FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 04 December 2014 15:23

Onze docenten tonen hun eigen kwetsbaarheid

Onze docenten tonen hun eigen kwetsbaarheid Tekst: Frieda Pruim Beeld: Frank Penders

 

Dit jaar opende de School of Life Amsterdam haar deuren, in navolging van de Britse School of Life van de filosoof Alain de Botton. Initiatiefnemer Laurens Knoop ziet veel parallellen met de kerk. “Ook wij brengen mensen met elkaar in gesprek.”

"Kennis blijft alleen hangen als die je raakt”, houdt Alain de Botton eind oktober zijn zevenhonderd toehoorders voor in de Amsterdamse Westerkerk. “En dat gebeurt als je daardoor iets leert over waar het echt om draait in het leven.” Daarom richtte hij zes jaar geleden de School of Life op, als tegenwicht voor het gewone onderwijssysteem. Meer inzicht bieden in het innerlijk leven en lijden van de mens staat centraal, bijvoorbeeld op het gebied van werk en relaties. De Botton liet zich inspireren door de kerk, die hier eeuwenlang in uitblonk. Een halfjaar geleden opende hij een dependance van zijn Londense levensschool in Amsterdam en nu is hij terug om zijn vele fans meer te vertellen over what you really really need to know. De rol van de kerk is bijna uitgespeeld, maar nog steeds hebben we volgens De Botton gidsen nodig in ons bestaan, waarin we met van alles worstelen. Cultuur is voor hem zo’n gids. Filosofen, psychologen en kunstenaars hebben nagedacht over het lijden van de mens, dat we in ons dagelijkse bestaan onder het tapijt proberen te schoffelen door voortdurend afleiding te zoeken. Zij weten hun visie aansprekend te verwoorden of te verbeelden, zodat die blijft hangen. “Op de universiteit wordt hun werk afstandelijk benaderd, maar als je je erdoor laat raken, kan het je troosten, je helpen om problemen op te lossen en een beter mens te worden.”

IJskoude angst
Een maand eerder ga ik voor het eerst de School of Life Amsterdam binnen, op een paar minuten lopen van de Dam. Een glazen pui geeft zicht op een diepe, smalle ruimte waarin in een halve cirkel drie rijen van tien stoelen opgesteld staan. How to worry less about money is vanavond het onderwerp.
Filosoof Karim Benammar inventariseert wie vindt dat hij genoeg geld heeft. De helft van de groep steekt zijn hand op. “En wie maakt zich wel eens zorgen over geld?” Weer zo’n vijftien handen. “De andere helft van de groep doet dat dus niet”, constateert hij fijntjes. Na wat theorie en citaten van filosofen krijgen we de opdracht om in de vorm van een krantenkop zowel een “ijskoude persoonlijke angst” over geld te formuleren als een “brandende begeerte”. “Freelancejournalist leeft op straat na arbeidsongeschiktheid”, schrijf ik op. “Kunstenaar deelt loterijwinst met collega’s”, leest een ander voor.
De meeste mensen willen twee keer zoveel geld als ze hebben, ook miljonairs, houdt Benammar ons voor. We schijnen het vooral belangrijk te vinden om meer te hebben dan de buurman. In tweetallen wisselen we uit wat onze levensdoelen zijn, wat daarvoor nodig is en wat geld daaraan kan bijdragen. “Ik wil graag een gezin stichten en een wereldreis maken”, zegt mijn buurvrouw Leonie. “Daarvoor moet ik mijn eigen pad durven bewandelen. Met meer geld kan ik mijn doelen denk ik makkelijker en eerder bereiken.”
Nederlanders horen tot de rijkste twee procent van de wereldbevolking, vervolgt de docent. We kunnen dus makkelijk een deel van ons geld weggeven, bijvoorbeeld tien procent, oppert hij in navolging van filosoof Peter Singer. Waaraan zouden we dat geld besteden? We steken de koppen weer bij elkaar.
Daarna maken we een lijst van de tien belangrijkste dingen die we gedaan en gekocht hebben in de afgelopen drie jaar. Die rangschikken we op basis van de kosten en de waarde die ze voor ons hadden. Een vrouw vertelt dat gesprekken met haar vriend in de plaatselijke kroeg van onschatbare waarde voor haar waren. Een man kocht een dure auto waar hij in de praktijk weinig waarde aan hecht.

Zelfhulpindustrie
Is dat de levensvisie van de School of Life, vraag ik me af: je geld delen en de waarde van geld relativeren? “Wij hebben geen ideologie”, benadrukt directeur Laurens Knoop (42). “Aristoteles vond het een teken van een ontwikkelde geest om met een gedachte te kunnen spelen zonder deze te aanvaarden. Dat is wat wij doen: we leveren ideeën aan, zoete en bittere hapjes, die je aan het denken zetten.”
Hij ziet veel raakvlakken tussen de School of Life en de kerk. “Ik ben een vrijgevochten katholiek. Nu ik helemaal los ben van mijn geloof, begin ik de kerk erg te waarderen”, zegt hij met een grijns. “Deze tijd heeft het meer dan ooit nodig dat mensen naar elkaar toe bewegen. De kerk stimuleert dat als geen ander. Ook wij willen mensen met elkaar verbinden. Ik word er heel gelukkig van als ik deelnemers op onze avonden in gesprek zie gaan.”
“De kerk ziet mensen als kwetsbare wezens die getroffen worden door ellende”, gaat hij verder. “Dat is ook onze boodschap, en die is heel wat troostrijker dan de vreselijke Amerikaanse zelfhulpindustrie die zegt: in deze vijf stappen kun jij gelukkig worden, en als dat je niet lukt, ben je een sukkel. Onze docenten hebben geen pasklare antwoorden. Ze tonen hun eigen kwetsbaarheid en dagen de deelnemers uit om zelf na te denken.”
Een belangrijk verschil met de kerk is dat God ontbreekt in het aanbod van de School of Life. “Ach, misschien is het Hogere Wezen helemaal niet zo belangrijk”, relativeert Knoop. “Ik kan het heel goed vinden met Rolinka Klein Kranenburg, een hippe dominee uit Amersfoort. Zij gelooft in God, ik ben een agnost, maar we herkennen veel in de activiteiten van de ander. Sinds kort organiseren we als School of Life bijvoorbeeld Sunday sermons, waarin we bijzondere filosofen aan het woord laten. De eerste was Roman Krznaric, over empathie. Ik sluit niet uit dat we ook een keer een priester uitnodigen. In Londen bieden ze avonden aan over How to fill the God-shaped hole. Lijkt me ook heel leuk om hier te gaan doen.”
De kwinkslag is daarbij voor Knoop essentieel. “We praten over wat ertoe doet, maar wel op een luchtige, humoristische manier, zodat we kunnen concurreren met een avondje bioscoop. Dus we houden het bij tweeënhalf uur, zorgen dat er wat te lachen valt en schenken een glaasje wijn. Voor wie meer de diepte in wil, ontwikkelen we vervolgsessies.”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda