FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 12 September 2016 09:29

'Wie weet ontvlamt vandaag het heilig vuur'

Tekst: Elleke Bal Tekst: Elleke Bal Beeld: ProDemos (Van Vliet/Dik)

Draagvlak voor democratie ontstaat niet vanzelf. ProDemos ontangt jaarlijks zo'n 80.000 scholieren voor een dagje Binnenhof. Met klas 4E uit Velsen-Zuid komt het wel goed, zo blijkt. Er komt geen algemeen vuurwerkverbod, wel vuurwerkvrije zones.

Met een zwaai gooit Tjietse Broeders (29) de deur van ProDemos open. “Goedemorgen klas 4E!”, roept hij naar 23 bedeesde tieners die op de stoep van de Hofweg staan te wachten, tegenover het Binnenhof. De bus uit Velsen-Zuid vertrok al vroeg vanochtend, er wordt wat gegaapt. Intussen is de Pokémonjacht geopend en heeft een stel jongens – 10 uur ’s morgens – alvast een pitstop gemaakt bij de McDonalds om de hoek. Je weet nooit wat je van een klas kan verwachten, vertelde Broeders eerder die ochtend. Een vmbo-klas kan vol politieke kenners zitten, een gymnasiumklas kan moeilijk te boeien zijn. Wie hij ook ontvangt, deze uitspraak van de directeur van ProDemos heeft hij altijd in z’n achterhoofd: “Dit is voor veel leerlingen de eerste keer dat ze met politiek en democratie in aanraking komen. We mogen het niet verpesten.” De groep uit Velsen sjokt naar een zaaltje waar ze een introductie van Broeders krijgen. Hun energieniveau neemt zichtbaar toe als ze daarna met een iPad in de hand door een modern laboratorium vol proefjes en spellen mogen zwerven. Drie meiden staan voor een vitrine met daarin Mein Kampf. Wat mag je verbieden in een democratie? “Ik zou dit boek niet verbieden”, zegt een van hen. “Je kunt er toch juist van leren als je het leest?” Even verderop staan twee jongens een puzzel te maken over de trias politica. Ze discussiëren over het puzzelstuk ‘politie’, is dat nu rechtsprekend of uitvoerend? Daarnaast staat een klasgenoot te turen door een van de microscopen, waarin beledigende foto’s voor christenen, joden en moslims te zien zijn. Standpunt: grappen maken over iemands geloof moet kunnen. Ja of nee?

Busladingen scholieren

Uit een enquête-onderzoek van ProDemos onder 750 middelbare scholieren blijkt dat het zogeheten DemocratieLAB effect heeft. Zowel vmbo als vwo-scholieren vinden politiek leuker en belangrijker dan voorafgaand aan deelname. Het is een van de succesnummers van het Haagse instituut waar jaarlijks meer dan 80.000 scholieren langskomen voor een dag les in democratie. Ze mogen rondkijken in de Tweede en Eerste kamer, leren debatteren in een nagebouwde Tweede Kamer en shoppen standpunten in een heuse StemWijzerWinkel. ProDemos verzorgt dagelijks educatieve programma’s voor scholen, niet alleen voor het voortgezet onderwijs; ook basisscholen, mbo’s en praktijkscholen komen langs. Het instituut geeft gastlessen op scholen en in rechtbanken, maakt stemwijzers en organiseert politieke rollenspellen in provinciehuizen en gemeenten. Met het Democracity-spel bouwen basisschoolleerlingen bijvoorbeeld gezamenlijk een stad. “Zonder termen als compromis, overleg, argumentatie en meerderheid te noemen begrijpen ze de essentie van democratie feilloos”, zei Kars Veling trots bij zijn afscheid in juli. Veling, voormalig Tweede Kamerlid en fractievoorzitter van de ChristenUnie, was vijf jaar lang directeur van het instituut. Het instituut groeide aanzienlijk in zijn tijd. Hij is inmiddels opgevolgd door Eddy Habben Jansen die al adjunct-directeur was. Hij ziet in de aankomende renovatie van het Binnenhof mooie kansen voor verdere groei van ProDemos zei hij bij zijn aantreden, doelend op de plannen om extra ingangen voor scholieren te maken. Scholieren interesseren voor politiek is hard nodig. Jongeren die minder kennis hebben van politiek, zullen later ook minder vaak naar de stembus gaan blijkt uit onderzoek. Draagvlak voor democratie ontstaat niet vanzelf. Daarom is het zorgelijk dat een internationaal vergelijkende studie laat zien dat Nederlandse leerlingen minder kennis hebben over politieke structuren en democratische principes dan hun Europese leeftijdsgenoten (zie ook kader, blz. 35). De organisatie kreeg in 2015 zo’n vier miljoen euro subsidie van het ministerie van Binnenlandse Zaken, en nog eens ruim een miljoen van de Tweede Kamer. Scholen hoeven niet te betalen om mee te doen aan het dagprogramma, maar de reis naar Den Haag is voor eigen rekening. Dat zet de scholen die verder van het Binnenhof afwonen op een achterstand, al subsidiëren sommige gemeenten de busreis.

Veel kleiner dan gedacht

Klas 4E uit Velsen-Zuid zoeft inmiddels omhoog naar de publieke tribune van de Tweede Kamer. Hoe zouden ze het vinden om een politicus tegen te komen? “Ik ken er niet zoveel”, zegt een van de jongens op de roltrap, maar besluit dan: “misschien Wilders.” Vanaf de tribune mogen de leerlingen vragen stellen aan Broeders. Vingers springen de lucht in. Waarom zijn die stoelen blauw? Heb je hier inspraak op de publieke tribune? Wat betekent het logo van de Tweede Kamer? Wie zijn die bodes? Hoe oud zijn die? En dan: “Kun je hier ook werken zonder hoge opleiding?” Broeders: “In principe wel, maar de Tweede Kamer is nog niet zo divers. Ik ontvang ook wel eens klassen waarin helemaal niemand zich vertegenwoordigd voelt in dit parlement.” Dat onderwerp leeft in deze gymnasiumklas niet echt, blijkt uit de lauwe reacties. Joshua concludeert achteraf dat de vergaderzaal van de Tweede Kamer vooral “veel kleiner” was dan hij zich had voorgesteld. Tunde vond het “wel leuk om de Kamer in het echt te zien”, verder interesseert ze zich weinig voor de politiek. Welke politici kent ze? “Rutte misschien. Maar ik houd me daar echt niet mee bezig.” “De meeste leerlingen kennen Wilders en Rutte, daarna houdt het wel op”, zegt Broeders. Hij vindt het niet erg. Veel belangrijker is volgens hem te laten zien dat politiek invloed heeft op hun leven. “Ik probeer een ingang te vinden om ze te bereiken”, zegt Broeders. “Een thema dat ze raakt.” Hij denkt aan de leerling die laatst aan hem vroeg: “Mijn oma kan niet meer met een busje naar de dagopvang, en langs het verzorgingstehuis rijden wel busjes die vluchtelingenkinderen naar school toe brengen. Wat vind je daarvan?” Broeders zit daarmee, met dat soort vragen. “Ik moet objectief blijven. Politiek is ook keuzes maken, zeg ik dan. Stuur eens een mailtje naar een gemeenteraadslid, of die er met je over wil praten.” Want dat probeert hij ze mee te geven: dat politici benaderbaar zijn, dat je ze kan mailen, of via Twitter een bericht kan sturen. En dat je altijd gratis de Tweede Kamer of de gemeenteraadszaal in mag.

Heilig vuur

Broeders werkt sinds 2010 als begeleider voor ProDemos Binnenhof voor Scholen. Na zijn opleiding tot docent maatschappijleer kwam hij hier werken. “Dit werk gaat in brede zin om burgerschap, om meedoen, dat vind ik mooi”, zegt hij. “Het idee dat het niet alleen om jou draait op deze wereld, dat vind ik belangrijk om mee te geven.” En misschien dat een van de kids na vandaag wel de politiek in wil”, voegt hij er lachend aan toe. “Wie weet ontvlamt het heilige vuur vandaag.”  Bij ProDemos werken meer dan 50 begeleiders van educatieve dagprogramma’s, zoals Broeders. De meesten zijn wit en hoogopgeleid, een dwarsdoorsnede van de bevolking vormen ze niet. “Natuurlijk zou het fijn zijn als de organisatie diverser wordt”, zegt Jessica Sciarone (27), een collega van Broeders. “Maar je leert je ook snel aan te passen aan de groep die je voor je hebt.” Sciarone kwam zelf jaren geleden als leerling in de Tweede Kamer via een voorloper van ProDemos, het Instituut voor Publiek en Politiek. Ze herinnert zich nog dat ze toen dacht: “Nu weet ik waarom dit belangrijk is!” Ze ging uiteindelijk politicologie studeren, een bijzondere stap voor een meisje uit een gezin waar nooit over politiek werd gepraat. “Mijn ouders hebben er niets mee”, zegt Sciarone. “Ze stemden ook nooit, totdat ik er een keer met ze over gepraat heb. Nou ja, gepraat. Ik zei tegen ze: jullie gaan nu gewoon stemmen! Al stem je blanco.” Terugblikkend op haar eigen ervaring zegt Sciarone daarom: “Je weet nooit hoeveel impact een scholenbezoek kan hebben.” Zelf vindt ze de bezoeken van vmbo-groepen het leukst. “Dat zijn de kinderen die hier misschien maar een keer in hun leven komen. ’s Morgens lopen ze binnen met zo’n blik van: wat moet ik hier? Dan zie je ze later op de dag over het Binnenhof rennen met die tablets, of ze gaan los tijdens het debatteren.” Al krijgt ze ook wel eens te maken met een uitspraak als “Er wordt toch niet naar mij geluisterd.” Lastig, zegt Sciarone. “Soms hoor je machteloosheid doorklinken in vragen.”

Vuurwerkverbod

Met klas 4E komt het wel goed, blijkt als de dag wordt afgesloten met een debat in de nagebouwde Tweede Kamer. De regering heeft er net een nieuw wetsvoorstel voorgelegd: vuurwerk afsteken moet verboden worden. De leerlingen hebben allemaal een partij toegewezen gekregen, de welbespraakte tieners vinden al snel hun weg naar de interruptiemicrofoon. “Mevrouw de voorzitter, ik wou nog even precies horen hoe hij zo’n vuurwerkverbod dan wil handhaven.” Het gaat er serieus aan toe. Het wetsvoorstel redt het uiteindelijk niet, maar vlak voordat de bus naar Velsen-Zuid weer vertrekt, worden er toch nog twee moties aangenomen: er komt belastingverhoging op milieuvervuilend vuurwerk, en er komen vuurwerkvrije zones.

Over die jeugd van tegenwoordig

Over de politieke interesse van jongeren in Nederland wordt wat afgesomberd. Ze zouden minder vaak gaan stemmen, geen vertrouwen hebben in de democratie en weinig politieke kennis hebben. Hoe zit het precies? Allereerst het stemmen: Bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2010 was de opkomst onder jongeren (18-25 jaar) 59 procent, 12 procent minder dan in 2006. Maar in 2012 was de opkomst 70 procent. Kortom: het stemgedrag onder jongeren fluctueert. Dan het vertrouwen in de democratie. Drie politicologen concludeerden in hun boek De wankele democratie onlangs nog dat het allemaal wel meevalt met jongeren in Nederland. Ze zijn minder cynisch over politiek dan ouderen en vinden democratische principes belangrijk. Nederlandse leerlingen scoren wel relatief slecht op burgerschapskennis en kennis van politieke processen. Dat blijkt uit de Citizenship and Civic Education Study, een internationaal vergelijkend onderzoek naar burgerschapscompetenties van leerlingen in de onderbouw van de middelbare school. Een op de vier Nederlandse leerlingen heeft een goed begrip van politiek en burgerschap, maar meer dan 40 procent van de jongeren in Nederland zit net op of onder het elementaire beheersingsniveau van burgerschapscompetenties. Politicoloog Hessel Nieuwelink promoveerde in juni op zijn onderzoek Becoming a democratic citizen. Zijn bevindingen: jongeren hebben op school weinig mogelijkheden om positieve ervaringen op te doen met democratische besluitvorming, zoals debatteren en het opkomen voor eigen standpunten en belangen. Ook dit geldt met name voor leerlingen op het vmbo.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda