FacebookTwitterLinkedIn
dinsdag, 30 August 2016 09:24

Hindoe draagt zijn goeroe op handen

Tekst: Paul van der Velde Tekst: Paul van der Velde

"Zelfs als er schoenen gemaakt worden van de huid van mijn rug, dan nog heb ik mijn goeroe nog niet genoeg terugbetaald!" Plaats en rol van de goeroe zijn voor de hindoesamenleving van het grootste belang. Niettemin, soms doet een goeroe zo 'raar', dat je zijn daden niet moet willen navolgen.

Het woord goeroe komt uit het Sanskriet, de oude heilige taal van India. Het woord betekent ‘belangrijk’, ’groot’ of ‘zwaar’ – dat laatste ook als het bijvoorbeeld gaat om lichaamsgewicht – maar ook ‘vader’. Er is een populaire verklaring voor het woord die je ook nogal eens in het Westen hoort, het woord goe zou ‘duisternis’ betekenen en roe ’verdrijver’. Het woord als geheel zou dan impliceren dat het woord goeroe betekent ’verdrijver van (spirituele) duisternis’. Etymologisch klopt deze verklaring absoluut niet, maar je hoort hem zo vaak dat het woord goeroe cultureel gezien deze betekenis nu wel heeft. Veel Indiërs zullen het woord nu ook als zodanig uitleggen, al klopt dat eigenlijk niet.

Tweemaal geboren

In India verwijst het woord goeroe meestal naar een leraar of lerares die je onderricht geeft op religieus gebeid of die je een kunstvorm aanleert. Van oorsprong werd het woord bovenal gebruikt in het kader van het onderricht in de Veda. Een jongen uit de stand van de brahmanen (priesters), ksatriya’s (adel), of vaishya’s (boeren en handelaren) moest geïnitieerd worden in de Veda’s. In praktijk gebeurde dit eigenlijk alleen maar bij jongens van brahmaanse afkomst, de anderen leerden een paar hymnen en waren daarmee klaar. Een brahmaanse jongen werd in het ideale geval zo rond zijn twaalfde levensjaar naar het huis van de goeroe gestuurd voor het vedische onderricht. De jongen verliet dan officieel zijn ouderlijk huis. In het huis van zijn goeroe werd hij ritueel geïnitieerd. Zijn haar werd op een specifieke manier geschoren, hij kreeg speciale kleding aan met een gordel en een staf in de hand. Ook kreeg hij een heilige draad om, het zogeheten yajnopavita of ‘offerkoord’. Deze draad die van de linkerschouder naar de rechterheup liep was het teken van zijn ‘tweede geboorte’. De eerste geboorte voltrok zich uit de schoot van zijn moeder, de tweede geboorte was het gevolg van de initiatie. Vanaf nu behoorde de jongen tot de zogenaamde ‘tweemaal geborenen’. Brahmanen spreken in het algemeen over de bijzondere afkomst van hun groepering. Tot op de dag van vandaag stellen zij dat zij zijn ontstaan uit de mond van het grote allereerste wezen (purusha). Vandaar dat alleen zij de heilige klanken mogen uiten bij de rituelen. Vandaar ook de enorme nadruk op hun reinheid en op hun bijzondere vermogens de inhoud van de hymnes tot werkelijkheid te laten worden. In de Indiase samenleving heeft men zeer hoge verwachtingen van de vermogens van de brahmanen. Zo gaan veel hindoes ervan uit dat als de brahmanen hun ochtendrituelen niet houden de zon niet eens opkomt. Als zij hun rituelen staken, wordt de maan niet meer vol en blijft de regentijd uit. De taak van brahmanen is dan ook de wereld te houden zoals deze is. En de persoon die deze vermogens in de jonge brahmanen weet los te maken was de goeroe. Dit maakt het begrijpelijk dat als in India de term ‘goeroe’ valt men meteen begrijpt dat het over hele serieuze zaken gaat die eigenlijk de hele samenleving betreffen.

Onderricht in de kunsten

Omdat de kunsten in India vaak ook worden beschouwd als openbaringen uit de hemel, zie je dat de leraar of lerares van een kunstvorm ook nogal eens met de term ‘goeroe’ wordt aangesproken. Een muziekleraar of dansleraar or -lerares spreek je ook vaak aan met goeroe, of goeroe djii (djii is een woordje dat van respect getuigt). Dit heeft er ook mee te maken dat in Azië veel kunstvormen en vormen van wetenschap als wegen tot verlossing worden gezien.  Zelfs onderricht in grammatica, wiskunde of zang kan uiteindelijk tot verlossing van wedergeboorte leiden en dan valt direct weer de term goeroe. Interessant is het om te zien dat een goeroe je heel lang in de traditie zal onderrichten. In de danskunst moet je je bijvoorbeeld heel specifieke moeilijke houdingen en ritmes eigen maken. Uiteraard kom je daarbij je beperkingen tegen. Een mens kan niet alles en niemand heeft bijvoorbeeld een perfect symmetrisch lichaam. Jaren lang moet je jezelf trainen om de ideale belichaming van de ze traditie te worden. Jarenlang zal je tegen dezelfde grens aanlopen omdat een vinger of hand een bepaalde houding niet kan aannemen. Op een bepaald moment echter – en dat kan onverwacht opeens op een dag zomaar gebeuren – lijkt alles om te draaien. Nu belichaam jij de traditie met al je goede kwaliteiten en je beperkingen. Jij bent nu de overdracht geworden in deze traditie.  Eigenlijk ben jij nu in staat het ‘goeroeschap’ op je te nemen, al zullen heel wat leerlingen als deze termen gaan vallen verlegen beginnen te lachen: ‘Nee, ik ben niet goed! Mijn leraar, die is goed!’.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda