FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 26 November 2018 10:00

Eén stuifje meel

Eén zin
Eén zinnetje te hebben opgezongen,
één dat opgenomen wordt door u,
en door u, wind archaïsch opgestoken
moedertaal onstuitbaar ongedurig
voort zich waaiend medenemend
stuifmeels o het ene zinnetje, voort
te zijn gedreven en omwemeld
door van iedereen een binnenzin, 
één stuifje meel mee mee met u,
één stem zich mengend in de ene melodie
die klinkt zoals u waaiende
ons opgetild doet waaien
en gaan liggen ging u niet, niet u.

Willem Jan Otten (1951)

“Een ongelooflijk gedicht hè. Het is een soort rebus, een cryptogram. Ik snap het nog steeds niet helemaal, maar dat is juist leuk. Ik heb mijn muziek gebruikt om dichterbij het gedicht te komen. Het gaat over taal, over muziek. Het is een heel muzikaal gedicht. Willem Jan heeft het ook zo geschreven; hij wist dat ik dit op muziek zou zetten. Ik heb me erdoorheen geploeterd. Zo klinkt de muziek ook: alsof je het gedicht leest en niet helemaal begrijpt. De zangers herhalen soms een zin, dan wat sneller, dan wat langzamer; ze staan af en toe stil om je even tijd te geven om na te denken. Het gaat over iets wat we niet kunnen zien, maar het klinkt wel, en het is iets heel belangrijks. Het is één lange zin, met prachtige woorden erin. Opgezongen. Omwemeld. Eén stuifje meel. Wel jammer dat hij aan het eind die punt heeft gezet; daardoor heeft het toch iets eindigs. Ik heb het gedicht muzikaal ontleed, maar ga niet zeggen dat ik het allemaal begrijp. Maar moet alles betekenis hebben, in eerste instantie? Het zou kunnen dat ik straks bij de première, als de zangers het stuk zingen en ik in de zaal zit, pas weet waar het over gaat.

Met de andere gedichten die ik voor Psalm 151 op muziek zette had ik minder moeite; die kon ik lezend al begrijpen. Het is een oud idee van me om dichters te vragen een nieuwe psalm te schrijven. De psalm is natuurlijk een fossiel binnen de literatuur, niemand schrijft meer psalmen. Ik heb in het verleden veel godsteksten op muziek gezet: de Mattheus Passie, werk van Luther, psalmen. Dit keer dacht ik: waarom weer iets van eeuwen geleden, waarom niet iets van nu? Ik was benieuwd waar levende dichters staan. Ik heb er twintig aangeschreven. Sommigen zagen er geen brood in, acht wel; zij konden zich losmaken van het godsdienstige gewicht dat aan de psalm kleeft. Mijn muziek is dienstbaar aan hun teksten; ik heb niet heel ingewikkeld gedaan, want dan kan de zaal het niet meer vatten. Ik vind het fascinerend om zo te kijken hoe je nog beweging kunt krijgen in een strak gedefinieerd genre als de psalm. Zo heb ik dat ook met andere fossielen gedaan: opera, recital, oratorium. Een opera schrijven die niet echt een opera is, een recital dat geen recital is -- dat vind ik spannend. Ik ben een postmodernist hè, ook in de muziek. Ik ben in het theater grootgebracht, dat is een heel flexibele kunstvorm. De muziekwereld is veel conservatiever. Daar zit je in een enorme dressuur. Kennelijk wil ik me van die knellende banden verlossen en geeft dat me de energie om al die noten te schrijven.

Religie als maatschappelijk fenomeen interesseert me, maar ik ben allergisch voor oeverloos gezwets over geloof en zingeving. Wat geloof voor het individu betekent en of God bestaat en zo -- daar doe ik niet aan mee. Ik ben katholiek gedoopt en opgevoed, geloof was een soort vanzelfsprekendheid. De muziek, de rituelen en het theater vond ik prachtig. Maar de onrust kwam al snel, omdat ik in Nederlands Nieuw Guinea niet met de Papoea’s mocht spelen. Dat waren heidenen, die gingen naar de hel. En dan dat biechten, als twaalfjarig jongetje… bbrrr. Nee, ik ben blij dat ik verlost ben van de katholieke club. Naast die opluchting is er een soort heimwee. Want de katholieke traditie heeft ongelooflijk mooie dingen voortgebracht: hele busladingen vol componisten die tot op krankzinnige hoogte gedreven meesterwerken schreven, omdat ze ergens in geloofden.”

Boudewijn Tarenskeen (Hollandia Haven, 1952) is componist. Hij studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en componeert sinds 1976 muziek voor o.m. orkest, ballet, theater en film. In 2009 ontving hij de Matthijs Vermeulen Prijs voor zijn compositie Mattheus Passie. Psalm 151, uitgevoerd door zeven zangers van Cappella Amsterdam, gaat op 10 november in Den Bosch in première. (www.barendtarenskeen.com).

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda