Het kwaad onder ogen zien

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
De confrontatie met het kwaad ontlokt mensen bittere algemene uitspraken: ‘De mens is geneigd tot alle kwaad’, ‘het leven is lijden’, ‘de wereld is een tranendal’. Zulke uitspraken getuigen van een cynische blik. Filosoof Friedrich Nietzsche wijst een andere weg.

Tekst: Daniël Zevenhuizen Beeld: Francisco de Goya y Lucientes, Heksensabbat (1821-23; header)

Je kunt de krant niet openslaan, de televisie aanzetten of de smartphone ontgrendelen, of de boodschap dient zich aan: de wereld staat in brand. Moord, marteling en misbruik zijn aan de orde van de dag. Terroristen openen het vuur op geloofsinstellingen, kinderen worden het land uitgezet en advocaten kunnen de deur niet meer uit. Het zijn de verschillende gezichten van het kwaad.

De ervaring van het kwaad roept lastige vragen bij ons op. Waarom is er eigenlijk kwaad? En waar komt het vandaan? De aanleiding voor die vraag is vaak treurig, maar het antwoord nog treuriger: ‘de mensheid is verrot’. In zo’n uitlating onthult zich onze cynische blik.

Cynische blik

Deze wereld – een wereld waarin vreselijke gebeurtenissen plaatsvinden – is geen goed oord. Die conclusie verbinden we aan onverklaarbaar leed en de onacceptabele toestand die dit leed veroorzaakte. We staan aan de grond genageld, terwijl we deze ultieme misstand gadeslaan.

We weten niet goed wat we met het kwaad aan moeten. Daarin verschilt kwaad van zomaar een misdaad. De misdaad wordt door de wet gedefinieerd: ‘gij zult niet stelen.’ Doe je dat dan wel, dan ben je verkeerd bezig en kun je straf verwachten. Voor elke misdaad is er een strafprocedure. Het kwaad is anders. Het heeft een andere omvang, maar ook een geheel andere aard. Het kwaad is niet zomaar ‘een boel hele erge misdaden bij elkaar’. Nee, het kwaad is werkelijk onbegrijpelijk; iemand die zich zó vergrijpt, is monsterlijk en mensonwaardig.

Het kwaad zet de zingevende kaders waarin we ons leven plaatsen op losse schroeven. Kind-zijn, bijvoorbeeld, betekent: een leven vóór zich hebben, iets waarop het kind zich spelenderwijs lerend mag voorbereiden, zonder al te veel verantwoordelijkheid. Het kind moet daarbij steeds meer kunnen ondernemen, waardoor het met zijn omgeving leert omgaan. Wat betekent het dan, als een beschonken spookrijder het kind dodelijk ramt?

Het betekent niet, althans niet onmiddellijk: ‘We moeten het aantal alcoholcontroles opschroeven’; of: ‘Die vent moeten ze voor het leven opsluiten!’; of ook: ‘Mijn kind had nooit alleen naar buiten mogen gaan’. Er is immers geen oplossing; het kwaad is al geschied. Het kind is niet meer. Er is geen protocol voor het kwaad, alleen voor de nasleep.

Achter elke uiting van kwaad zien we de onomkeerbaarheid van een wandaad, en het onverklaarbaar onrecht dat ons wordt aangedaan. Die onverklaarbaarheid vertaalt zich naar de onverbeterlijkheid van de dader. Die verdoemen we het liefst tot in het zevende geslacht. Dat laatste is niet een willekeurige toevoeging; achter de verdorvenheid van de dader zien we zijn afstamming van een geslacht dat al geen haar beter kan zijn dan hij. Die stamboom heeft immers een duivel voortgebracht.

Inzicht in de doortastendheid van het kwaad ontlokt ons bittere algemene uitspraken: ‘De mens is geneigd tot alle kwaad’, ‘het leven is lijden’, ‘de wereld is een tranendal’. Zulke uitspraken getuigen van een cynische blik: achter tragische gebeurtenissen móet een kwade wil schuilgaan, of een algeheel verdorven toestand, die we dan eventueel de mensheid als zodanig aanrekenen.

Vergelding

Het feit dat we menen dat een kwalijke gebeurtenis ten diepste verdorven is zonder ook maar iets van de dader of zijn herkomst te weten, kan nooit een uitspraak over het hele mensdom, of zelfs over de wereld als zodanig rechtvaardigen. De treurige uitspraak is een onmiddellijke reactie op een ervaring van kwaad; een kwellend onderbuikgevoel. De meesten van ons, zeker de mensen die direct getroffen zijn, zullen dat gevoel nooit ontstijgen. Iemand die zijn kind verloor aan een maniakale joyrider is voor het leven getekend door wrok en wantrouwen.→

De volledige tekst lezen? Abonnees van Volzin ontvangen bij verschijning van de nieuwe Volzin een e-mail met een link naar de digitale editie. Nog geen abonnee? Klik dan hier.