FacebookTwitterLinkedIn
woensdag, 19 October 2016 11:03

Leven en geloven zoals struisvogels

Tekst: Laura Sofie van der Reijden Tekst: Laura Sofie van der Reijden Beeld: Frank Penders

In Egypte, hun land van herkomst, worden de koptische christenen onderdrukt. Hier in Nederland vormen de kopten een goed geïntegreerde gemeenschap en bloeit hun kerkelijke leven. “We willen graag dat mensen zelf nadenken over waarom ze geloven.”

Het is rustig bij de kathedraal van de Heilige Maagd Maria. Zeker voor een zondagochtend waarop normaal drie vieringen plaatsvinden. De twee gebouwen zijn omringd door braakliggend terrein waar werkzaamheden plaatsvinden, wat de kerk een bruuske uitstraling geeft. Een dik slot houdt de ijzeren poorten voor de hoofdingang op slot. Veel van de paar duizend leden van de koptische gemeenschap rondom Amsterdam zijn nog met vakantie. Daarom zijn er vandaag maar twee diensten.
Vroeg in de ochtend zijn er niet meer dan twintig mannen en vrouwen aanwezig. Arabische en Koptische teksten galmen afwisselend door de ruimte die tevens geldt als kantine. De geur van wierook vult alle vertrekken.
“Het zal nu redelijk rustig zijn”, zegt Antonius Abdalla (27). De blik van de jonge geneeskundestudent glijdt door de ruimte. “Normaal komen er honderden mensen af op onze diensten.” De kerk kent drie gebedsruimten. Naast de grote Heilige Maagd Maria en de kleine Heilige Mina is er de Heilige Abu Safeen in het gebouw tegenover. “Daar geef ik de jongeren les tijdens de zondagsschool. De lessen worden voornamelijk in het Nederlands gehouden.”
Antonius wijst naar het altaar, half zichtbaar achter een rood fluwelen gordijn met een gouden rand. “Dat is het heilige der heiligen. De kerk werd na de aankoop gedurende een aantal jaar verbouwd. Alle altaren moesten bijvoorbeeld volgens de traditie richting het oosten worden geplaatst.” Het donkerhouten voetstuk staat midden achter het gordijn, ervoor een uit hout gesneden iconostase. ‘Treedt zijn poorten in met danklied’ staat met sierlijke letters boven de opening.

Struisvogelveren

Een brede trap leidt naar de grote kerk op de eerste verdieping: de Heilige Maagd Maria. Diakens in witte gewaden zijn druk in de weer met de voorbereidingen van de dienst. Aan beide kanten van het altaar hangen beamerschermen. De heilige teksten verschijnen er in het Nederlands, Koptisch en Arabisch op.
Aan het begin van de viering zijn er nauwelijks tien mensen aanwezig. Mannen zitten in de twee rijen links, vrouwen rechts. Op de verhoging voor het altaar staan een stuk of tien diakens die in afwisseling de liturgische gezangen voor de microfoon uitvoeren. Priester Yosab Thabet staat met zijn gezicht naar het kerkvolk achter zijn lessenaar.
“De koptische kunst heeft in de loop der jaren anders ontwikkeld dan in de christelijke kerken in het Westen.” Antonius kijkt bewonderend naar de iconen. “Koptische schilderingen zijn meer verhalend dan natuurgetrouw.” Hij wijst naar een afbeelding van de Maagd Maria “Kijk, ze heeft een kleine mond. Dit is zo omdat ze in haar leven veel erge dingen heeft meegemaakt, maar hier niet veel over sprak. Haar handen zijn verhoudingsgewijs dan weer groot, want ze heeft veel verricht.”
Ook hebben de geschilderde heiligen geen schaduw achter zich. “Het licht komt uit hen zelf”, legt Antonius uit. “Zij hebben de kennis en het licht gezien.” Op verschillende plekken voor de iconostase hangen struisvogeleieren in netten van kralen. “Ook dit is symbolisch bedoeld. Struisvogels leggen hun eieren, begraven ze vervolgens niet en vergeten vaak waar ze de eieren hebben gelegd. Ze staan symbool voor hoop; struisvogels komen toch tot leven in een situatie waarin eigenlijk geen leven mogelijk is.”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda