FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 11 May 2015 11:18

'Alles vergaat, behalve de liefde'

'Alles vergaat, behalve de liefde' Tekst: Theo van de Kerkhof Beeld: Vincent van Gaalen

In haar vader, die predikant was in de Protestantse Kerk in Nederland, zag Marije Vermaas (31) een liefde werkzaam die niet alleen uit hemzelf kwam. Als ze twaalf is, ervaart ze zelf Gods nabijheid echt fysiek: "Een heel diep gevoel van vrede, liefde, geborgenheid, dat het goed is". Sindsdien weet ze dat God bij alle facetten van haar leven betrokken wil zijn. Deel 10 in de Volzin-interviewserie 'Jonge Denkers'.

Godsgeloof, de kracht van bijbelverhalen, de levende aanwezigheid van Jezus: voor domineesdochter Marije Vermaas heeft dat alles een spontane vanzelfsprekendheid. Met een haast verwonderde blik kijkt ze de wereld in. De moderne religiekritiek lijkt verrassend weinig vat op haar te hebben.
Wereldwijsheid kan haar evenwel niet ontzegd worden. Ze studeerde religiewetenschappen, was geestelijk verzorger, werkt als redacteur voor een blad over zorgethiek en is auteur van verschillende boeken; ze verdiepte zich in islam en theologie en verbleef langere tijd in het buitenland. Daarnaast is ze getrouwd en moeder van twee kinderen. “Nee, ik vind God niet moeilijk plaatsbaar in de moderne cultuur. God is van alle tijden en alle plaatsen, voorbij de culturen en voorbij de tijdgeest. Hij wil op alle momenten van de dag bij ons gewone leven betrokken zijn. Dat zie je ook in veel bijbelse roepingsverhalen. Die verhalen spelen zich doorgaans niet in de tempel af, maar juist als mensen aan het werk zijn, of onderweg, of in gesprek. Daar, in het alledaagse, openbaart God zich.”

Hoe heeft God zich in jouw leven geopenbaard?
“Ik ben opgegroeid in een domineesgezin. Geen garantie voor een gelovig nageslacht overigens. Maar ik heb thuis, in de passie van mijn vader, wel iets gezien. Hij was echt bevlogen. Bewogen door iets. Iets buiten hem zelf ook. De kracht die hij had om zó voor andere mensen te zorgen, buitenproportioneel soms. We gingen soms een week later op vakantie omdat er iemand van zijn gemeente overleden was. Van hem heb ik meegekregen dat liefde grenzeloos is. Die liefde was niet iets dat alleen uit hemzelf kwam. Ik zie het als Gods geest die in hem woonde. En ik geloof dat die geest in alle mensen wil wonen.
Ik heb ondervonden dat als je je met die geest inlaat, je anders naar mensen gaat kijken. Je krijgt liefde voor mensen van wie je je in eerste instantie zou afkeren.
Ik was twaalf toen ik tijdens een Flevofestival echt fysiek Gods geest voelde. Een heel diep gevoel van vrede, liefde, geborgenheid, dat het goed is. Het is moeilijk te omschrijven. We waren in een tent aan het aanbidden en ik ervoer dat er meer was dan alleen ikzelf en mijn vriendengroep. Het was meer dan zo maar een subjectief gevoel. Ook anderen voelden die liefdevolle aanwezigheid. Op die ervaring heb ik de jaren daarna voortgebouwd. Ik ben in de Bijbel gaan lezen. Ik zag dat God bij mijn leven betrokken wilde zijn.
Ik heb me daarin ook wel een tijd, zo rond mijn vijftiende, eenzaam gevoeld. Ik had die ervaring met God, maar niet echt christelijke vriendinnen. Ik heb toen God gevraagd of hij mij mensen wilde geven met wie ik mijn ervaringen kon delen. Die zomer ontmoette ik een jongerengroep waar ik mij in kon herkennen. En zo is het voortdurend gegaan in mijn leven. Ik wil niet zeggen iedere dag, maar er zijn zoveel momenten dat ik als het ware een gedenksteen kan neerzetten: ‘Kijk, daar is Hij weer.’ Hij antwoordde mij, zag mij, droeg mij.”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda