FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 22 January 2018 09:03

Op het terras van de waarheid

Op het terras van de waarheid Tekst: Chris Tempelman Beeld: Sander ten Napel

Chris Tempelman en zijn vrouw Monique doen een poging hun relatie te redden. Vooruit, nog één glaasje wijn of prikwater. Maar oh, die serveerster… " Al in het eerste drietal zinnen ontpopte ze zich als een enthousiast verkondigster van het woord des levens, de levende waarheid. Berustend nam ik een slok van mijn prikwater. De ogen van Monique spraken boekdelen, maar waren niet half zo sprekend als die van de jongedame."

Wat mij betreft waren we rechtstreeks naar de camping gegaan. Maar Monique had andere plannen. Schuin tegenover het restaurant was een etablissement gevestigd met de fraaie naam De Waarheid. Voor het pand waren vier tafeltjes met stoelen geplaatst. Twee ervan waren bezet. Versnaperingen werden neergezet door een persoon met een lange bruine baard. We hadden al een beetje gefilosofeerd over de achtergronden van de intrigerende naamgeving. Volgens Mo moest het wel een kerkelijke achtergrond hebben, want wie anders meende de waarheid in pacht te hebben. Monique was ronduit allergisch voor mensen die de dingen zeker weten, en al helemaal als het om godsdienstige opvattingen ging. We waren er een weekje tussenuit op de Veluwe in een poging om onze relatie te redden. Het restaurant was ons aanbevolen door de campingeigenaar. Het bleek een buffetrestaurant. Voor mij top, maar voor Mo bepaald niet. Het pleitte voor haar goede wil dat ze er geen punt van maakte. Meestal at ik trouwens te veel in zo'n tent. Daar zocht ik dan allerlei excuses voor, maar de waarheid was dat ik gewoon geen maat wist te houden.
Ook deze keer had ik te veel en te vaak opgeschept. Dat Monique na het eten de straat over stak en plaatsnam aan een tafeltje van De Waarheid, was dus niet bepaald mijn keuze. Het liefst was ik naar de camping gegaan, om me daar languit in een luie stoel of zelfs op bed neer te vlijen. Protesteren zou echter betekenen dat ik mezelf bloot zou geven, wederom zou moeten toegeven teveel te hebben gegeten.

Woord des levens
We zaten nog maar net toen baardmans zich present meldde. "Mag ik u iets aanbieden van het huis", sprak hij, terwijl hij ons streng aankeek. De vriendelijkheid van de woorden verdampte door zijn blik. Mo maalde er niet om. "Graag een glas rode wijn", luidde haar wens. "Doet u mij maar een spa rood", voegde ik er berustend aan toe. Ik had al genoeg op. Monique ook trouwens, maar haar alcoholinname stond op de lijst van beter-niet-aan-te-snijden-onderwerpen. Het leek of die lijst steeds langer was geworden in de loop van de tijd.
De drank kwam snel en werd niet gebracht door baardmans, maar door een jonge vrouw met adembenemend mooie ogen.
"Vindt u het goed als ik even bij u kom zitten", was de verrassende vraag nadat ze de glazen had neergezet. Voordat we konden antwoorden zat ze al. Dit was kennelijk de mores bij De Waarheid.
De aap kwam bijna net zo snel uit de mouw als de wijn uit de fles. Al in het eerste drietal zinnen ontpopte ze zich als een enthousiast verkondigster van het woord des levens, de levende waarheid. Berustend nam ik een slok van mijn prikwater. De ogen van Monique spraken boekdelen, maar waren niet half zo sprekend als die van de jongedame.
"Gelooft u in God?"
Monique schudde het hoofd. "Nee hoor."
Mild glimlachend wendde het meisje zich tot mij.
"En u?"
"Je mag wel 'je' zeggen hoor. Ik heet Chris."
"Mooie naam. En ik heet Karlien." Ze stak haar hand uit en nadat ik die had geschud, reikte ze Monique de hand. Die volgde mijn voorbeeld, waarbij ze een geheel mislukte poging ondernam om de glimlach van Karlien te evenaren. Met een zeker leedvermaak concludeerde ik dat mijn vriendin er spijt van had dat ze bij De Waarheid was gaan zitten.

Niets zonder oorzaak
"Gelooft u in God?" Ik ontkwam niet aan haar vraag. Opgegroeid in een geloofsgroep die zichzelf 'religieus-humanistisch' noemt had ik mijn tegenvraag paraat.
"Wat bedoelt u met die vraag?"
Ze keek me verbaasd aan.
"U weet toch wel wat God is?"
"Volgens mij verstaan heel veel mensen daar heel verschillende dingen onder. Dus als u me vertelt wat u er onder verstaat, dan kan ik uw vraag misschien beantwoorden."
Terwijl ik sprak, realiseerde ik me dat we toch weer in de u-vorm aan het communiceren waren.
Karlien keek me een paar seconden aan. O, die ogen… Het leek wel een minuut.
"God is voor mij de ene, de Schepper van alles, de Vader, de bron van alle Waarheid."
Nu was het mijn beurt om even een paar seconden te wachten.
"Nou, als je God zo definieert, dus als een figuur die kan denken en beslissingen neemt, dan geloof ik niet dat God bestaat."
"Bestaat u zelf wel?"
"Dat dacht ik wel ja. Het kan natuurlijk zijn dat ik dit hele gesprek hier zit te fantaseren, en dat we geen van drieën bestaan, maar gezien het overvolle gevoel in mijn buik gebeurt dit allemaal echt."
"Heeft u zichzelf gemaakt?"
Kennelijk werkte ze een vragenlijstje af. Monique had er genoeg van.
"Nee natuurlijk niet. Niemand heeft zichzelf gemaakt. We komen voort uit een vrijpartij van onze ouders. En die weer uit hun ouders. En in groter verband komt de mens weer voort uit een evolutionaire ontwikkeling. Darwin hè, daar heb je vast weleens van gehoord. Zijn goede boeken over hoor."
"Dus u gelooft in een evolutie van miljarden jaren?"
"Zeker."
"Maar waar is het dan begonnen?"
Monique draaide met haar ogen en deed geen enkele poging meer om te glimlachen.
"Volgens de huidige inzichten, die zijn verkregen door analyse van leeftijden, afstanden en samenstelling van objecten in het heelal, is het aannemelijk dat het is begonnen met een knal. De zogenaamde oerknal. Ook daar zijn goede boeken over. Ik kan je wel een paar titels geven."
Dit was geen bluf. Ze had er echt veel over gelezen, al was Monique in het dagelijks leven werkzaam op een makelaarskantoor, waar het lezen over deze thema's op geen enkele wijze werd aangemoedigd. Haar collega's lazen andere boeken.
"Maar wat was er dan voor die knal?"
"Dat weten we niet. Misschien gewoon helemaal niets."
"Maar zo'n knal moet toch ergens door ontstaan?"
"Waarom?"
"De waarheid is toch dat alles een oorzaak heeft?"
"Waarom?"
"Dat moet toch waar zijn? Er gebeurt niets zonder oorzaak, ook al kennen wij die oorzaak niet altijd, en dan noemen we het toeval. Maar als we meer kennis vergaren, blijkt er toch een oorzaak te zijn."

Universeel boek
De richting die ze nu insloeg verraste me. Slimme Karlien omarmde de wetenschap in een poging om te bewijzen dat alles een oorzaak heeft. Het klonk zo gek nog niet. Mo liet zich echter niet afleiden.
"Dat is alleen maar een stelling, er is geen bewijs voor. De oerknal kan wel of geen oorzaak hebben, we weten het gewoon niet."
"Maar als we het niet kunnen weten, dan is de oerknal toch gewoon maar fantasie? Het is geen waarheid."
Monique antwoordde niet, en nam een slok van haar rode wijn. Aan haar gezicht te zien drong de smaak van het rode vocht niet echt tot haar door.
Het leek me goed haar een beetje te steunen. "Precies, en juist omdat fantaseren leuk is, maar geen doel dient, geloof ik dat praten over een opperwezen, God, ook geen doel dient. Het is leuke fantasie, meer niet."
Karlien glimlachte.
"Maar God is heel iets anders dan fantasie. Heel iets anders dan theorieën over een oerknal. God is bewezen werkelijkheid. Als je in de Bijbel leest dan…"
Mo onderbrak haar. "Bedoel je dat alles wat in de Bijbel staat de waarheid is?"
"Ja, dat kan niet anders, het boek is door God zelf geschreven. Daar moet je in geloven."
"Dat wordt ook gezegd van de Koran".
"De Bijbel is veel en veel ouder dan de Koran. Dat is een slechte compositie van bijbelteksten en middeleeuwse opvattingen van een woestijnvolk."
"Dat laatste geldt ook voor de Bijbel zelf."
Karlien schudde haar hoofd.
"De Bijbel is door God zelf geschreven, dat heeft niets met menselijke opvattingen te maken. Dat maakt het boek zo universeel."

Bruggetje slaan
Monique dronk haar glas leeg, en schopte me onder de tafel tegen mijn scheenbeen. Harder dan ongetwijfeld haar bedoeling was. Soms loenste ze een heel klein beetje. Deze keer leek dat versterkt door het effect van dat andere paar ogen.
Ik besloot een poging te wagen om een bruggetje te slaan. Het beviel me steeds beter aan het tafeltje.
"Dat je gelooft in een gebeurtenis, een boek, een verhaal, wil nog niet zeggen dat het ook waar is. Dat weet je toch wel?"
Karlien knikte. "Maar dat geldt voor menselijke waarnemingen, niet voor een boek van God."
"Twijfel je nooit?"
"Niet aan God, nee. Nooit."
"Je hebt hersenen gekregen, een bewustzijn. Ik denk dat jij het als een gave van God ziet, zelf zie ik het als een prachtig geschenk van een evolutionair proces. Hoe het ook zij, met die hersenen kun je zoeken naar de waarheid. Maar als je niet twijfelt, stop je met zoeken. Dan gebruik je dat geschenk niet meer. Als God bestaat, kan het nooit Zijn bedoeling zijn dat je niet aan Hem twijfelt".
Karlien aarzelde, maar Monique stond al op. "Bedankt voor de wijn."
Ik stond ook maar op, al zat er nog wat in mijn glas. "Ja bedankt. Ook voor het leuke gesprek."
En daar kwam die fantastische glimlach weer. "Vond je het leuk? Echt waar?" Het was de eerste keer dat ze me tutoyeerde, het klonk als muziek.
"Ja zeker hoor. Je hoeft toch niet altijd hetzelfde te denken over wat waar is, Karlien?"
"Dat is zo. Ik hoop je nog weer eens te zien, Chris."
"Wie weet."
"Ik dacht het niet", mompelde Mo, terwijl ze in de richting van de camping beende.

Liefde op je pad
Inmiddels zijn we al weer jaren verder. Veel wijzer ben ik niet geworden. Wel weet ik dat je de waarheid soms herkent in de vorm van liefde die op je pad komt. En gelukkig denkt Kar er al meer dan twintig jaar net zo over… 

Chris Tempelman (gepensioneerd) schrijft onder pseudoniem. Zijn naam is bij de jury bekend. De inzending van Chris Tempelman heeft van de jury van de Volzin-schrijfwedstrijd 2017 een eervolle vermelding ontvangen.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda