FacebookTwitterLinkedIn
dinsdag, 22 September 2015 13:59

Zanger van vergeving

Tekst: Tom Engelshoven Beeld: Asthmatic Kitty Tekst: Tom Engelshoven Beeld: Asthmatic Kitty

Zoveel is nu al duidelijk: Sufjan Stevens maakte het beste popalbum van 2015. Het door en door christelijke maar ook getroebleerde Amerikaanse muzikale genie treedt op 23 en 24 september op in Carré in Amsterdam. Hij zingt over liefde en dood, schoonheid en lelijkheid. En over vergeving.

Voor veel popmuziekcritici in binnen- en buitenland is het nu al een gelopen koers. De beste plaat van 2015 is Carrie & Lowell van Sufjan Stevens, multi-instrumentalist uit Brooklyn, muzikaal genie en christen. En inderdaad: voor de liefhebber van zachtaardige, toegankelijke luistermuziek is Carrie & Lowell een absolute must. Niet alleen vanwege de ingenieuze melodieën en eigenzinnige arrangementen, maar ook vanwege de prachtige teksten. Deze bezitten een uitzonderlijk hoog soortelijke gewicht, zowel in emotionele als spirituele zin.

Treurende ziel

Zelden was het woord 'verdieping' zo van toepassing op een popalbum als in het geval van Carrie & Lowell, waarop de veertigjarige Sufjan Stevens zijn eigen rouwverwerking na de dood van zijn moeder Carrie in december 2012 onder het vergrootglas legt. Vanaf het openingsnummer Death With Dignity, waarin hij in het ziekenhuis aan haar bed zit, terwijl zij sterft aan maagkanker ('we weten allemaal hoe dit afloopt', zingt Stevens), wordt de luisteraar bij de strot gegrepen. De wirwar van gevoelens na zijn moeders dood vormen een emotioneel bankroet, waarvan de zanger verschillende ingrediënten meedogenloos uit de doeken doet. Zoals zijn eigen misbruik van roesmiddelen en liefdeloze intimiteit. Zo zingt hij schrijnend hoe hij masturbeert terwijl zijn vriendin haar sms'jes checkt en dat zijn zelfhaat zulke proporties aanneemt dat hij het liefst een eind aan zijn leven wil maken door zich ’s nachts met auto en al in een ravijn te storten. De hel waarin Stevens zich bevindt in de twee jaar na de dood van zijn moeder Carrie laat zich goed samenvatten in het zinnetje Fuck me, I’m falling apart (Fuck me, ik val uit elkaar) uit het voorlaatste liedje van de plaat, No Shade In The Shadow Of The Cross.

Die songtitel geeft al aan: ook het geloof biedt hem geen verlossing voor zijn treurende ziel. De depressie is te groot. Hij hanteert – hoe passend – heidense beeldspraak, wanneer hij zingt dat hij een balk door zijn hart zal drijven, eenzame vampier als hij is, die vuur inhaleert. Hij omschrijft zijn depressie als een draak, een demon die hem al te lang op de hielen heeft gezeten. Zoals Stevens zelf zegt in een van de spaarzame interviews naar aanleiding van Carrie & Lowell: “Na de dood van mijn moeder voelde ik sterk de behoefte om bij haar te zijn. Me te buiten gaan aan alcohol en drugs en heel veel in het rond neuken, was mijn manier om intiem met haar te zijn.” Tegelijkertijd wordt hij overmand door de angst dat hij genetisch net zo in elkaar steekt als zijn moeder. Een angst die hij zijn hele eerdere leven heeft onderdrukt, met name door zijn keuze voor het christendom.

Emotioneel mijnenveld

Jeugd en gezinsleven van Sufjan Stevens zijn een emotioneel mijnenveld. Kennis daarover geeft de dromerige, ogenschijnlijk simpele muziek waarin telkens gitaar of piano de boventoon voert, een extra navrante lading. Begin jaren tachtig waren Carrie en Lowell, de twee mensen naar wie het album is vernoemd, vijf jaar lang een echtpaar. De albumhoes toont een foto van hen samen in die tijd. Lowell kijkt het helderst uit zijn ogen, beschermend ligt zijn hand op Carrie’s rug. Lowell Brams is Stevens’ stiefvader. Met zijn voorliefde voor muziek wijst hij Sufjan in zijn puberteit in de richting van zijn huidige carrière als muzikant. In 1999 starten stiefvader en zoon samen een platenlabeltje, het inmiddels vermaarde Asthmatic Kitty, waarover Brams nog steeds de scepter zwaait. Is Brams daarmee al decennia een constante factor in het leven van Sufjan, van Carrie kan dat allerminst gezegd worden. Hoewel ze stabiele periodes kent waarin ze een liefdevolle, zorgzame moeder is, speelt haar leven zich toch voornamelijk af aan lager wal. Ze is schizofreen, bipolair, depressief en verslaafd aan drugs en alcohol, leeft in opvanghuizen, of als dakloze zwerfster.

Carrie is op jonge leeftijd getrouwd met Rasjid Stevens, lid van een religieuze groep met Indonesisch-islamitische wortels die Subud heet. In de zeven jaar van hun huwelijk krijgt ze snel achter elkaar vier kinderen. De jongste, Sufjan, is pas een jaar oud als Carrie het gezin plompverloren verlaat. "Ik kan me niet herinneren dat zij en mijn vader getrouwd waren. Ze vertrok gewoon. Ze achtte zich niet in staat om ons op te voeden en gaf ons aan onze vader. Toen ik vijf was trouwde Carrie met Lowell. Hij werkte in een boekenzaak in Oregon. We hebben daar drie zomervakanties doorgebracht. Dat was de periode dat ik mijn moeder het meest meegemaakt heb." Als haar huwelijk met Lowell spaak loopt verdwijnt zij opnieuw uit Sufjans leven. Vader Rasjid hertrouwt. Er komen nog meer kinderen, uiteindelijk zijn ze in het gezin Stevens met z'n achten. Rasjid is verslaafd aan drank. Als een soort draaideur-sektelid maakt hij on and off deel uit van Subud en andere religieuze groepen. Ook sleept hij zijn hele gezin mee naar AA-bijeenkomsten als hij van de alcohol af wil.

Zoon Sufjan beschrijft het gezin als liefdeloos, de ouders zijn te druk bezig met hun eigen spirituele zoektochten om zich om hun kinderen te bekommeren. "Wij werden behandeld alsof we huurders waren", zegt hij over hem en zijn broers en zussen, die overigens allemaal ook zo'n aparte naam hebben. Ze kregen hun naam bij hun doop door Subudleider Bapak. Sufjan is een naam van Arabisch/Perzische origine en betekent: 'Hij die komt met het zwaard.' Een ironische speling van het lot, dat uitgerekend zo'n zachtaardige persoon als hij met zo'n oorlogszuchtige naam is opgezadeld.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda