FacebookTwitterLinkedIn
vrijdag, 21 September 2018 10:00

Grietje van Dijk

Tekst: Willem van der Meiden Tekst: Willem van der Meiden Gerard Dou: Portret van een lezende oude vrouw.

Maria de Riviere, dominee Dina, Sara Nevius, Susanna de Wint, Grietje van Dijk… belangrijke vrouwen in de zeventiende-eeuwse kerkgeschiedenis, maar nauwelijks doorgedrongen tot de handboeken. Daarin blijft de rol van vrouwen in de kerk van de Gouden Eeuw – ook bij gebrek aan bronnen – vaak onderbelicht. Alleen Anna Maria van Schurman steekt meestal boven het maaiveld uit, maar deze formidabele vrouw kon dan ook moeilijk over het hoofd gezien worden. Onderzoekers als historica Mirjam de Baar hebben gelukkig enkele van deze onbekende vrouwen over het voetlicht gebracht. Hun leven en denken blijkt alleszins de moeite waard.

Na de synode van Dordrecht in 1619 namen de orthodoxen in de kerk van de reformatie het heft in handen en kregen dissenters het moeilijk. De veroordeling van de remonstranten als vaandeldragers van het erasmiaanse protestantisme gaf op vele plaatsen in het land gereformeerden een vrijbrief om meer vrijzinnige geloofsgenoten het vuur na aan de schenen te leggen en hen met tuchtmaatregelen te bestoken. De allerergste verdenking was ‘spinozist’ te zijn en dat etiket werd dan ook te pas en te onpas geplakt op iedereen die zich buiten de toegestane bandbreedte van de leer bewoog. Zelfstandig theologisch denken was verdacht, er waren immers vastgestelde leerstellingen en je daaraan te houden was christenplicht. Maar het wemelde in ons land van de andersdenkenden en vrouwen zongen in dit koor vaak van harte mee. Ook dat was voor scherpslijpers geen aanbeveling.
Neem Margaretha (Grietje) van Dijk, van wie een doopakte bekend is uit 1650 en een laatste levensbericht uit 1719. Zij bewoog zich in vrijdenkende kringen in Leiden, die onder andere vonden dat in de gereformeerde leer de vergeving van zonden te veel gewicht had gekregen. Dat pleit was immers al aan het kruis beslecht en de vergeving gold sindsdien iedereen.
Van Dijk moest zich met anderen, ook andere vrouwen, daarvoor verantwoorden in de kerkenraad. Haar werd ook ten laste gelegd dat ze mensen aanmoedigde de bijbelse grondtalen te leren, zodat ze zelf de Heilige Schrift konden lezen en leerstelligheden konden controleren. Van Dijk had zelf zich op het Hebreeuws gestort en gaf met anderen cursussen voor soms honderden belangstellenden. Voor de kerkenraad verdedigde ze zich met verve. Van haar is overgeleverd dat ze opponenten die tijdens een vergadering in 1690 beweerden dat het vrouwen op bijbelse grondslag verboden was godsdienstoefeningen te leiden, onomwonden tegensprak met andere bijbelteksten in haar hand – vrucht van zelfstandig Bijbel lezen, ongehoord dus.
Ze werd uit Leiden verbannen en werd later in Middelburg aangetroffen. Ook daar ging het mis. Wel mocht ze samen met een geestverwant een openbaar twistgesprek houden met twee Middelburgse predikanten. In een vijf uur durende, druk bezochte bijeenkomst wilden beide partijen van geen wijken weten. Opnieuw volgde verbanning. Op het eind van haar leven is Grietje van Dijk remonstrants geworden.

De groepen dissenters met wie Van Dijk haar denkbeelden deelden werden door de kerkelijke gezagsdragers als sekten weggezet en kregen namen als ‘hebreeën’ en ‘antinomianen’. Die laatste benaming betekent zoiets als ‘wetsbestrijders’. Dat lijkt een theologische diskwalificatie, maar welke wet hier werkelijk bedoeld werd, ligt voor de hand.
Tal van historici hebben vraagtekens gezet bij het beeld van de tolerante Republiek in de Gouden Eeuw. Natuurlijk waren de Lage Landen een toevluchtsoord voor mensen uit andere streken die daar vervolgd werden. Maar evenzeer werden in eigen gereformeerde kring andersdenkenden de maat genomen en vervolgd, zij het zonder lijfstraffen. Maar van boekverbrandingen door orthodoxe gereformeerden kent de Gouden Eeuw tal van voorbeelden.
De levensgeschiedenis van Grietje van Dijk en andere vrouwen uit de zeventiende eeuw laat zien dat vrouwen zich in die tijd stootten aan het orthodox gereformeerde plafond, maar creatief theologie bedreven en zich tegen de druk in door eigen studie en reflectie een plaats in de geschiedenis bevochten. Dat het merendeel van hen zich aan de dissidente kant van het protestantse spectrum ophield mag geen verbazing wekken. Maar met enig recht mag Grietje van Dijks hardnekkige strijd voor het recht op zelfstudie een zeer oorspronkelijke reformatorische gedachte worden genoemd.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda