FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 1

    VOLZIN 2019: NUMMER 1

      Volzin organiseerde in samenwerking met Tilburg University een schrijfwedstrijd. Thema was: ‘Kunst
    02 januari 2019 - Lees meer
donderdag, 03 November 2016 09:19

Het drama van islam en homoseksualiteit in Nederland

In 2016 namen homoseksuele moslims voor het eerst deel aan de Gay Pride botenparade. In 2016 namen homoseksuele moslims voor het eerst deel aan de Gay Pride botenparade. Tekst: David Bos, Beeld: ANP Foto

Homo's en moslims: lange tijd golden zij als lotgenoten: slachtoffer van vooroordeel en discriminatie. Maar bondgenoten wilden ze maar niet echt worden. Hoogste tijd voor een nieuw personage: de homo-moslim.

Tofik Dibi’s coming-out, een jaar geleden, kwam niet als een verrassing – net zo min als het antwoord van de GroenLinkse ex-politicus op de vraag waarom hij daar zo lang mee had gewacht: homoseksualiteit ligt moeilijk onder moslims. Vandaag de dag spreekt dat vanzelf, maar tot pakweg veertig jaar geleden stond de islamitische wereld juist bekend als een homoseksuele vrijplaats. Dit beeld van ‘de Oriënt’ werd aan het wankelen gebracht in 1979, toen Khomeiny aan de macht kwam in Iran. Al kort na de revolutie werd bericht over de terechtstelling van homo’s.

Roze en rood
In de jaren zestig en vroege jaren zeventig werd in Nederlandse kranten, radio- en televisieprogramma’s weinig aandacht besteed aan de islam – veel minder dan in de jaren vijftig. Maar wel ging het geregeld over ‘gastarbeiders’ of ‘buitenlandse werknemers’. De Turken en Marokkanen die toen naar Nederland kwamen, vielen kennelijk niet zozeer op vanwege hun religie als wel vanwege hun sociaaleconomische positie. Maar juist daarom werden ze dikwijls in één adem genoemd met ‘homofielen’. Zo verscheen in 1968 een advies aan het Pastoraal Concilie van de Nederlandse Kerkprovincie, waarin de (rooms-katholieke) kerk werd opgeroepen zich te ontfermen over “…bejaarden, vrijgezellen, buitenlandse arbeiders, studenten, vluchtelingen en ook ongehuwde moeders, homofielen, exgevangenen”. Progressieve gereformeerden deden een soortgelijke oproep, in hun Synoodkreet (1969). ‘Minderheden’ als deze zouden te kampen hebben met eenzaamheid en isolement maar ook met vooroordelen en discriminatie.
De opkomst van de Nederlandse Volksunie en de Centrumpartij versterkte dit idee van lotgenootschap want extreemrechts moest toen nog niets hebben van homo’s. Met des te meer ijver wierpen PSP en CPN zich op als beschermers van zowel ‘buitenlandse werknemers’ als ‘potten’ en ‘flikkers’ en keerde het COC zich tegen fascisme, racisme en antisemitisme. Menig ‘pot’ en ‘flikker’ droeg in de jaren tachtig naast een roze ook een rode driehoek – embleem van ‘antifascisme’. Deelnemers aan een onderzoek naar ‘potenrammen’, in 1985, noemden het zelfs discriminerend dat ze werden gevraagd naar kenmerken van de daders.

Agressief geschreeuw
De solidariteit van homo’s en lesbo’s met ‘buitenlanders’ werd op de proef gesteld in 1986, toen het gemeentebestuur van Zwolle besloot het plaatselijke COC te huisvesten in een voormalig schoolgebouw. Dat stuitte op verzet van Surinaamse moslims die al jarenlang (gratis) een van de belendende lokalen gebruikten als moskee. Moslims zouden niet onder één dak mogen verkeren met homo’s – net zo min als er in een islamitische stad plaats was voor varkens. Bovendien vreesden ze besmetting met aids. De burgemeester hield zijn poot stijf en het COC zei niet te willen wijken voor discriminatie.
Conflicten als dit hadden zich eerder voorgedaan in andere steden maar nu ontstond er nationale ophef – misschien omdat de Zwolse moslims zich heftig roerden. Ze belegden een bijeenkomst, waarin Schriftgeleerden krasse uitspraken deden: “Personen die zich bezighouden met homofilie, lesbisch gedrag inbegrepen, plegen inbreuk op Gods Woord. Zij moeten afgemaakt, onthoofd, gestenigd, of van de berg afgegooid worden.” Linkse en liberale media reageerden geschokt. “Dit soort uitwassen hoort in onze samenleving niet thuis”, schreef een columnist van Het Vrije Volk, “dat moet keihard worden duidelijk gemaakt.” Een redacteur van De Telegraaf daarentegen vergeleek de Zwolse affaire met de verontwaardiging over het doceerverbod dat kardinaal Ratzinger had opgelegd aan een vrijzinnig-katholieke theoloog: “Kwijlend van honger en jankend van bloeddorst zit het wolvenpak weer eens de eenvoudigen van geest achterna. Zowel gelovige katholieken als gelovige moslims worden dezer dagen belaagd door agressief geschreeuw van de horden, die het gemunt hebben op hun geloofsovertuiging (…). Wat is in feite bij dit alles de échte discriminatie? Die bestaat eruit, dat (…) de katholieke kerk geen eigen regels mag hebben, en de moslims niet mogen leven volgens de voorschriften van de Koran.”
Dit verschilde niet alleen totaal van wat andere kranten schreven, maar ook van wat er later in De Telegraaf te lezen zou zijn over Nederlandse moslims en homoseksuelen. Geen wonder, misschien: in de jaren tachtig gold homo-emancipatie nog als een linkse hobby.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda