FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 1

    VOLZIN 2019: NUMMER 1

      Volzin organiseerde in samenwerking met Tilburg University een schrijfwedstrijd. Thema was: ‘Kunst
    02 januari 2019 - Lees meer
woensdag, 15 November 2017 09:00

Oude vragen, nieuwe inzichten

Oude vragen, nieuwe inzichten Tekst: Elleke Bal Beeld: Harry Verkuylen

Het is een vertrouwd beeld geworden in de protestantse kerk: de vrouw op de kansel. Is de emancipatie in de doorsnee PKN-kerk daarmee af? Volzin deed een rondvraag, en kwam onder meer terecht bij de eerste vrouwelijke dominee van Roermond, een docent aan de predikantenopleiding en een pioniersdominee. “De vraag is of onze feminiene waarden ook gewaardeerd worden.”

‘Het levert leuke gesprekken op”, zegt Judith van den Berg-Meelis. Op de school van haar kinderen en aan de balie in het verzorgingstehuis leidde haar werk al tot verbaasde vragen. “Huh? Een vrouwelijke dominee?” RTV Roermond was begin september bij haar bevestiging en schreef: “In een volle Minderbroederskerk, met deken Merkx op de eerste rij, werd Ds. Judith van den Berg-Meelis als eerste vrouwelijke dominee van de Protestantse Gemeente in onze stad beëdigd.”
Van den Berg vindt het leuk om de eerste te zijn. “Ik ben in mijn afgelopen banen ook pionierend bezig geweest. Als je de eerste bent moet je een beetje de grenzen opzoeken. Dat spreekt me aan.” Dat het toeziend oog van de mannelijke deken nog even genoemd werd, begrijpt Van den Berg wel. “In katholiek Limburg is die nu eenmaal belangrijk. Je zit hier in een patriarchale cultuur. Maar ik ben het gewend, het was in mijn vorige baan hetzelfde.”
Van den Berg werkte de afgelopen vier jaar in Indonesië. Ze werd door Kerk in Actie uitgezonden naar West-Timor, waar ze lesgaf aan een theologische faculteit en als predikant verbonden was aan de kerk van Sumba. Als ze op dit eiland als vrouwelijke dominee in een dorp kwam was dat heel bijzonder. “Iedereen die iets te zeggen had was man. In Indonesië ben ik feminist geworden. Vroeger vond ik dat iets voor de generatie van mijn oma, die in haar kerk in Schipluiden – de plek waar ook ik geboren en getogen ben en in het ambt werd bevestigd - als eerste vrouw ouderling werd. In Indonesië ontdekte ik: er is nog een wereld te winnen.”
Ze vertelt dat vrouwen in de Indonesische kerk aan een snelle opmars bezig zijn. Op het eiland Sumba werken vrouwen sinds zo’n vijftien tot twintig jaar in het ambt van predikant. Verrassend genoeg zijn in die korte tijd de vrouwelijke dominees al in de meerderheid geraakt. En in de tijd dat Van den Berg er werkte, werd de eerste vrouwelijke synodevoorzitter benoemd.

Verder spitten
In Nederland is de opmars van de vrouwelijke dominees minder snel gegaan. Gemeenten die zich rekenen tot de Gereformeerde Bond weren vrouwen nog steeds van de kansel, maar inmiddels is een op de drie predikanten in de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) vrouw. In de groep van parttimefuncties gaat het om zo’n veertig procent. De één vindt dat daarmee de emancipatie van de vrouw in de Protestantse Kerk wel klaar is. Maar de ander ziet een onverminderde noodzaak om vrouwelijk leiderschap en feminiene waarden – zoals samenwerken, verbinden en creativiteit – te stimuleren.
Het thema van de vrouw in het ambt is “een beetje een oude vraag”, reageert Willemien Boot, trainer en adviseur binnen de Protestantse Kerk in Amsterdam. “In de PKN zijn vrouwen in de meeste kerken al sinds 1968 in het ambt. Bijna vijftig jaar dus.” In de Protestantse Kerk Amsterdam zijn vrouwen in alle gremia vertegenwoordigd, concludeert ze ook. Van de voorzitter van de kerkenraad tot pionier, van dominee in een wijkkerk tot dominee in een monumentale stadskerk. Boot noemt zelfs twee feministische werkgroepen die in de afgelopen jaren zijn gestopt “wegens emancipatie.” De Interfacultaire Werkgroep Feministische Theologie, opgericht in 1976, en een overleg van vrouwelijke priesters en dominees – Eva rond A’dam – dat rond 2000 werd gesloten.
Is de positie van de vrouw in de protestantse kerk in 2017 daarmee een non-issue geworden? Zo ver wil Boot niet gaan. “Ik denk wel dat er nog steeds verschillen zijn tussen mannen en vrouwen in kerken”, zegt ze. “Maar je moet verder spitten dan de vraag over het ambt. Kijk eerder naar: hoe is de taakverdeling? Wie heeft het gezag? Naar wie wordt echt geluisterd? Wie bepaalt de agenda en de taal?”

Feminiene waarden
“Het begint met het objectieve beeld: er zijn gelukkig meer vrouwen in leiderschapsposities. Dat is mooi en fijn”, beaamt Janneke Nijboer, theoloog en pioniersdominee in Noordwijk. Ze weet zelf nog goed hoe het was om ‘de eerste’ te zijn, toen ze in de jaren ’90 op 27-jarige leeftijd dominee in Raamsdonksveer werd. Ze was de eerste vrouwelijke predikant die in de pastorie kwam wonen. Het kwam voor dat ze de telefoon opnam en er werd gevraagd: is de dominee thuis?
Ze voelde dat haar niet altijd hetzelfde gezag werd gegeven als een man. “Bijvoorbeeld als ik ‘meisje’ werd genoemd.” Maar twee jaar na haar aantreden werd ze gebeld, of ze leiding wilde geven aan de classis. Er waren al twee andere vrouwen gevraagd, maar die durfden het niet aan, vertelt Nijboer. “Ik dacht, dat zou een man nooit doen, nee zeggen.” Ze vond het schokkend, dat er vrouwen waren die de functie niet accepteerden. “Je bent toch leider in deze baan, het hoort bij je werk.”
Eerder dit jaar schreef Nijboer een blog waarin ze een ode aan jonge vrouwelijke theologen bracht. “Het valt het me op hoe anders zij lijken te starten, dan toen ikzelf begon”, zegt Nijboer. “Ze zijn zelfbewust en durven hun kwetsbaarheid te laten zien. Ze schuwen debatten op Twitter niet en nemen vol bravoure het woord feminisme in de mond.”
Tegelijkertijd mist Nijboer in de kerkelijke organisatie een plek waar aandacht is voor vrouwen in het ambt. “De vrouwen zijn de afgelopen decennia vanuit de pressiegroepen de kerk in gekomen. Maar vervolgens is er niet zoveel mee gedaan. De vraag is of onze feminiene waarden ook gewaardeerd worden. Je ziet het vaak: als een beroep wordt overgenomen door vrouwen, krijgt het minder waarde. Feminisering wordt gezien als devaluatie. Dat is natuurlijk seksistisch.”

Meer bewust van gender
“Soms heb ik een jaar waarin de man-vrouw verhouding heel nadrukkelijk een thema is, soms lijkt het minder te spelen.” Rein Brouwer is docent praktische theologie aan de Protestantse Theologische Universiteit in Amsterdam. Hij geeft onder meer een vak over ambtelijk leidinggeven in de gemeente. Dat vak is voor laatstejaars masterstudenten, die er dan net een stage in een gemeente op hebben zitten. Zij staan aan de vooravond van het predikantschap.
In de collegezaal komt het thema gender soms aan de orde, zegt hij. Een paar jaar geleden gaf hij een college naar aanleiding van werkervaring die studenten opdeden in een opvang voor – overwegend mannelijke – dak- en thuislozen. “Ik vroeg dan aan studenten: merkte je dat je man- of vrouw-zijn een rol speelde? Mannelijke studenten wisten niet zo goed wat ik bedoelde.” Vrouwen haakten er meteen op in, merkte hij. “Als vrouw in een omgeving vol mannen hadden ze het gevoel dat er naar ze werd gekeken. Misschien dat de mannen ook wel aardiger voor de vrouwen waren dan voor elkaar. Zij hadden die processen scherp door.”
Dit speelt in een kerkelijke gemeente ook wel eens, denkt Brouwer. “Jonge vrouwelijke collega’s zijn zich er meer van bewust dat ze vrouw en jong zijn, dan dat de mannen zich van hun positie bewust zijn. Ik lees het ook wel eens terug in stageverslagen. Het heeft misschien toch nog te maken met de erfenis dat gemeenten meer vertrouwd zijn met mannelijke voorgangers”, zegt Brouwer.
Hij denkt wel dat er verschillen zitten tussen mannelijke en vrouwelijke manieren van leidinggeven, maar wil dat niet teveel benadrukken tijdens colleges. “Ik vind het belangrijker om te bespreken dat je voor leiderschap veel verschillende kwaliteiten nodig hebt, zegt Brouwer. “Directheid, maar net zo goed afwachten, geduld, timing. En leidinggeven kan je nooit alleen doen. Zijn dat mannelijke of vrouwelijke thema’s? Ik denk dat die kwaliteiten in verschillende personen op verschillende manieren terug komen.”

Leider als vroedvrouw
Als het gaat om het belang van aandacht voor gender bij leidinggeven, merkt Bert Bakker op dat die vraag in zijn trainingen nog nooit is ingebracht. Hij geeft sinds een jaar of tien voor de Protestantse Kerk de cursus ‘Leiding geven aan veranderingen’, voor predikanten en kerkelijk werkers. Aan die trainingen nemen net zo goed vrouwen als mannen deel, zegt hij. Maar hij kan zich niet herinneren dat man-vrouwverhoudingen tijdens de cursus ooit aan de orde zijn geweest.
“Waar het over beïnvloeden gaat, kijk je meer naar gedrag dan naar gezag”, zegt de adviseur en trainer van zelfstandig adviesbureau Ekklesia Advies. Hij wil niet ontkennen dat gender een rol speelt in leiderschap. “Vrouwen en mannen denken, doen en ervaren gemiddeld genomen enigszins verschillend. En gender bepaalt soms wel degelijk of je mee mag spelen: in commissies en werkgroepen die zichzelf aanvullen zeker.”
Maar in veel kerken leeft een eenzijdig en achterhaald idee van leiderschap, vindt Bakker. Hij noemt dat “de sympathieke aap op de rots.” Hij definieert leiderschap liever op een hele andere manier. De leider als mens die een groep helpt om helder te krijgen welke kant ze uit wil, die groep in staat stelt om daar te komen en het welzijn van de groepsleden en de groep als geheel voor ogen houdt. “Een vroedvrouwachtige metafoor voor leidinggeven”, zegt Bakker. Dit probeert hij tijdens de cursus te stimuleren. “En daarin spelen man-vrouwverschillen geen rol.”
Aap op de rots, daar heeft Judith van den Berg-Meelis in Roermond in ieder geval ook een broertje dood aan. Zij wil als dominee vooral een ‘coach’ zijn. Inclusief kerk-zijn is voor haar zeker een thema. Maar er zitten volgens haar meerdere kanten aan die medaille. Natuurlijk is het tijd dat de ‘mannencommissies’ zoals de kerkrentmeesters ook aangevuld worden door vrouwen, zegt ze. Aan de andere kant ziet ze ook dat de liturgie en de kerkdienst veel vrouwelijke accenten hebben, in de vorm van emotie en meditatieve elementen. Daar moet de kerk dan ook weer recht doen aan de beleving van jongens en mannen, zegt ze. “Inclusief kerk-zijn werkt verschillende kanten uit.” ●

Waar blijft de kerkrentmeesteres?
Wie het lijfblad van de Vereniging voor Kerkrentmeesterlijk Beheer doorbladert, ziet vooral heren in pak voorbij komen. Zo’n drie tot vijf procent van de PKN-kerkrentmeesters is vrouw, schat Peter de Lange, voorzitter van de vereniging. Officieel wordt de man-vrouwverdeling niet bijgehouden, De Lange maakt een schatting op basis van gemeentebezoeken en de deelname aan het jaarcongres.
Hoe komt het dat er zo weinig vrouwen doordringen tot de wereld van kerkfinanciën en gebouwenbeheer? De Lange noemt mogelijke verklaringen. Allereerst zijn er een aantal PKN-gemeenten waar vrouwen geen kerkrentmeester mogen worden vanwege de kerkopvatting over de vrouw in het ambt. Verder blijven kerkrentmeesters over het algemeen “vrij lang zitten”, zegt hij. Zo blijft het mannenbolwerk van vroeger in stand. Een kerkrentmeester die het werk langer dan twintig tot dertig jaar doet, is geen uitzondering. “Je hebt die lange duur ook nodig”, zegt De Lange, “het is complexe materie. Het duurt lang voordat je er goed in zit.”
De vereniging wil het ambt verjongen, maar dat is niet eenvoudig. “Jongeren willen liever kortere projecten oppakken”, aldus de Lange. Probeert de vereniging actief vrouwen aan te trekken? “We willen graag dat de kerkrentmeesters een goede afspiegeling van de maatschappij zijn”, zegt de voorzitter. “Maar we zijn eerst zo breed mogelijk bezig: we willen jongeren werven.” Ook de nieuwelingen blijken echter vaker man dan vrouw. De Lange: “Dat heeft meerdere redenen, maar ik zie onder meer dat het voor vrouwen lastig te combineren is met de zorg thuis.” Maar, voegt hij toe: “Ik treed volgend jaar als voorzitter af. Mijn positie staat natuurlijk open voor iedereen.”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda