FacebookTwitterLinkedIn
dinsdag, 07 June 2016 16:21

De oudheid is telkens nieuw

De oudheid is telkens nieuw Tekst: Sjoerd van Hoorn

De klassieken mogen zich verheugen in een grote populariteit terwijl het klassieke steeds meer onder druk komt te staan. Een bekend parfummerk bracht enkele jaren geleden een herengeur met de naam Invictus op de markt en een vrouwengeur met de naam Olympea. In de reclame voor Invictus (Latijn: onoverwinnelijk of niet overwonnen) marcheert de held met ontbloot bovenlijf door een grijs landschap, nagestaard door stenen goden; zijn vrouwelijke evenknie, in een minieme Griekse tuniek, beent elegant door een soortgelijk landschap, de berg Olympus. De goden daar vervelen zich het schompes, totdat de jongedame en twee vriendinnen uit een letterlijk gevleugelde sportauto stappen om hen vervolgens eveneens na te staren. De boodschap is dat de genoemde parfums de soevereiniteit van het klassieke verlenen, maar de drager ook doen ontsnappen aan het versteende landschap. Blijkbaar heeft de klassieke oudheid nog steeds cachet, maar het moet wel het de zweem van het nieuwe hebben.

Zelfstandig lezen

Parfums hebben alles met verleiding te maken en wat is er nu verleidelijker dan een met ironie gedragen zelfvertrouwen – een zelfvertrouwen zoals de Griekse goden en godinnen dat hadden.

Wie er een beetje op let, ziet de klassieken overal terug keren, niet alleen in de overbekende namen van voetbalclubs, parfums en scheermessen voor vrouwen, maar ook in de vormgeving van reclames en vooral in de duizend-en-een bewerkingen van klassieke mythen, de Disneytekenfilm Hercules bijvoorbeeld of de groteske actiefilm 300, gebaseerd op de historische slag bij Thermopylae, waar driehonderd Spartaanse soldaten het lang uithielden tegen duizenden Perzische soldaten – een film die uitkwam ten tijde van de Amerikaanse oorlog tegen het Irak van Saddam Hoessein.

Ook een wat meer intellectuele omgang met de klassieke oudheid doet het goed: de populariserende geschiedenissen van de Romeinse oudheid van Fik Meijer en Tom Holland gaan als de spreekwoordelijke warme broodjes over de toonbank terwijl geen respectabele krant of opinietijdschrift het nog zonder besprekingen van oud-historische thema’s door bekende classici als Piet Gerbrandy en David Rijser (over wie later meer) lijkt te willen stellen. Ook verschijnen er met regelmaat nieuwe vertalingen van Griekse en Romeinse literaire of historische teksten.
Op het eerste gezicht gaat het dus buitengewoon goed met de klassieken. De Grieken en Romeinen hebben over belangstelling niet te klagen. Toch staat het klassieke onder druk. De eerste reden daarvoor is eenvoudig maar allerminst banaal. Maar een heel kleine minderheid van de scholieren leert Latijn en Grieks, de talen waarin vrijwel alle teksten uit de klassieke oudheid zijn geschreven. Zelfs deze minderheid is vaak niet in staat om vervolgens de klassieken ook werkelijk zelfstandig te lezen. Latijn en Grieks zijn moeilijke talen die veel tijd kosten, tijd die de school van vandaag hoe langer hoe meer aan vakken als burgerschap en digitale vaardigheden lijkt te willen besteden. Ter vergelijking, een gymnasiast in de jaren ’40 van de vorige eeuw kon Latijnse verzen schrijven, een classicus van nu kan Latijnse verzen lezen met hulp van een woordenboek.

Login om meer te lezen

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda