FacebookTwitterLinkedIn
zondag, 21 December 2014 10:34

Betekenis tussen de zinnen

Betekenis tussen de zinnen Tekst: Bert van der Kruk Beeld: Frank Penders

De taal van de liturgie mag wel wat lijfelijker en zintuiglijker, vindt lieddichter Andries Govaart. “Dan voel je dat er iets gebeurt, het woord gaat letterlijk in ons op.” 

’De bijbelse profeet Ezechiël kreeg een wonderlijke opdracht. Hij moest de hem aangereikte boekrol niet alleen lezen, maar ook opeten. “Mensenkind, vul je maag en je buik met deze rol, die ik je geef.” De profeet deed braaf wat hem bevolen werd en vond de boekrol zelfs lekker. “Hij was zo zoet als honing.” Andries Govaart (60) vindt het een fantastisch beeld. Ezechiël moet de inhoud van de rol helemaal in zich opnemen, in zijn ingewanden en bloedsomloop. “Het woord gaat letterlijk in hem op.” Als de theoloog liederen of gebeden schrijft, zoekt hij ook naar dergelijke fysieke beelden. “De taal die we in de liturgie gebruiken, is vaak nogal vroom en geestelijk. Terwijl er in de Bijbel zelf heel veel lijfelijke taal klinkt.”

Gij plant uw woord in ons lichaam
Het mag dus wel wat lichamelijker, zintuiglijker. “Tijdens de kerkdienst zet je je eigen lichaam in. Je leest, je zingt, je beweegt. De Bijbel wordt pas Gods woord als jij er jouw adem aan geeft. Dan gebeurt er wat.” Hij laat een stilte vallen, graaft in zijn geheugen en citeert een regel uit een lied dat hij zelf ooit schreef: ‘Gij plant uw woord in ons lichaam, wij dragen vruchten te over op aarde.’ Dat bedoelt hij met zintuiglijk. “Je voelt dat daar iets gebeurt, daar wordt iets geboren – die twee woorden hebben dezelfde wortels.”
Govaart spreekt graag over dit ‘gebeurteniskarakter’ van de kerkdienst, waardoor voorganger en gelovigen ervaren dat ze samen iets bijzonders meemaken. Lijfelijk en concreet taalgebruik helpt daarbij, evenals een keus voor spreektaal. “De gebeden die je in de kerk hoort, zijn vrijwel altijd geschreven teksten. Dat hoor je meteen. Je wilt het gebed mee voltrekken, maar bent na zes, zeven woorden de weg kwijt. Maak er spreektaal van, gooi alle onderschikkende bijzinnen eruit en beperk je tot zinnen van acht, negen woorden.”
Dat geldt ook voor de preken. Menig voorganger vergeet na het schrijven van de tekst achter de computer de broodnodige vertaalslag naar de spreektaal te maken. Maak het korter, luidt Govaarts advies. En wees niet bang voor wat rommelige zinsconstructies. “Niet alle zinnen hoeven goed te lopen. Juist als de zinnen er een beetje haperend uit komen, doet dat op mij als luisteraar een sterk beroep om mee te denken, om sámen de preek te maken. Als het allemaal perfect geformuleerd wordt, ben ik eerder weg. Dus anakoloeten, prima. Meer ‘foute zinnen’ in de preek!”
Wat leeg is, vergeet het
Andries Govaart leverde ruim zestig liederen en andere teksten voor het Liedboek, zingen en bidden in huis en kerk, dat vorig jaar verscheen. Er waren ook liederen die ‘de eindstreep’ niet haalden. “Achteraf hoorde ik: mooi lied hoor. Maar dan zat er net weer een woord of zinnetje in dat te concreet, te banaal was. Dat vind ik grappig – er zit dus voor velen kennelijk ook een grens aan.”
Hij staat op, loopt naar de boekenkast en pakt een ordner met liedteksten van zijn hand. Op zoek naar mogelijk afgewezen liederen blijft hij af en toe haken. ‘Zoet is uw woord in de mond, het voedt ons en wekt onrust totdat geen kracht meer klinkt en allen verzadigd zijn’, zingt hij met donkere stem. “Zo’n woord als ‘verzadigd’ zou ik niet meer gebruiken. Net te sjiek, vind ik nu.”
Even verderop: ‘Ga pelgrim ga, ga voort, blijf zoeken, vervolg je tocht, dat niets je ontmoedigt, vang het licht van de zon en het stof op je kleren, heb hart voor wat blijft, wat leeg is, vergeet het.’ Hij vermoedt dat de beoordelende commissie de laatste regel – wat leeg is, vergeet het – te gewoontjes vond, of te onhelder. “Maar je hoeft het ook niet meteen te begrijpen. Het is natuurlijk wel de bedoeling van liedteksten dat ze een tijdje mee kunnen.”

Een mondvol zwijgen
Zijn teksten zijn altijd geïnspireerd door bijbelse taal en beelden. “Ik voel me wat dat betreft niet echt origineel. Of misschien juist wel, omdat ‘origineel’ staat voor raken aan de bron – en die bron is voor mij de Bijbel. Maar ik heb er vervolgens wel groot plezier in om de taal een beetje te laten schuren, open te breken, en de woorden zo bij elkaar te zetten dat er een nieuwe betekenis oplicht. Die betekenis hoeft zich niet onmiddellijk voor te doen; ze ontstaat vaak tussen de zinnen, eerder associatief dan concreet aanwijsbaar.”
Hij bladert naar een A-viertje waarboven Kerstaankondiging staat. “Een lied gebaseerd op de klassieke Latijnse notie dat het doodstil is, midden in de winter, als het Woord van zijn zetel naar beneden komt, naar ons, en er een kind wordt geboren. Een mondvol zwijgen – dat is een rare uitdrukking, kan dat eigenlijk wel? Maar je weet onmiddellijk wat ik ermee bedoel.”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda