FacebookTwitterLinkedIn
vrijdag, 05 August 2016 14:33

Een goede slag is een volmaakt gebed

Tekst: Anton de Wit Beeld: Marleen Swaans Tekst: Anton de Wit Beeld: Marleen Swaans

Het westers christendom is lui geworden, stram in de gewrichten, slap en zwakbenig, meent Anton de Wit. Zijn advies: sporten! Sinds hij aikido beoefent, is de katholiek De Wit zijn geloof beter gaan begrijpen. "Het sporten stelt mij in staat om mij de waarden en deugden die mijn geloof mij voorspiegelt, letterlijk door het lijf te laten gaan."

Toen ik me ruim tien jaar geleden aanmeldde bij een sportvereniging, had ik daar weinig verheven gedachten bij. Het leek me tijd om weer eens van mijn luie achterwerk te komen, ter voorkoming van een bierbuik en/of muisarm. Als kind had ik fanatiek aan judo gedaan, maar zoals dat gaat vervloog al mijn sportiviteit met de eerste stiekeme trekjes aan een sigaret achter het fietsenhok op school.
Eenmaal volwassen was ik weliswaar gestopt met roken, maar nog niet veel sportiever geworden. Toen ik las dat er in mijn vinexgetto een aikidovereniging (ook een Japanse krijgskunst, verwant aan judo en jiujitsu) van start ging, dacht ik: vooruit. Ik heb er geen spijt van gehad, beoefen de sport nog altijd minimaal twee avonden per week, heb inmiddels mijn zwarte band en lesbevoegdheid gehaald, geef zelf ook aikidoles aan kinderen. Mij hoor je nooit klagen dat ik geen twintig meer ben, want ik ben aanzienlijk fitter dan toen ik twintig was.

Bondgenoten

Goed, daarmee behoor ik keurig tot de krappe meerderheid (51 pct.) van de Nederlanders die volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau ten minste wekelijks aan sport doet – een alleszins respectabele hoeveelheid; alleen in Frankrijk, Luxemburg en de Scandinavische landen wordt nog meer gesport. Vergelijk dat eens met ons afkalvende kerkbezoek – nog maar 12 procent van de Nederlanders gaat even regelmatig naar de kerk, zo leerde het recente God in Nederland-onderzoek. De tabellen uit dat rapport lijken zelfs zo’n beetje omgekeerd evenredig aan de SCP-tabellen over sportiviteit in Nederland; ouderen sporten minder dan jongeren maar gaan vaker naar de kerk, hoogopgeleiden zijn sportiever maar minder kerkelijk in vergelijking met laagopgeleiden, enzovoorts. De socioloog die slechts in bloedeloze categorieën van ‘vrijetijdsbesteding’ denkt, zou ze bijna als concurrenten kunnen gaan zien, sport en religie.
Maar in die statistieken ben ik dan weer atypisch, want ik bezoek ze allebei even trouw en fanatiek, sportschool en kerk. Voor mij zijn ze zeker geen concurrenten, maar juist bondgenoten. Hoe diep dat bondgenootschap gaat, heb ik pas gaandeweg ontdekt – want nogmaals, mijn beslissing om te gaan aikidoën was vooral een pragmatische, geen ideële. Maar achteraf bezien vallen mij parallellen op tussen mijn religieuze en mijn sportieve ontwikkeling, die ik niet te makkelijk als toeval van de hand wil doen. Het katholieke geloof waarmee ik opgroeide was even robuust en ongecompliceerd als het judo dat ik beoefende. Met mijn sportiviteit vervloog in mijn puberteit ook mijn geloof. Met de sigarettenrook blies ik blasé mijn nieuwverworven atheïstische en antigodsdienstige wijsheden het luchtledige in. Tot ik er zelf van ging walgen, van de assmaak in mijn mond en de asgrauwe gedachten in mijn hoofd. Atheïsme is een vorm van geestelijke luiheid, en niet lang nadat ik mezelf een schop onder de kont gaf om weer terug naar de kerk te gaan, herontdekte ik ook de dojo – in Japan overigens niet enkel een trainingsruimte, maar tevens een sacrale ruimte. Ja, sport en religie hebben – op z’n minst voor mij – álles met elkaar te maken.

Innerlijke vrede

Laat ik proberen dat verband iets nauwkeuriger te beschrijven voor mijn eigen sport en mijn eigen geloof; wie er andere religieuze of sportieve smaken op nahoudt mag zelf beslissen in hoeverre de vlieger ook daarbij opgaat. Aikido is een Japanse krijgskunst met wortels in het shintoïsme en (zen)boeddhisme, en het wordt zelfs weleens beschreven als moving zen. Zonder die culturele eigenheid te willen miskennen, heb ik het persoonlijk echter leren begrijpen als ‘bewegend christendom’. Het eigenaardige aan aikido, is dat het geweld niet met geweld beantwoordt, dat het wars is van de logica van het recht van de sterkste, dat het innerlijke vrede en een rotsvast vertrouwen cultiveert. Allemaal waarden en deugden die ik als christen ultiem in Christus belichaamd zie.
Mijn geloof maakt zo dat ik mijn sport beter begrijp, en andersom werpt mijn sport steeds een nieuw licht op mijn geloof. Niet dat ik verstandelijk mijn sport beoefen – allerminst, nog altijd word ik amper door verheven gedachten geplaagd wanneer ik op de mat sta te zweten. Nee, ik ben mijn geloof veeleer lichamelijker gaan beleven. Het sporten stelt mij in staat om mij de waarden en deugden die mijn geloof mij voorspiegelt eigen te maken, te verinnerlijken, letterlijk door het lijf te laten gaan… Geestelijke en lichamelijke oefening, fysieke en spirituele vorming vallen dan steeds meer samen.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda