FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 1

    VOLZIN 2019: NUMMER 1

      Volzin organiseerde in samenwerking met Tilburg University een schrijfwedstrijd. Thema was: ‘Kunst
    02 januari 2019 - Lees meer
vrijdag, 19 January 2018 09:52

“Ik wil doop”

“Ik wil doop” Tekst: Helene Timmers Beeld: Hollandse Hoogte

“Een van die jongens had in Afghanistan een keer meegemaakt dat een meisje gestenigd werd, voor hem is het een hele omschakeling dat Jezus zegt dat die overspelige vrouw niet gestenigd moet worden.” Saar Hoogendijk, predikant in Deventer, las de Bijbel met een Afghaanse asielzoeker, die zich bekeerde tot het christendom. “Je gaat zelf ook met andere ogen kijken.”

‘God heeft me geroepen. Dat het een zware bediening zou worden, dat wist ik. Maar het gaat om de redding van mensen. Nu delen we het evangelie onder het Koerdische volk.” De Koerdische Faraidoun Fouad is bedreigd, hij heeft meegemaakt dat de ruiten van zijn vorige huis zijn ingegooid en er is zelfs een keer op hem geschoten. Dat valt hem zwaar. Hij heeft aan den lijve de problemen ervaren die een moslim zich op de hals kan halen wanneer hij zich bekeert tot het christendom. Bekering betekent voor een moslim dat hij afstand doet van het geloof en dat is in de islam verboden; er staat er zelfs de doodstraf op.

Fouad vluchtte eind jaren ’90 uit Irak en kwam in Nederland in een asielzoekerscentrum terecht. Daar werd hij door een christelijke man benaderd. Hij deed ‘heel lelijk’ tegen deze man, maar de man liet zich daar niet door afschrikken en deed nooit onaardig terug. Integendeel, hij bleef bij hem op bezoek komen. “Ik zag de liefde van Christus in hem,” kijkt Fouad terug. Hij liet zich overhalen om mee te doen aan een bijbelstudie en heeft een jaar lang veel in de Bijbel gelezen en vragen gesteld, heel veel vragen. Een van de onderwerpen waar hij mee worstelde is het vraagstuk van de drie-eenheid: er is toch maar één God, hoe zit dat dan precies met God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest? Langzamerhand ging hij steeds meer met christenen om en uiteindelijk kwam hij tot geloof. “Jezus heeft me gered,” ervaart hij. In het asielzoekerscentrum leidde dat tot problemen met andere moslims, zozeer zelfs dat hij daar niet langer veilig kon blijven en onderdak moest zoeken bij een christelijk gezin.
Het ervaren van de liefde van Christus speelt voor Fouad een grote rol. De liefde die christenen uitstralen naar elkaar en ook naar anderen maakt een grote indruk. Dit ziet hij bijvoorbeeld in de vriendelijke manier waarop christenen hem benaderen, maar ook in het gezin dat hem een tijdlang opving. Voor hem tekent dat het grote verschil met de islam. Hij is geboren en getogen in een islamitische gemeenschap, maar dat is een cultuur, zegt Fouad, waar nooit iets om niet gedaan wordt. Allah is weliswaar barmhartig, vertelt hij, maar alleen als je je aan alle regels houdt, dus als je vijf keer per dag bidt en vast tijdens Ramadan. Islam heeft voor hem geen boodschap die tot het hart spreekt, zoals het christendom tot zijn hart gesproken heeft.

Nieuw christendom

Als je Fouad enthousiast over het christendom hoort praten, is het moeilijk te geloven dat het christendom in Nederland een aflopende zaak lijkt. Toch verschijnen ieder jaar opnieuw rapporten waarin je kunt lezen dat het aantal rooms-katholieken en protestanten in Nederland afneemt. Maar deze krimp vertelt niet het hele verhaal over het Nederlandse christendom. Het aantal ‘nieuwe’ christenen neemt namelijk toe. Hiertoe worden mensen gerekend die zich in Nederland tot het christendom bekeren, maar ook de vele christelijke migranten. Volgens een schatting wonen er ongeveer 1,3 miljoen christenmigranten in Nederland. Ter vergelijking: er zijn ongeveer 1 miljoen moslims in Nederland gevestigd, het aantal leden van de PKN bedraagt 1,85 miljoen en de rooms-katholieke kerk telt nominaal zo’n 3,8 miljoen leden. De ‘nieuwe’ christenen, die soms ook al decennia in Nederland wonen, verspreiden zich over een groot aantal interculturele kerken. Volgens filosoof David Dessin, die het bekroonde God is een vluchteling schreef, gaat deze combinatie van vergrijzing en instroom zorgen voor een volledig nieuw christendom in ons land.

Fouad is een van de degenen die in Nederland asiel heeft gekregen. Maar christen zijn of bekeerd zijn tot het christendom leidt niet automatisch tot een verblijfsvergunning. In Utrecht kunnen ongedocumenteerden, dat wil zeggen mensen die zonder verblijfsvergunning in Nederland leven, terecht in Villa Vrede, dat vier jaar geleden op initiatief van de kerken is opgericht. 
Ik spreek met Marieke Sillevis Smitt, zij werkt als predikant bij de diaconie van de Protestantse Gemeente Utrecht en is voor deze groep aangesteld. Dat kunnen mensen zijn die Nederland illegaal zijn binnengekomen, maar ook mensen van wie de asielaanvraag is afgewezen. Deze mensen kunnen niet legaal werken, komen niet in aanmerking voor een woning en hebben geen toegang tot gezondheidszorg of onderwijs. Ze kunnen op vier dagen per week overdag verblijven in Villa Vrede, zeker in de winter geen overbodige luxe. De mensen kunnen er tot rust komen en ook praktische dingen doen zoals de was of een fietsreparatie. Op dit moment is zo’n 90 procent van deze groep christen.
“Ik bied me aan, zal ik maar zeggen, als mens en als persoon die gelooft in God en in Christus”, verduidelijkt Sillevis Smitt haar werk.
“Ik ben aanwezig in Villa Vrede, mensen kunnen bij mij terecht. Samen met iemand anders organiseer ik een bijbelstudie voor de christenen die daar belangstelling voor hebben. We vertellen dan vooral de bijbelverhalen, de ene week in het Amhaars, de andere week in het Engels. Tot mijn verbazing kennen ze die verhalen niet.“ Sillevis Smitt werft niet actief onder moslims. Af en toe krijgt ze wel een vraag van een moslim die zich tot het christendom wil bekeren. Maar hen verwijst ze door naar Huis van Vrede, een geloofsgemeenschap in de Utrechtse wijk Kanaleneiland.

Vredige gemeenschap

Bij Saar Hoogendijk, predikant van de Protestantse Gemeente in Deventer, liep op een zondag onverwacht een islamitische asielzoeker de kerk binnen. ”Ik wil doop” zei hij. Later volgden er nog meer. Hoogendijk is eerst maar de Bijbel gaan lezen met ze. “De bijbelverhalen zijn over het algemeen nieuw voor ze, “ vertelt Hoogendijk. “Sommigen weten wel wat van de Koran en die zien dan ook de overeenkomsten. Maar vooral verhalen over Jezus zuigen ze als een spons op.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda