FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 2

    VOLZIN 2019: NUMMER 2

    Volzin-special: In de ban van Paulus ‘Paulus was een rusteloze religieuze zoeker’Selfmade theoloog
    30 januari 2019 - Lees meer
dinsdag, 05 February 2019 14:06

Denkers van nu: Ludwig Wittgenstein

Denkers van nu: Ludwig Wittgenstein Tekst: Elze Riemer

Wat kunnen wij weten? Wat mogen wij hopen? Wat moeten we doen? Dat zijn de eeuwige vragen van de filosofie. Elze Riemer geeft het antwoord van twaalf ‘denkers van nu’ en legt daartoe haar oor te luisteren bij kenners. Aflevering 1: arts en filosoof Bert Keizer over Ludwig Wittgenstein. “Als je Wittgenstein leest, valt er een hele hoop van je af. Het is niet dat je veel bijleert, er valt vooral heel veel van je af. Hij is steeds bezig om onze betovering door taal, onze misverstanden over taal, te doorbreken.”

Voor de meesten van ons is het werk van de Oostenrijkse filosoof Ludwig Wittgenstein (1889-1951) moeilijk te begrijpen. Laat staan dat we het op waarde weten te schatten. Een grote en belangrijke denker, zo wordt ons verteld. Maar waarom dan? Arts en filosoof Bert Keizer (1947, Amersfoort) legt het ons uit. In 2000 schreef hij het boek: Ludwig Wittgenstein: Taal, de dwalende gids, voor mensen die nog niks van hem afweten. Hierin beschrijft hij met veel plezier en enthousiasme het leven en werk van de filosoof.
De geheel nieuwe wijze waarop Wittgenstein naar taal kijkt ervaart Keizer als een groot avontuur. Hij stelt dat de filosofie van Wittgenstein ons niets oplevert, maar ons juist een hoop afleert. Precies daarin vindt Keizer rust en troost; op zijn sterfbed zou hij het boek Over zekerheid van Wittgenstein graag voorgelezen krijgen. Toch schrijft ook Keizer voorin zijn boek: “Ik ben blij als ik er iets van begrijp.”

Wittgenstein wordt ook wel een filosoof voor filosofen genoemd. Kan een gewoon mens ook iets met zijn filosofie?
“Voor veel mensen is Wittgenstein ontoegankelijk. Ik denk omdat hij een filosoof is die een aantal problemen oplost waar je eerst wel in vast moet zitten, wil je wat aan hem hebben. Hij streed tegen een bepaalde verwarring in taal, die je wel als verwarring moet ervaren wil je zijn filosofie als verlossing ervaren. Hij heeft gezegd: ‘Filosofie is de strijd tegen de betovering van ons intellect door de taal’. Wat je ook zou kunnen zeggen is: ‘Filosofie is de strijd tegen de betovering van ons intellect door Plato’. Neem de betovering in mijn eigen achtergrond. Ik kom uit een katholiek wereldbeeld. Daarin is de aarde een voorbereiding op wat hierboven, hierachter of hierna komt – een ander veel interessanter en essentiëler leven, dat eeuwig overeind blijft. Plato is de filosoof die als eerste daar een redenering aan heeft verbonden, aan wat die eeuwigheid eigenlijk betekende. Eeuwigheid betekende voor hem zoveel als een altijddurende, nooit voorbijgaande vastigheid. Hij sprak ook over het ware, het mooie en het goede, dat buiten de tijd overeind blijft. Waar Nietzsche je uit dat denken en de platonische hemel trapt, leidt Wittgenstein je eruit, op een hele mooie en subtiele manier.”

Waarom moet je uit dat denken geleid worden?
“Omdat er niks eeuwigs is. De geschiedenis van de filosofie over de afgelopen twintig eeuwen is een heel langzaam omlaagdalen uit de platonische hemel, om uiteindelijk op de planeet aarde terecht te komen. We zitten nu met de missie om onszelf uit te leggen, in termen die geheel ontleend zijn aan de oppervlakte van deze planeet. Het heeft geen zin om te zeggen: ‘het goede komt van...’, of ‘het mooie komt van...’ – daar zijn we van af. We staan nu bij wijze van spreken met drie benen op de grond. Wittgenstein is ons hierin voorgegaan. En bij iedere poging van ons om weer de lucht in te gaan, haalt hij ons terug.”

Waarom bent u zo enthousiast over Wittgenstein?
“Ik word gelukkig van Wittgensteins filosofie, zoals ik vrolijk word van de muziek van de Beatles. Het is een intrinsieke vreugde, zoals andere kunstvormen dat ook zijn. Ik ben enthousiast over Wittgenstein, maar ik ben niet enthousiast over wat mensen denken dat het effect van filosofie is. Dat je op een of andere manier te rade kan gaan bij filosofie, om er iets uit te putten voor de invulling van je dag. Onzin. Je zegt toch ook niet na afloop van een concert: wat moet ik hier verder mee vandaag? De vreugde zat in het luisteren. Bij Wittgenstein zit de vreugde in het denken. Hij is een van de leukste filosofen om te lezen, omdat het een heerlijk avontuur is. Als je hem leest, valt er een hele hoop van je af. Het is niet dat je er veel bijleert, er valt vooral heel veel van je af.”

Hij leek er zelf niet al te veel lol in te hebben. Het was een getormenteerde man die moeizaam door het leven ging.
“Zo zie je maar weer: filosofie heeft niks met levenskunst te maken. Als arts kom ik veel levenskunst tegen, maar dat krijg je niet door een cursus filosofie te volgen hoor. Dat is een talent. Wittgenstein heeft een talent voor filosofie, niet voor het leven. Daar ging alles steeds fout. Het was een eenzame man, een tobber. Het zat ook in de familie; drie van zijn broers pleegden zelfmoord en zelf dacht hij er ook regelmatig aan. Hij legde de lat enorm hoog voor zichzelf, vooral in moreel opzicht – echt zo’n zuiverheidsideaaltype. Die zijn altijd doodongelukkig en mislukt als het gaat om intermenselijke relaties. In zijn filosofie was hij daarentegen geen tobber, daar komt hij juist heel speels en onverwacht uit de hoek. Vergelijk het met Jimi Hendrix, dat was eigenlijk een heel verlegen man die niet echt uit de verf kwam in een een-op-eengesprek. Maar als hij in zijn element trad, met zijn gitaar, dan was hij op een meesterlijke wijze aanwezig.”Login om meer te lezen

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda