FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 21 February 2019 12:04

Zeemanskerken zonder zeelui

Noorse Kerk, Rotterdam Noorse Kerk, Rotterdam Tekst: Willem Pekelder Beeld: Dirk Hol

Ook de Scandinavische zeemanskerken in Rotterdam hebben te lijden onder leegloop. Zeelui komen er al jaren nauwelijks. Met kerstmarkten houden de kerken het hoofd boven water. Zeeman Peter Wedell-Neergaard uit Denemarken: “Ik denk dat voor de meeste zeelieden de zeemanskerk meer een connectie is met thuis dan met het lutherse geloof.”

‘Kijk”, zegt Anders Rengefors, terwijl hij in de verte naar de Veerhaven wijst, “daar lagen ze vroeger, de schepen uit Zweden.” We bevinden ons in de Zweedse zeemanskerk in Rotterdam, gehuisvest in een monumentaal pand aan de deftige Parklaan. Ooit was het godshuis vooral een sociaal trefpunt van Zweedse zeelieden, nu is dat voorbij. “We doen helemaal niets meer voor hen”, erkent Rengefors, voorzitter van de kerkenraad.
In het herenhuis, met afwisselend parket en marmer op de vloer en prachtige lambriseringen tegen de wand, herinneren oude postvakken aan de tijd dat matrozen hier hun krantje lazen. Later werden het leesvoer aan boord gebracht, toen de afstand naar de haven steeds langer werd. Vanaf eind jaren vijftig verplaatsten de havens zich van de binnenstad naar Europoort en later de Maasvlakte, soms vijftig kilometer rijden. Tegelijkertijd werden de aanmeertijden steeds korter.

Goedkope Aziaten
“In de jaren zeventig en tachtig reed de dominee veelvuldig met de kerkbus naar het havengebied”, memoreert Rengefors (61). “En desgewenst hield hij een lutherse dienst aan boord.” Maar ook daaraan kwam een jaar of tien geleden een einde, simpelweg omdat de crew op Zweedse schepen bijna alleen nog maar uit (goedkopere) Aziaten bestond. “Hooguit de officieren zijn nog Zweeds”, weet Rengefors.
Nu is de kerk in het Scheepvaartkwartier voornamelijk het domein van zo’n 250 Zweedse families in Nederland, van wie zondags ongeveer vijfentwintig zielen de dienst bijwonen. Minder bezoekers, minder inkomsten en gelijkblijvende kosten, de Svenska kyrkan zit in precies hetzelfde schuitje als de Nederlandse kerk. Inmiddels moeten de Zweden in opdracht van de moederkerk in het thuisland hun pand verkopen. “We hopen één verdieping terug te kunnen huren voor onze eigen activiteiten”, zegt Rengefors, die 37 jaar geleden voor zijn werk in de computerbranche naar Nederland kwam.
“Tien jaar geleden hadden we nog zo’n acht betaalde medewerkers. Nu nog maar twee: de dominee en één fte voor de administratie. De dominee wordt vanuit Zweden betaald, de administratie bekostigen we zelf.” De opbrengst van de kerstmarkt – bruto omzet afgelopen jaar veertigduizend euro – alsmede giften en donaties zijn daarbij een belangrijke inkomstenbron.
Het zal niet meevallen om afstand te moeten doen van Parklaan 5, mijmert de voorzitter van de kerkenraad. “We zitten hier al sinds 1947, toen de zeemanskerk, die in 1909 in Rotterdam begon, het pand voor een vriendschappelijke prijs kon kopen van een reder.”
Hij geeft een rondleiding door de gemeenschapsruimte, waar flessen glühwein (glögg op z’n Zweeds) herinneren aan de voorbije kerstmarkt. In de royale tuin bevinden zich een zwembad en een sauna (met logeerkamertje), gratis te gebruiken voor leden van de Zweedse kerk. “Ik hoop dat we een kerk kunnen blijven voor de Zweden en belangstellende Nederlanders”, sluit Rengefors af. “En dat we door kunnen gaan met ons diaconale werk, zoals zieken- en gevangenenbezoek. Gelukkig hebben we wel steeds meer vrijwilligers.”Login om meer te lezen

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda