FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 1

    VOLZIN 2019: NUMMER 1

      Volzin organiseerde in samenwerking met Tilburg University een schrijfwedstrijd. Thema was: ‘Kunst
    02 januari 2019 - Lees meer
donderdag, 01 October 2015 14:01

Uit de eenheid gevallen

Tekst: Bert van der Kruk. Beeld: Koos Breukel Tekst: Bert van der Kruk. Beeld: Koos Breukel

Jaap Goedegebuure (St. Annaland, 1947) is emeritus-hoogleraar Moderne Nederlandse Literatuur aan de Universiteit Leiden en literatuurcriticus. Van zijn hand verschijnt een dezer dagen Wit Licht, poëzie en mystiek in de Nederlandse literatuur van 1890 tot nu (uitgeverij Vantilt).

AAN DE SLOTERPLAS

Ooit was je als een boom,

schoot wortel in de zonneschijn

en in de schaduw van de Heer,

je spiegelbeeld deinde

zachtjes op de golfslag van het meer –

als een eend eens was je,

kon niet anders praten dan gesnater,

maar de Heer was altijd aanwezig

in de geest van water.

Nu ben je als een mens,

valt in legio vormen neer

van de moedervorm,

myriaden wolkjes stof geslagen

van een uniform,

en kent de Heer niet meer.

Je zult wel zitten wachten

op haar terugkeer.

- Hans Verhagen (1939), uit Duizenden Zonsondergangen (1971)

 

"Hoewel ik helemaal geen bibliofiel ben, koester ik de bundel Duizenden Zonsondergangen als een kostbaar bezit. Ik heb het begin jaren zeventig gekocht, dus het loopt al een tijdje met me mee. Hans Verhagen was een cultheld voor babyboomers, een boegbeeld van flowerpower. Als dichter was hij het equivalent van wat John Lennon in de popmuziek was. Hij ging anderen voor in het alternatieve leven en denken. In zijn derde bundel maakt hij een wending naar de religie, met name de oosterse spiritualiteit. Dat was binnen die beweging niet ongebruikelijk. Maar Verhagen mengde die mode met een sterke fascinatie voor Jezus. Hij had een groot Jezuscomplex.

Uit dit gedicht spreekt die fascinatie, maar ook een sterk besef van mystieke gezindheid. Verhagen zet twee werelden tegenover elkaar. De wereld van de eenheid, waarin je als kind nog verbonden met de moeder en helemaal leeft in symbiose met de natuur en het goddelijke. Daartegenover de wereld van de volwassenheid, waarin je uit die eenheid valt en jezelf gespleten voelt. Het gedicht heeft een prachtige quasi naïviteit: het kinderlijke dat in de eerste strofe verheerlijkt wordt, komt terug in allemaal kinderlijke beelden. Het is op het sentimentele en zoete af; Verhagen speelt met de kitsch. Daarna valt de moedervorm in legio vormen uiteen – volgens mij een verwijzing naar het verhaal waarin Jezus legio boze geesten uitdrijft in een kudde zwijnen – en komt tegenover het uniform te staan, de wereld van de vader. En dan dat mooie slot, waarin haar terugkeer zowel naar de moeder als de Heer verwijst.

Het gedicht getuigt van een heel eigen, diep doorleefde religiositeit, zeg maar gerust gecombineerd met mystiek. Het gaat over het verlangen om weer vanuit de heelheid te kunnen leven. Veel mystieke teksten – denk aan Hadewijch bijvoorbeeld – zijn niets anders dan uiting van dat verlangen, de tragische constatering: eens was het er, maar nu zijn we het kwijt. De mystieke momenten zelf zijn zeldzaam, ook in het leven van een mysticus. Heel even is het er, dan is het weg. Verhagen associeert die met de vroegste kindertijd. Zelf heb ik nooit het gevoel gehad dat dat de gelukkigste tijd van mijn leven was. Maar ik kan me voorstellen dat je de periode waarin je nog een zuigeling bent, onbewust van alles, in symbiose met de moeder, als groot geluk kunt ervaren. Niet voor niks zeggen veel filosofen dat het bewustzijn, waardoor wij ons onderscheiden van de dieren, ons grote ongeluk is. Door ons bewust te zijn van onszelf, als individu, zijn we afgesneden van het grote geheel. Je bent een eenling, en dat is niet tot je geluk. Je wilt opgaan in het geheel – dat herken ik wel.

Poëzie is bij uitstek een medium dat het mystieke verlangen kan oproepen. Poëzie probeert om de dood ongedaan te maken en de tijd stil te zetten, zoals Hans Faverey, een van mijn favoriete dichters, zei. De relatie tussen literatuur en religie houdt me al zeker 35 jaar bezig. Ik denk dat ik dat rustig een compensatie kan noemen voor mijn verloren christelijk geloof. Door erover te schrijven, moet ik mij er als niet praktiserend religieus mens toch toe verhouden. Met de nodige affiniteit, dat wel. Ik had het er pas over met presentator en dichter Wim Brands. We zijn beiden religieus opgevoed, maar doen daar niks meer aan, gewoon omdat we niet meer kúnnen geloven. Maar er zijn momenten dat we weleens denken: het zou fijn zijn als we het wél konden."

Jaap Goedegebuure, (St. Annaland, 1947) is emeritus-hoogleraar Moderne Nederlandse Literatuur van de Universiteit Leiden en literatuurcriticus. Van zijn hand verschijnt een dezer dagen Wit licht, poëzie en mystiek in de Nederlandse literatuur van 1890 tot nu (uitgeverij Van Tilt).

 

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda