FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 1

    VOLZIN 2019: NUMMER 1

      Volzin organiseerde in samenwerking met Tilburg University een schrijfwedstrijd. Thema was: ‘Kunst
    02 januari 2019 - Lees meer
maandag, 22 February 2016 09:25

Mohammed Benzakour: ‘Dit is geen boek voor gelovigen’

Mohammed Benzakour: ‘Dit is geen boek voor gelovigen’ Tekst: Nico Keuning Beeld: Aya Musa

‘De koning komt’ heet het nieuwe boek van Mohammed Benzakour. De auteur is teruggegaan naar zijn geboortegrond in Marokko. “Een wonderlijk gebied dat mooi is van lelijkheid. Het krioelt er van verhalen, roddels, taferelen. Een goudmijn voor een schrijver.”

Op de plek in de Sterrenbuurt in Zwijndrecht waar zijn katholieke basisschool stond,  staan nu een paar ijzeren banken op een strook groen. Schrijver Mohammed Benzakour (44) kijkt naar de lege plek en herinnert zich dat de juffrouw een verhaal voorlas waar hij onbedaarlijk om moest lachen. In het verhaal heeft een man zijn vrouw vermoord. Het lichaam bewaart hij in een vrieskist. Hij voert haar in stukjes op aan de meeuwen. Gevederde vrienden luidt de titel van het verhaal van Jan Wolkers. Er slaat een vonk over van de tekst naar de jonge Mohammed die later alles van de schrijver uit de bibliotheek zal lenen en lezen: “Niet mijn ouders, maar Wolkers is mijn opvoeder. Het was ook wel een uitvlucht uit dit bedompte dorpje. Zwijndrecht heeft meer kerken dan kroegen. Op zondag luiden de hele dag de klokken. Er wordt nog steeds gediscussieerd of de winkels op zondag wel of niet open mogen zijn. Vlakbij is de zwartekousenkerk waar veel gezinnen naartoe gaan. Mannen met hoeden. Er zijn twee moskeeën. Een Marokkaanse in een oude basisschool en een Turkse in een voormalige katholieke kerk waar niemand meer kwam.”  

Ver vaderland

De Jupiterstraat tegenover de school is onherkenbaar veranderd door de nieuwbouw. Verderop tegen het spoor spat het zonlicht van de aluminiumpalen van een voetbalkooi. Het enige wat nog herinnert aan 1975 toen Benzakour hier op driejarige leeftijd kwam wonen, zijn de flats in de Uranusstraat. Tegenwoordig komen via de schotelantennes de tv-beelden uit het verre vaderland helder de huiskamer binnen. Benzakour kijkt door het glas van de nieuwe voordeur. “De hal is nog hetzelfde,” zegt hij. “We vingen muggen en gooiden die in een spinnenweb om te kijken hoe de spin zijn prooi aanviel. Er was ook een wilde hond in de buurt die eenden dood beet. Er liepen bloedsporen over het beton. De hond is afgemaakt.”

Jongensherinneringen aan een spannende jeugd in een vredelievende buurt waar toen vooral Nederlanders woonden. “Nu is de Sterrenbuurt zwart. De gemeente heeft wel een paar dure koopwoningen neergezet om de buurt wat gemengder te maken.”

We lopen in de richting van het kerkhof dat van de Uranusstraat wordt gescheiden door een sloot. Eenden en meerkoeten vechten met veel watergeweld om een vrouwtje. “Vroeger voeren wij hier met bootjes,” vertelt Mohammed. “Je moest niet in het water vallen. Er werd gezegd dat er bloed van de lijken van het kerkhof de sloot in liep. Als je in het water viel, ging je dood.”

Voor wijkcentrum Xiejezo staat een paal met blauwe richtingborden die naar alle windstreken wijzen. Het bord Zwijndrecht staat haaks op Marokko. Dat geeft zijn jeugd goed weer. Als moslim gaat hij naar een katholieke school. Thuis spreekt hij Berbers. Op zijn zesde jaar reist hij per vliegtuig met zijn ouders voor het eerst terug naar zijn geboortedorp Ouled Ali in de noordelijke Rifprovincie Nador, dat met Ségangan het decor vormt van zijn pas verschenen boek De koning komt. Het gebied ook waar zijn zusje toen ze een jaar was, plotseling is overleden. Na nog een paar reizen naar zijn geboorteland mocht hij er van zijn ouders niet meer naartoe. “Mijn moeder was bang dat ik door het boze oog zou worden geraakt.”

Mantelzorger
Zijn telefoon gaat. Zijn vader verbindt hem door met een verpleegkundige. Benzakour is mantelzorger voor zijn invalide moeder. Daarom woont hij weer in Zwijndrecht. Vlakbij. Over zijn moeder schreef hij het boek Yemma. Door haar ziekte is hij als moslim anders over het geloof gaan denken. “Dat was zo ingrijpend voor haar en voor mij. Hoe kan het dat iemand die zo vroom is, zich zo heeft vastgeklampt aan Allah, dat diezelfde Allah haar in de nadagen van haar leven deze verbijsterende handicap heeft gegeven met alle treurige ellende die erbij hoort. Doorligplekken, door de hele dag in een rolstoel zitten. Half verlamd, niet kunnen praten. Ik kan er niet bij dat een barmhartige God haar kapot heeft gemaakt. Mijn vader en broer zijn erdoor in een depressie terechtgekomen. Ik heb de taal, mijn boeken. Voor mij is er nog een ander leven.”

 

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda