FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 1

    VOLZIN 2019: NUMMER 1

      Volzin organiseerde in samenwerking met Tilburg University een schrijfwedstrijd. Thema was: ‘Kunst
    02 januari 2019 - Lees meer
woensdag, 30 September 2015 09:53

Morele dijkdoorbraak?

Tekst: Rik Torfs. Beeld: ANP Foto Tekst: Rik Torfs. Beeld: ANP Foto

Verwachten katholieken te veel van de komende bisschoppensynode? Hopen zij ten onrechte dat de kerkelijke positie van burgerlijk hertrouwde echtgescheidenen en homoseksuelen aanmerkelijk zal verbeteren? Rik Torfs waarschuwt voor te veel pessimisme. "Het is niet te laat. Dat was het vroeger. Nu niet meer."

Een belangrijke reden om te vermoeden dat de wereldbisschoppensynode die op 5 oktober in Rome van start gaat, geen werkelijke veranderingen gaat brengen, is het feit dat echte veranderingen in de rooms-katholieke kerk ongebruikelijk zijn geworden. Na het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) ging het mis. Paus Paulus VI, aan het roer van 1963 tot 1978, deinsde terug voor te grote structurele veranderingen in het spoor van het concilie. En Johannes Paulus II (1978-2005), wiens eindeloos lange pontificaat inhoudelijk ook de regeerperiode van Benedictus XVI (2005-2013) overspant, is achteraf bekeken vooral de paus van de doctrinaire verharding. Communicatief, charismatisch, daar niet van. Maar onwrikbaar wanneer het over de leer en vooral over seksuele moraal ging, een onderwerp waaraan hij onevenredig veel aandacht besteedde. Hij is nog maar pas heiligverklaard (2014), of de schaduwzijden van zijn beleid komen steeds duidelijker tot uiting.

Kuise charmes

De lange regeerperiode van de vorige twee pausen had natuurlijk ook een stevige invloed op het bestuursapparaat in het algemeen. Er werden vooral bisschoppen van behoudende signatuur benoemd, ook in landen waarin dat voorheen niet altijd het geval was. Denk maar aan kardinaal Eijk in Nederland. Maar ook in de Verenigde Staten is de ommekeer sterk waarneembaar. Zoek je vandaag theologische hardliners, dan kan je, beter dan in Rome, in de States terecht. Kenschetsend is bijvoorbeeld een tekst die zeven Amerikaanse paters dominicanen en een ongehuwde leek vorig jaar in de Engelse editie van Nova et Vetera ('internationaal forum voor theologische en filosofische studies vanuit een thomistisch perspectief') lieten verschijnen. Daarin vielen ze de al te vooruitstrevende ideeën aan die kardinaal Walter Kasper op 20 februari 2014 tijdens een bijeenkomst van de kardinalen formuleerde. Burgerlijk hertrouwde echtgescheidenen, zo argumenteren de acht, dienen 'spirituele communie' na te streven in plaats van de voor hen onbereikbare hostie. Tegelijk wijzen ze op de charmes van de kuisheid: "Kuisheid is een vrucht van de genade, geen boetedoening of ontbering van iets." Christus leerde ons dat kuisheid mogelijk is, zo vervolgen ze, zelfs in moeilijke omstandigheden, want de genade van God is sterker dan de zonde.

Het doet plezier te vernemen dat de acht celibatairen die het stuk opstelden, van hun kuisheid genieten. Dat schrijf ik zonder enige vorm van laatdunkendheid of ironie tegenover het door hen gekozen levenspad. De vraag is echter niet of kuisheid een goede optie is. Ze luidt: is kuisheid de enige weg?

Volgens de acht wel, buiten het kerkelijk huwelijk toch. Daarbij valt overigens iets bijzonders op. Hun pleidooi richt zich minder op het welzijn van individuele gelovigen dan op de positie van de rooms-katholieke kerk in een – volgens de acht – zedelijk op hol geslagen samenleving. De hedendaagse cultuur beweert dat kuisheid onmogelijk of zelfs schadelijk is, voeren ze aan. "Maar dat seculiere dogma staat haaks op de leer van de Heer." Duidelijk positioneren de acht de kerk als contrastgemeenschap die het opneemt tegen de ontspoorde dominante cultuur. Individuele gelovigen hebben als taak binnen die contouren te functioneren: hun persoonlijke situatie is ondergeschikt aan het algemene imago van de kerk.

In beton gegoten

Het Amerikaanse stuk vertolkt feilloos een gedachtegang die ook tijdens de komende synode bij behoudende participanten bijval zal oogsten. Maar weerstand tegenover meer openheid tref je natuurlijk niet enkel onder Nederlandse of Amerikaanse katholieken aan. Zo wordt het homoseksuele huwelijk op vele plaatsen categoriek verworpen. Het mag dan in westerse landen steeds meer succes hebben, ook daar heerst geen eensgezindheid. In Frankrijk kwam in 2013 le mariage pour tous, het huwelijk voor iedereen tot stand. Maar niet zonder massale betogingen tegen het homohuwelijk. Elders in de wereld is de vijandigheid nog groter. In sommige landen heet het zelfs dat homoseksualiteit er niet voorkomt.

Er zijn dus heel wat redenen om pessimistisch naar de komende synode te kijken. Zowel sterke conservatieve tendensen in westerse landen, als vijandigheid tegenover homoseksualiteit in andere continenten, wijzen in die richting. En toch.

Dat de synode plotseling voor een kerkelijk homohuwelijk zal opteren, is uitgesloten. Daarvoor is het theologische en juridische statuut van het huwelijk al te zeer in beton gegoten. Canon 1055 §1 van het kerkelijk wetboek (1983) is duidelijk: "Het huwelijksverbond, waardoor man en vrouw met elkaar een het algehele leven omvattende gemeenschap vormen, die uit haar natuurlijke aard gericht is op het welzijn van de echtgenoten en op het voortbrengen en opvoeden van kinderen, is door Christus de Heer tussen gedoopten verheven tot de waardigheid van sacrament." Het gaat bij het huwelijk wel degelijk om een relatie tussen een man en een vrouw, en dat heteroseksuele huwelijk – en dus niet de homoseksuele relatie – werd door Christus tot sacrament gemaakt. Door Christus: gewone stervelingen mogen er niet aan morrelen. Dus is er voor het homohuwelijk in de r.-k. kerk geen plaats. Toch niet de eerste jaren. Daarover geen twijfel.

Monopolie op seks

Eerlijk gezegd vind ik dat laatste niet zo'n probleem. Want de erkenning van het kerkelijke homohuwelijk zou ook een nodeloze versterking van het huwelijk als dusdanig met zich meebrengen. De gedachte dat elke vorm van seksualiteit binnen de contouren van een kerkelijk huwelijk plaats moet vinden, wordt er alleen maar door versterkt. Ongehuwd samenwonenden blijven dan volledig in de kou staan. Ook burgerlijk hertrouwde echtgescheidenen, want tussen gedoopten erkent de r.-k. kerk alleen het kerkelijk huwelijk. Zijn burgerlijke tegenhanger is niet meer dan een mooi vermomde vorm van cohabitatie.

Kortom, een formele kerkelijke upgrading van de homoseksuele relatie tot de rang van huwelijk, is niet aanbevelenswaardig. Om het enigszins provocerend te zeggen: de erkenning van het homohuwelijk als kerkelijk huwelijk lijkt op het eerste gezicht een stap vooruit (aanvaarding van homoseksualiteit), maar is tegelijk een stap achteruit (bevestiging van het monopolie van het huwelijk met betrekking tot seksualiteit). De erkenning van het homohuwelijk bevestigt de polariserende tweedeling tussen regelmatige en onregelmatige situaties, die de Antwerpse bisschop Johan Bonny in een veelbesproken brief die hij vorig jaar naar aanleiding van de gezinssynode schreef, reeds betreurde.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda