FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 09 March 2015 13:07

"Breng de goddeloze om"

Geweld in de Bijbel: Caravaggio: Judith onthoofdt Holofernes (1598-1599) Geweld in de Bijbel: Caravaggio: Judith onthoofdt Holofernes (1598-1599) Tekst: Victor Bulthuis


Niet alleen de Koran, ook de bijbel bevat haatdragende teksten. "Breng de goddeloze om", smeekt de verder toch zo lieflijke Psalm 139. Maakt dat deze psalm voor christenen voorgoed onzingbaar?

In reacties op de aanslagen in Parijs, de slachtpartijen van IS en Boko Haram en andere bloedbaden die met een beroep op de Koran en de Hadith worden gepleegd, hoor je het geregeld: vereenzelvig de islam niet met haar excessen, reken haar niet af op haar bloedige ontsporingen. Anderen stellen dat de islam van oudsher een gewelddadige kern bezit die daaruit niet kan worden weggesneden, een kiem van intolerantie die zich bij radicale groeperingen uit in haat en terreur jegens ongelovigen. Geert Wilders gaat daarin het verst. Tijdens een Kamerdebat op 4 september 2013 citeerde hij soera’s die volgens hem illustreren hoe diep doordrenkt van haat dit “smerige boek” is, deze “jachtakte voor miljoenen moslims”.
Een Kamerdebat over de Bijbel is er tot op heden niet geweest. Maar bevatten sommige bijbelboeken niet eenzelfde kiem van intolerantie jegens niet-gelovigen? Sterker nog, een psalm die door velen wordt gekoesterd – ook door mij – bevat de volgende verzen:
O God, breng de goddeloze om!
Mannen van bloed, ga weg van mij.
Want met listige plannen spreken zij over U
en zij zetten Uw vijanden aan tot valsheid.
Zou ik niet haten, HEERE, wie U haten,
walgen van wie tegen U opstaan?
Ik haat hen met een volkomen haat,
mijn eigen vijanden zijn het.
(Psalm 139, vers 19-22, HSV)

Ook Andries Knevel worstelt ermee. In zijn boek Avonduren. Dagboek van een bewogen jaar (2007) beschrijft hij hoe zijn vrouw Rietje en hij uit dankbaarheid Psalm 139 lezen, als ze hebben gehoord dat ze weer opa en oma worden. “Maar niet helemaal, want aan het einde van de psalm staan een aantal zeer bloeddorstige teksten, die je niet zomaar, zonder de context te weten, kunt lezen. En bij het lezen aan tafel ken je die context niet. ‘O, God! Dat gij den goddeloze ombracht!’ Zo, dat is kloeke taal. Laat Geert Wilders het niet horen.”
Wilders echter meldde zich niet, maar Pauw en Witteman riepen de EO-coryfee op het matje. Pauw las de verzen 19-22 van Psalm 139 en vroeg Knevel: de Koran bevat misschien bloeddorstige teksten, maar wat denkt u hiervan? Het antwoord van Knevel kan ik me niet herinneren, maar voor de hand ligt de conclusie dat de venijnige verzen 19-22 de psalm “voorgoed onzingbaar” hebben gemaakt. Aldus de dichter Willem Barnard.
Hoewel? In het getijdengebed in de kloosters wordt Psalm 139 wel degelijk in zijn geheel gezongen. Ook als ik zelf de getijden bid, komt het niet in me op over de wrange verzen heen te springen, hoe bitter ze me ook smaken. Waarom niet? Omdat ik niet wil heen springen over het venijn in mijn eigen bestaan en het gif in mijn eigen geloof. De verzen 19-22 echter zijn niet alleen een symptoom van gif en venijn, maar ook een remedie daartegen. Goed, ze hebben toelichting nodig, zoals Andries Knevel zegt. Maar het omgekeerde is ook het geval: ze werpen licht op de haat die kan opborrelen uit de modderige bodem van de ziel van wie zich gelovig noemt. Sterker nog, ze helpen om deze haat te beteugelen in plaats van deze te versterken. Maar hoe dan?

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda