FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 28 February 2019 11:43

Geloven in brexit

Aartsbisschop Welby en premier May Aartsbisschop Welby en premier May Tekst: Joost Röselaers Beeld: Hollandse Hoogte

Joost Röselaers maakte als predikant in Londen de aanloop naar de brexit van zeer nabij mee. Hij stelt vast: Europa was voor de Britten een keuze vanuit het verstand maar nooit vanuit het gevoel. Hoe nu verder? “Het verdedigen van het kosmopolitisch ideaal is een heilige opdracht, dwars door alle weerstand en tegen het tijdsbeeld in.”

De naderende brexit laat ook geloofsgemeenschappen in Engeland niet onverschillig. Hoe zou het anders kunnen, brexit is al twee jaren lang het onderwerp van gesprek op het eiland. Het is ook een onderwerp dat soms beter gemeden kan worden. Een dagblad gaf in december een aantal tips voor een geslaagd kerstdiner. Bovenaan stond: ‘don’t mention Brexit!’. Brexit heeft families gespleten, ook politieke families, verenigingen en geloofsgemeenschappen. Ook de kerk heeft zich met dit cruciale onderwerp beziggehouden, de Church of England met name, en uiteindelijk besloot deze kerk om stelling te nemen. Of dat verstandig is? Brexit is meer dan zomaar een politiek besluit. Het raakt aan de wezenlijke vraag naar identiteit, een vraag die ten diepste ook spiritueel is. De kerk kan dan niet afzijdig blijven. Voor mijn eigen identiteit was de keuze voor brexit tenslotte een buitengewoon teleurstellende. Ik heb in de jaren dat ik als predikant in Londen werkte, iets van een kosmopolitische identiteit ervaren. Dat lijkt nu allemaal heel ver weg. En toch houden we de moed erin.

Anglicaanse kerk
Ik richt mij nu voornamelijk op de anglicaanse kerk. De Church of England is niet alleen de grootste kerk van het Verenigd Koninkrijk, maar ook de staatskerk. Dat maakt haar positie bijzonder interessant. Een groot aantal bisschoppen maakt deel uit van het Hogerhuis (de ‘Lords spiritual’). De aartsbisschop van Canterbury, hoofd van de kerk, speelt een prominente rol in de Britse samenleving. Hij is in zijn positie een naaste adviseur van het staatshoofd, koningin Elizabeth. Maar ook in het dagelijkse leven speelt deze kerk een centrale rol in de samenleving. In onze tijd in het Verenigd Koninkrijk woonden wij in een dorpje net buiten Londen. In het hart van het dorp, naast de pub, was de anglicaanse kerk. Dit kerkgebouw was de plek van ontmoeting voor het dorp. En zeker niet alleen op zondagochtend. De kerk organiseerde ook activiteiten voor bijvoorbeeld vaders van jonge kinderen. In december was er in de aanloop naar kerst elke dag wel iets te doen in de kerk. De anglicaanse priester speelde een zeer gewaardeerde en verbindende rol in de gemeenschap. Zij was er altijd bij, herkenbaar aan haar dog collar, haar priesterboord. Zij opende de kermis, leidde de herdenking van de Eerste Wereldoorlog en adviseerde regelmatig de burgemeester. En het maakte ten slotte niet uit of je lid was van de kerk of niet. Sterker, je kunt helemaal geen lid worden van de anglicaanse kerk. Want iedereen hoort erbij. En je mag altijd een beroep doen op de kerk. Dat was een bevrijdend gegeven, je bent er als kerk vol overtuiging voor de brede samenleving – kerkelijk of niet.
Welnu, wat moet zo’n instituut, dat nog steeds op brede waardering kan rekenen en waar een groot draagvlak voor is, met een splijtzwam als de brexit? Het was geen optie om afzijdig te blijven. Daarvoor is de impact eenvoudigweg te groot op het leven van talloze mensen eenvoudigweg te groot.

Priesterlijke toon
Aartsbisschop Justin Welby nam de uitdaging aan. Van hem is al langer bekend dat hij hartstochtelijk tegen een brexit is, maar hij liet zich daar in het openbaar niet uitgebreid over uit. Hij koos voor een andere rol, die wat mij betreft zeer passend is bij zijn functie en bij de taak van de kerk. Welby publiceerde vorig jaar een voortreffelijk boek, Reimagining Britain – foundation of hope. Hij biedt daarin perspectief voor een nieuw begin. Het post-brexittijdperk vergelijkt hij met 1945. Ook toen moest er gewerkt worden aan een nieuw fundament voor de Britse identiteit, na een gebeurtenis die het land op zijn grondvesten deed schudden. Reimagining vind ik een prachtig woord: ‘opnieuw verbeelden’. Welk beeld maken wij ons van onszelf en van onze toekomst? En welke verhalen horen daarbij, om die beelden te benadrukken?
Welby slaat in zijn boek een haast priesterlijke toon aan. “Ik geloof”, zo schrijft hij, “dat de waarden die we in ons christelijke erfgoed vinden – compassie, edelmoedigheid en solidariteit, om er enkele te noemen – een bron van hoop en wijsheid bevatten voor Groot-Brittannië in de 21-ste eeuw, eens te meer nu we terecht het feit omhelzen dat we een multireligieuze en multiculturele samenleving zijn geworden.” Met woorden als deze neemt Welby het Britse volk aan de hand en wijst hij zijn landgenoten op een mogelijk nieuwe toekomst: Nee, niet alles is verloren! Er is genoeg om onze identiteit op te bouwen.
In een postseculiere samenleving die ook het Verenigd Koninkrijk aan het worden is , neemt Welby het op voor de christelijke traditie en de bijbelse verhalen. Hij doet dat met een zelfverzekerdheid die wij in Nederland verleerd zijn. Hij eist als hoeder van de kerk zijn (wezenlijke) deel van het fundament van de Britse samenleving op. De bijbelse verhalen bieden volgens hem perspectief op een sociale samenleving die leeft uit de hoop. Brexit mag dan een keuze zijn voor isolement, dat betekent niet dat het land al zijn wortels achter zich laat en definitief en volop kiest voor een neoliberale toekomstvisie, zo waarschuwt hij. “Volgeling van Jezus Christus zijn heeft ons altijd ten diepste geconfronteerd met de vraag hoe wij andere mensen behandelen en hoe wij als persoon, gezinnen en gemeenschappen leven. Wij staan niet buiten de wereld. Ons de wereld niet aantrekken is geen optie omdat God is wie Hij is.”
In tijden van onzekerheid bood Welby met deze publicatie hoop. Zijn boek werd in de media en in de kerk lovend ontvangen.Login om meer te lezen

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda