FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 15 February 2018 07:22

‘Ik heb ervaren: God laat je niet in de steek’

Tekst: Irene de Pous Tekst: Irene de Pous Beeld: ANP Foto

“In de cel had ik geen middelen meer om me achter te verschuilen”, vertelt gedetineerde John. “Alles kwam op me af. Alles wat ik had gedaan, de schade die ik aan anderen had toegebracht. Hier bestaat geen vergeving voor, dacht ik.” Een gesprek met de geestelijk verzorger bracht een ommekeer in zijn leven. “Ik brak en heb alles op tafel gelegd bij hem. Ernstige zaken die je niet zomaar op tafel legt. Tranen, tranen.”

In tbs-kliniek Oostvaarders huist ieders God in dezelfde ruimte. Hier hangt het liturgisch kleed van de protestanten en de katholieken over de avondmaalstafel, ligt een gebedenboek open voor een oosters-orthodoxe icoon en staan de islamitische gebedsmatjes opgerold in de kast naast een beeld van Boeddha. Aan de muur hangt een schilderij met het symbool van de gelukkige mens van de humanisten.
De multireligieuze stilteruimte is licht en kleurrijk, met grote planten en een koffiehoek en kijkt uit op de binnenplaats van de kliniek, met daarachter de wooneenheden van de patiënten. Alleen de grote rode alarmknop op de vloer herinnert eraan dat dit niet zomaar een stilteruimte is, maar een zaal in een zwaar beveiligde kliniek. En de kaarsjes, die de bewoners op ieder moment van de week kunnen aansteken, werken op een batterij.
“Alleen tijdens de vieringen gebruiken we echte kaarsen”, zegt Regien Smit, die op zaterdagochtend vieringen leidt in de zaal. Het zijn de laatste weken waarin ze als justitiepredikant werkt in de Oostvaarderskliniek in Almere. Twee jaar lang kwam ze hier naast haar baan als gemeentepredikant in Utrecht om de bewoners geestelijk te ondersteunen. Daarvoor werkte ze vijf jaar in een reguliere gevangenis in Dordrecht.
“Tijdens de voorbeden mag elke bewoner een kaarsje aansteken. Omdat de groep klein en intiem is, durft iedereen te vertellen waarom. Soms is het voor een naaste, soms ook voor iets dat er in de samenleving is gebeurd, bijvoorbeeld bij rampen. Daarna zeg ik: ‘En wij bidden mee met jou’.”
Deze voorbeden zijn het hoogtepunt van de dienst, zegt Smit. “Het is een kans voor mensen om betrokken te zijn bij elkaar en de wereld. Daarmee boor je iets aan wat in detentie nauwelijks wordt aangeboord. Het is vaak heel individueel: jij moet branden, jij moet je zelf weer op de rails krijgen en je problemen oplossen. Terwijl een mens meer is dan een individu. Samen heeft ook betekenis.”

Verbonden met God
Smit is een van de ongeveer 150 geestelijk verzorgers die in het Nederlandse gevangeniswezen werken, in reguliere penitentiaire inrichtingen, jeugdinrichtingen en tbs-instellingen. Het leeuwendeel daarvan is katholiek, islamitisch en protestants (in die volgorde). Daarna komen de humanistische raadslieden, en er zijn ook nog enkele hindoeïstische, boeddhistische, joodse en orthodoxe geestelijke verzorgers. De verdeling over de gezindten is gebaseerd op de behoefte onder gedetineerden.
De aanwezigheid van de geestelijk verzorgers vloeit voort uit het recht op het uitoefenen van je religie en het ontvangen van geestelijke bijstand, ook als je bent ingesloten. En in tegenstelling tot de maatschappij als geheel, gelooft maar liefst twee derde van de gedetineerden in God, zo blijkt uit onderzoek van UMC Radboud uit 2010. En de helft voelt zich daadwerkelijk verbonden met God. Uit ander onderzoek onder gedetineerden bleek dat meer dan zeventig procent van de gedetineerden wel eens gebruik maakt van de diensten van een geestelijk verzorger.
Waar het in het gevangeniswezen vaak gaat om de misdaad, de straf en het verloop van het detentieproces, ziet Smit het als de rol van de geestelijk verzorger om naar de hele mens te kijken. Hoe gaat het met jou? Wie ben je en wat heb je nodig? Smit: “Soms zitten we gewoon bij elkaar met veel stiltes. Vaak gaat het over wie ze hebben achter gelaten, zorgen over naasten. Soms gaat het echt om het ondersteunen van de religieuze ontwikkeling. Ik probeer niet te sturen, maar kijk echt actief waar ik kan aansluiten.”
Om gedetineerden te ondersteunen bij hun levensvragen voert Smit persoonlijke gesprekken en organiseert ze groepsbijeenkomsten waarin deelnemers aan de hand van bijbelverhalen ervaringen uit wisselen. Ook kan ze begeleide bezoeken organiseren, als een gedetineerde bijvoorbeeld behoefte heeft om met zijn familie in gesprek te gaan buiten de reguliere bezoektijden. De mensen die ze ondersteunt variëren van niet-gelovig, gelovig van huis uit tot actief religieus.
“Detentie is een breukervaring, dus mensen gaan op zoek naar hulp en krachtbronnen. Van de een op de andere dag word je uit je dagelijks bestaan gerukt. Dat roept allerlei vragen op. Levensbeschouwelijke beelden van de wereld, het leven en jezelf gaan schuiven, zeker als er partners en kinderen zijn. Vragen als: kan ik nog wel een goede partner zijn, een goede vader? En je komt in een nieuwe gemeenschap terecht, de gevangenis, met zijn eigen dynamiek”, aldus Smit.

Dubbel opgesloten
Binnen de vier muren van een cel word je genadeloos geconfronteerd met jezelf, weet ex-gedetineerde John uit eigen ervaring.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda