FacebookTwitterLinkedIn
woensdag, 01 October 2014 11:49

'Schaamte leidt niet tot actie'

'Schaamte leidt niet tot actie' tekst: José Vorstenbosch Beeld: Corbino

De overheid wil actieve burgers die zo min mogelijk afhankelijk zijn van voorzieningen. Maar, zegt Evelien Tonkens, die krijg je niet vanzelf. Mensen verplichten tot vrijwilligerswerk heeft volgens haar geen zin. Beter kun je mensen uitnodigen de dingen te doen die bij henzelf en hun leven passen.

Het is heel mooi als iedereen in de samenleving volwaardig mee kan doen. Een revolutionair ideaal, maar moeilijk te realiseren.” Dit voorjaar verruilde Evelien Tonkens (53) haar baan als bijzonder hoogleraar Actief Burgerschap aan de Universiteit van Amsterdam voor de leerstoel Burgerschap en Humanisering van Instituties en Organisaties aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht.
Zelf komt ze uit een ‘gemengd nest’: moeder hervormd, vader atheïstisch. “Maar hij was ook heel liberaal. Als mijn moeder thuiskwam van een dienst, vroeg hij haar: hoe was het in de kerk?” Antireligieus is Tonkens zeker niet, vrijzinnig des te meer. “Weinig mensen zullen van hun stoel vallen als je zegt ernaar te streven dat ieder mens als individu meetelt, gerespecteerd wordt en de kans krijgt om een zinvol bestaan te leiden. Wat ik belangrijk vind aan het humanisme is dat je antidogmatisch bent en zingeving en pluralisme serieus neemt. Daarbij hoort een open levenshouding, die ik ook zie bij veel gelovigen. Ze hebben een andere inspiratiebron, maar de overeenkomst met humanisten is het redeneren vanuit bepaalde waarden. Wat me aanspreekt aan deze universiteit is dat je expliciet probeert aan het goede te werken.”

Ontmoedigende maatregelen
Vorig jaar lanceerde koning Willem-Alexander in de Troonrede de term ‘participatiesamenleving’ als alternatief voor het klassieke begrip’ verzorgingsstaat’. Tonkens betoogde in de media dat de regering echter vooral participatieontmoedigende maatregelen neemt. Een jaar later, nu de hervormingen in de zorg in volle gang zijn, staat ze daar nog steeds achter. “Meestal is het niet zo handig om nieuw beleid en bezuinigingen te combineren. Op dit moment worden er bijvoorbeeld veel bibliotheken gesloten, een publieke voorziening die je gerust onder participatie kan scharen. Een bibliotheek draagt ertoe bij dat mensen zich oriënteren op de samenleving en daar een plek in proberen te verwerven door zich te informeren en te ontwikkelen. Je kunt natuurlijk zeggen dat ze dat net zo goed via internet kunnen doen. Maar internet is een doolhof, terwijl een bibliotheek enige ordening en filtering aanbrengt. Ook veel andere bezuinigingen, zoals in de kunstsector en de zorg, werken participatie eerder tegen dan dat ze die bevorderen.”
De participerende burger lijkt een vrij recente uitvinding, maar dateert volgens de sociologe al uit de jaren tachtig. “Aanvankelijk was dat idee vooral gericht op de arbeidsmarkt. Door allerlei voorzieningen werden mensen niet geactiveerd om aan het werk te komen of maatschappelijk betrokken te blijven. Nieuwer is het streven om mensen te stimuleren de zorg vanuit hun eigen sociale netwerk zelf vorm te geven. De vraag hoe je de verzorgingsstaat zo kunt inrichten dat dit daadwerkelijk leidt tot meer participatie, is nog steeds relevant. Dan moet je de voorzieningen niet afbreken, maar meer gaan kijken naar de blokkades voor mensen om actief mee te doen.”

Leven in de brouwerij
Nog zo’n maatregel waar ze zich over opwindt: de afschaffing van het verzorgingshuis voor ouderen die relatief weinig zorg nodig hebben. “Een verzorgingshuis is eigenlijk een heel efficiënte en slimme voorziening. Mensen wonen er redelijk zelfstandig en kunnen op een laagdrempelige manier met anderen in contact komen. De hulp die ze nodig hebben is om hen heen georganiseerd en zorgverleners hoeven geen grote afstanden af te leggen. Ook kun je de buurt makkelijk binnenhalen. Wat ze in Noorwegen en Zweden al veel langer doen, is een verzorgingshuis tot het hart van de buurt maken. Door andere mensen uit de omgeving erbij te betrekken, komt er meer leven in de brouwerij.”
Dat zou ook de Nederlandse overheid als muziek in de oren moeten klinken. Haar adagium is immers dat burgers voor ondersteuning een beroep doen op informele zorg in plaats van op professionals. Volgens Tonkens is er niets op tegen om vrijwilligerswerk te stimuleren. Maar ga vooral niemand dwingen, is haar devies. “Dan misken je dat veel mensen graag iets zinvols willen doen. Je kunt ze wel enthousiasmeren om werk te doen dat bij henzelf en hun leven past. De verzorgingsstaat moet als het ware de basis leggen om mensen de dingen te laten doen die ze eigenlijk al wilden doen. Je mag ze daarvoor ook best belonen of een vergoeding geven.”
Wederkerigheid is volgens haar een prima uitgangspunt: iets terugdoen voor de zorg of ondersteuning die je ontvangt. Niet als plicht, maar als mogelijkheid. “Iemand die thuiszorg krijgt, kan misschien best een uurtje op de baby van de buren passen. En met een scootmobiel kan iemand een eenzame buurtgenoot bezoeken.” Het probleem met dit soort oproepen, aldus Tonkens, is dat ze vaak te negatief zijn ingestoken. Alsof de maatschappij vol zit met klaplopers. “Er zijn veel mensen die iets voor een ander willen betekenen. Dat noem ik het altruïstisch overschot. Je moet ze alleen wel op een positieve manier benaderen. Als je ze met wantrouwen tegemoet treedt, krijg je wantrouwen terug.”

Groeiend isolement
Maar Nederland drijft toch al voor een groot deel op vrijwilligers? Tonkens: “In Engeland is berekend dat een derde van de bevolking bijna alles doet. Dat is hier waarschijnlijk ook zo. Die andere groep bereik je niet door vrijwilligerswerk verplicht te stellen. Veel mensen in de bijstand bijvoorbeeld voelen zich uitgekotst en overbodig. Ze zijn vaak behoorlijk geïsoleerd. Door armoede maken ze schulden, lenen van vrienden, kunnen niet terugbetalen en krijgen vervolgens ruzie. Ze schamen zich voor hun situatie en gaan contacten steeds meer uit de weg. Dat maakt hen geestelijk en fysiek ongezond. Isolement is echt een serieuze zaak. Er is niks tegen om mensen consequenter te stimuleren dat te doorbreken. Vrijwilligerswerk is een manier om je wereld te vergroten en ergens bij te horen. Maar dan moet je het wel goed organiseren: mensen uitnodigen en stimuleren, ze laten meedenken over wat ze kunnen doen en perspectief bieden op betaald werk.”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda