus radicalisme – dat maakt van Paulus een belangrijke denker over actuele thema’s. Of je het nu met hem eens bent of niet.”

Paspoort

Peter van ’t Riet (Broek op Langendijk, 1948) is als selfmade theoloog een specialist in het joodse karakter van het Nieuwe Testament.
● Studeerde wiskunde en psychologie aan de Vrije Universiteit, promoveerde op een onderwijspsychologisch onderzoek en werkte in het hoger onderwijs.
● Raakte in de jaren ’70 geboeid door het jodendom van de eerste eeuwen van de christelijke jaartelling en ging zich daarin verdiepen.
● Publiceerde als onafhankelijk onderzoeker twaalf boeken en veertig brochures over joodse en bijbelse onderwerpen, speciaal het joodse karakter van de evangeliën en Paulus. Hij houdt lezingen en heeft een uitgeverij ‘aan huis’. Schreef recent het eerste deel van Paulus’ jeugd en jonge jaren – zijn vorming en scholing in een hellenistisch-joods milieu (320 blz., € 22,50, te bestellen via www.folianti.com).

Meer over zijn werk op www.petervantriet.nl