FacebookTwitterLinkedIn
dinsdag, 20 November 2018 10:00

Het voelt direct vertrouwd

Tekst: Kees Posthumus Tekst: Kees Posthumus

De spiritueel ingestelde weduwe herkende in de man uit haar geloofsgemeenschap direct haar zielsverwant. En andersom. Het was jammer, dat zijn vrouw daar anders tegenaan keek. Over zielsverwantschap, reïncarnatie en lust.

Wat een zegen is het dat er een blad als Happinez bestaat. Het succesvolle maandblad dient het thema spiritualiteit in haar kolommen hapklaar op, in tips, trends en tekens. Dan blijkt dat het helemaal niet moeilijk is om spiritueel te leven. Kijk naar de Intratuin-boeddha, kijk naar Erica Terpstra knuffelend met de dalai lama. Namaste.
Hoe anders dan bij theologen, die er dikwijls te veel woorden in te dikke boeken aan wijden. Of mystici, die er soms jarenlang het uitdrukkelijke zwijgen toe doen.
Happinez presenteert drie tekens waaraan je je zielsverwant kunt herkennen. Waar zielsverwant te voorbij klinkt, kiest Happinez voor soulmates. Dit zijn de drie tekens om je soulmate te herkennen. Teken een: het voelt direct vertrouwd. Teken twee: je herkent de ander, ook al ken je elkaar niet. Teken drie: het is meer dan lust. Eerlijk gezegd had ik bij het begrip zielsverwantschap nog geen moment aan lust gedacht. Terwijl ik daar doorgaans juist heel vaak aan denk.

Geliefde
Een zielsverwant hoeft niet je geliefde te worden en een geliefde niet je zielsverwant. Gelukkig maar.
Slechts heel in de verte, en zeker niet direct, herken ik hem als zielsverwant: de man van wie ik hou en met wie ik al dertig jaar mijn gelukkige leven mee deel. Hij is getrokken uit de Zeeuwse klei, maar in hem huist een Perzische ziel. Wij hebben geen idee hoe dat komt. En dat laten we zo.
Als kind al voelde hij zich aangetrokken tot geschiedenis, taal en cultuur van het grote Perzische rijk. Dat kwam door het bijbelboek Esther, dat speelt in het oude Iran. Hij bestudeerde de cultuur en leerde de taal. Op zijn zeventiende reisde hij in zijn eentje over land, door Turkije, naar Iran. Het voelde alsof hij thuis kwam.
Hij heeft zijn uiterlijk mee, donker van opslag, niet te groot en een charmante oosterse baard. In dat lichaam huist een Perzische ziel. Hij leest de Bijbel liefst in het Perzisch en begrijpt het ingewikkelde en subtiele systeem van omgangsvormen, ta’arov. Hij koos zijn eigen Perzische naam: Bahram.
Toen wij dit voorjaar samen in Iran waren, zag ik met eigen ogen dat hij daar meer thuis was dan waar dan ook. Hij betaalde bij bezienswaardigheden steevast de entreeprijs voor Perzen en kocht er een kaartje bij voor de toerist die hij gidste.
Ik herken dit totaal niet. Iran was voor mij iets met een sjah die niet deugde, een imam die terugkeerde uit ballingschap, een islamitische revolutie en veel, heel veel sluiers. In de loop van de jaren leerde ik het land beter kennen. Eerst op afstand en, toen het er veilig was, aan den lijve.
Ik waardeer daarbij vooral de fijnzinnige en veelbesproken keuken. De liefde ging door mijn maag, mijn ziel vond nooit aansluiting. Het maakt de liefde niet minder. Een mogelijke verklaring voor zijn Perzische ziel zou kunnen zijn dat hij in een vorig leven een Pers geweest is.
Terzijde: wat ons altijd opvalt, is dat men in vorige levens dikwijls een hoge positie bekleedde. Ik heb nog nooit iemand gesproken die de catering deed bij de bouw van de piramides. Of het bloed van de trappen van het Colosseum schrobde na de moord op christenen.
Het zou een verklaring kunnen zijn, maar helaas: wij geloven niet in reïncarnatie. Wij leven liever met dit onverklaarde verschijnsel: een Perzische ziel in een Zeeuws lijf.

Wie gelooft in zoiets als zielsverwantschap, zoals het is gemunt in de nieuwe spiritualiteit, moet wel in reïncarnatie geloven, redeneert Kees Posthumus. Lees verder door in te loggen of in het novembernummer van Volzin. Login om meer te lezen

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda