FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 05 July 2018 14:32

'Of het een placebo is, maakt geen fluit uit'

Tekst: Helene Timmers Tekst: Helene Timmers Beeld: ANP Foto. Acupunctuurbehandeling in het Chinese gezondheidscentrum Yu Zu Tang in Den Haag.

Een derde tot de helft van alle Nederlanders neemt met enige regelmaat zijn toevlucht tot alternatieve geneeswijzen. Vooral onder vrouwen en hogeropgeleiden blijkt het alternatieve circuit populair te zijn. Binnen de reguliere geneeskunde heerst nog altijd de nodige scepsis ten aanzien van de alternatieve sector. Niettemin is er sprake van ‘positieve ontwikkelingen’: een vijfde van de reguliere huisartsen verwijst wel eens een patiënt door naar een alternatieve collega.

‘Iedereen heeft tegenwoordig ervaring met alternatieve geneeswijzen. Vroeger kende ik niemand die daaraan deed, maar in de afgelopen tien jaar doet iedereen cursussen, gaat naar chakra’s, yoga, mindfulness, voetreflexologie,…. Mijn eigen vriendin nota bene!” Etnoloog professor Peter Jan Margry heeft helemaal niets met alternatieve geneeswijzen. Voor het Meertens Instituut verrichte hij desondanks onderzoek naar alternatieve geneeswijzen in Nederland. Zijn conclusies publiceerde hij eerder dit jaar in het rapport Healing en ‘alternatief’ genezen, een culturele diagnose. De belangrijkste: in Nederland heeft niet slechts vijf procent van de bevolking ervaring met alternatieve geneeswijzen, zoals het CBS eerder stelt, nee, maar liefst dertig tot vijftig procent van de Nederlanders doet er iets mee. Margry: “Er is zo’n breed aanbod aan therapieën, je kan door de bomen het bos niet meer zien. Iedereen belooft van alles, buitengewoon ingewikkeld. Het gaat om balans in het lichaam, om de natuur die hersteld moet worden. Als het een niet helpt, probeer je het andere.” Alternatieve geneeswijzen worden breed gedragen in de samenleving. Margry vindt het daarom van belang om er onderzoek naar te doen. “Er zijn zoveel mensen die er baat bij hebben. Of het dan een placebo is, dat maakt geen fluit uit, vind ik.”
Margry vindt het lastig om een definitie van alternatieve geneeswijzen te geven. Daarom heeft hij in zijn onderzoek mensen een uitgebreide lijst met alternatieve therapieën voorgelegd. Die loopt van gebedsgenezers tot paragnosten tot osteopaten, van meditatie tot ayurvedische geneeskunde tot kleurentherapie. Daarmee is hij uitgebreider dan het CBS, dat zich beperkt tot de ‘klassieke’ alternatieve geneeswijzen, zoals de homeopathie en natuurgeneeskunde. Zo rekent Margry bijvoorbeeld yoga (1,6 miljoen beoefenaars) en healthbloggers tot de alternatieven, omdat die een gezonde levensstijl promoten en tips geven om je beter te voelen.
Vooral hoger opgeleiden en vrouwen bezoeken alternatieve genezers. “Hoger opgeleiden zijn aan de ene kant misschien wel kritischer, maar aan de andere kant zijn ze ook opener of flexibeler. Ze hebben in het algemeen een bredere interesse, waardoor ze eerder geneigd zijn iets uit te proberen”, denkt Margry. Over het hoge aandeel vrouwen was hij eerst heel verbaasd. “Later kwam ik erachter dat dat niet veel afwijkt van de biomedische geneeswijze. Vrouwen gaan ook meer naar de huisarts en dat heeft natuurlijk met de vrouwelijke constitutie te maken. Maar ook zwangerschappen en bevallingen tellen op.” 

Behoorlijk kortzichtig
Elisabeth van den Berkmortel is acupuncturist en orthomoleculair therapeut, een geneeswijze die veel werkt met voedingssupplementen. Ze heeft zich in het vrouwelijk lichaam gespecialiseerd en noemt zichzelf ‘vrouwengeneeskundige’. Naar ze zegt, staat ze tussen twee werelden in, de wereld van de alternatieve geneeskunde en de wereld van de reguliere westerse geneeskunde. “Voor mij is het geen óf-óf,” zegt ze. Ze vindt dat haar toegevoegde waarde ligt in het ‘én-én’. Daarom noemt ze zich liever ‘complementair’ dan ‘alternatief’. “Alternatief klinkt heel erg, alsof ik aan de zijlijn sta, maar ik werk met dezelfde mens als de reguliere therapeut.”
Van den Berkmortel heeft een stevige westerse basis. Ze heeft zelfs een aantal jaren verloskunde gestudeerd, niet omdat ze verloskundige wilde worden, maar omdat ze alles wilde weten wat een verloskundige weet. Ze heeft de studie niet afgemaakt, omdat ze in het ziekenhuis met protocollen moest gaan werken. “Ik kijk altijd naar de héle patiënt en mijn standaardzin is steeds: ‘dat hangt ervan af.’ Ik kan dus nooit zeggen dat iets 100 procent zus of 100 procent zo is. Er zijn altijd meerdere wegen die naar Rome leiden; een standaardmanier, die door een protocol wordt voorgeschreven, is daarom niet voor elke patiënt de juiste. Ik wil breder kijken dan in de reguliere wereld gebruikelijk is. Op de cliënt afstemmen, kijken wat er écht aan de hand is. Een klacht kan verschillende oorzaken hebben. Dat betekent dus dat je voor hetzelfde symptoom een andere oplossing kunt hebben. Dat maakt het ook zo moeilijk om goed wetenschappelijk onderzoek te doen naar de werking van acupunctuur. Natuurlijk kan acupunctuur geen kanker genezen”, zegt ze, “Maar het kan wel het herstel bevorderen.“ Haar Amerikaanse opleider werd in reguliere ziekenhuizen ingeschakeld ter ondersteuning. “Hier in Nederland is dat onbespreekbaar. Hier zeggen de artsen eerder: het is niet wetenschappelijk bewezen, dus het werkt niet. Dat vind ik behoorlijk kortzichtig. En als het toch geen werking heeft, kan het in elk geval niet schaden. Ik snap niet waarom ze het dan niet gewoon proberen.”

Is dit een positieve ontwikkeling? En wat zijn de ervaringen van vier patiënten die besloten om naar een alternatieve genezer te gaan? Als abonnee kun je het gehele artikel lezen door in te loggen. Het artikel is ook te vinden in Volzin juli 2018. 

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda