FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 29 September 2014 13:43

'De basis is zo diep en zeker'

'De basis is zo diep en zeker' Tekst: Theo van de Kerkhof Beeld: Vincent van Gaalen

Protestants theologe Eleonora Hof (28) is evangelisch opgevoed en cum laude afgestudeerd in de theologie. Twijfel heeft ze nooit gekend. God is liefde en in Jezus komt hij ons nabij: “Die diepe identificatie met de menselijke conditie tot in lijden en dood vind ik geweldig. En dat is dus onze God!” Deel 3 van de Volzin-serie ‘Jonge Denkers’.

‘Ik ben erg positief over het christelijk geloof in Nederland van dit moment”, zegt Eleonora Hof nog voor we aan tafel zitten in de stijlvolle Amsterdamse vestiging van de Protestantse Theologische Universiteit. Ze is evangelisch opgevoed. Verbondenheid met Jezus is voor haar een levende realiteit. Maar ze leest ook het hippe vrouwenblad Flow (‘simplify your life, feel connected, live mindfully, spoil yourself’) en ze heeft affiniteit met grassroots-bewegingen op gebied van gezondheid, milieu, deeleconomie en sociale rechtvaardigheid. Ze rijdt geen auto en een tv heeft ze nooit gehad. Ze investeert liever in relaties dan in bezit.
Eleonora Hof studeerde theologie aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven. Haar master behaalde ze (cum laude) aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Nu bereidt ze een proefschrift voor op het gebied van de missiologie. Geloof en wetenschap, cultuurkritiek en christelijke orthodoxie, het zijn voor haar geen tegenstellingen, maar werelden die meer en meer verbonden raken, oftewel connected, om in haar van het Engels doorspekte jeugdige jargon te blijven.

Is er sprake van een nieuw elan in christelijk Nederland?
“Het maakt veel uit welk verhaal je over het geloof vertelt. Het verhaal van de grote secularisatie, hoe alles steeds minder werd, is voor de jongere generatie – die de die afkalving zelf niet heeft meegemaakt – absoluut niet inspirerend. We leven hier en nu ons leven. We willen positieve keuzes maken en ons geloofsleven niet relateren aan een verhaal over neergang.
Ja, ik zie positieve ontwikkelingen. Als student was ik bestuurslid van de studentenvereniging Ichthus. Er is een grote groep studenten die op een creatieve manier met geloof omgaat. De evangelische wereld is zich aan het verbreden. Sociale rechtvaardigheid staat hoog op de agenda, terwijl in die kringen in het verleden het maatschappijkritische en het persoonlijke geloof nogal eens tegen elkaar werden uitgespeeld.”

Maar dat positieve verhaal over jong christelijk Nederland beperkt zich toch tot de evangelische en orthodoxe sector? Daarbuiten worden jongeren alleen maar minder christelijk.
“Ja, maar het is helemaal niet zo dramatisch om een minderheid te zijn. De grote, volle volkskerken zijn verleden tijd. Dat model moet je radicaal loslaten. Dan kun je kijken hoe je vanuit de marge als kleine maar vitale geloofsgemeenschap een rol kunt spelen. Het is voor een kerk helemaal niet erg om vanuit de marge te opereren. Het is zelfs gevaarlijk om al te zeer betrokken te zijn bij het centrum van de macht. Vanuit de marge kan ze beter haar profetische rol vervullen en samen met andere grassroots-initiatieven van onderop versterken.
Ook de Wereldraad van Kerken ondersteunt dat. Het oude model van zending, waarbij de grote klassieke kerken zich met een min of meer paternalistische blik vanuit het centrum tot de marge wendden om daar te bepalen wat goed was, dat model is losgelaten. Nu komt de omgekeerde beweging op gang: missie vanuit de marge.”

Wat heeft de marge dan aan het centrum te vertellen?
“Wat ze concreet te brengen heeft, is niet ready made. Maar om een voorbeeld te noemen: Nederland telt 800.000 migrantenchristenen. Alleen al hun aanwezigheid is voor de blanke middenklassenkerken waardevol. Die aansluiting verloopt trouwens moeizaam. Dat vind ik wel een punt van zorg.
Wat de migrantenkerken te brengen hebben, moet je niet reduceren tot hun migratie-ervaringen. Ze hebben ons als christenen, op geloofsniveau, iets te vertellen. De evangelieverhalen worden vanuit het perspectief van de marge immens relevant. Daar gaat het om. In ieder geval gaat het niet om een exotisch opleuken van de Nederlandse kerken: een vrolijk, swingend gastkoor in de zondagse dienst. En omgekeerd moeten de historische kerken hun diaconale houding laten varen in relatie tot migrantenkerken. De meerwaarde zit in de ontmoeting van de perspectieven. Waarom zijn de traditionele kerken blank en middenklasse? Heeft dat te maken met de intellectualistische preken, met een gebrek aan beleving?”

Je hebt een evangelische achtergrond. Heb je nooit de behoefte gehad om je tegen die opvoeding te af te zetten?
“Nee, ik ben juist heel blij met mijn achtergrond. Door de persoonlijke verbondenheid met het christelijk geloof kan ik me goed inleven in diverse geloofstradities en verschillende manieren van geloven. De verbinding tussen al die tradities, daar wil ik voor staan.”

En waar gaat het voor jouzelf dan om in het christelijk geloof?
“Het draait vooral om de liefde van God. Dat is voor mij altijd heel basaal geweest. Een basisgevoel. De liefde van God en ook de liefde naar God toe. En verder zijn voor mij de evangelieverhalen van Jezus een bron van inspiratie, maar ook nieuwtestamentische brieven. De eerste brief van Johannes is mijn favoriet. Daar gaat het over de liefde en de vreugde van het geloof en over hoe je als christelijke gemeenschap met elkaar te leven hebt. De gemeenschap rond Jezus. Die community is voor mij heel belangrijk. De kerken zouden daar meer op moeten inzetten. Preken zijn vaak erg op het individu gericht, terwijl de nieuwtestamentische brieven zich juist vaak tot de gemeenschap als geheel richten. Dat intrigeert mij. In de PKN-kerk in Amersfoort waar ik regelmatig kom, is iedere donderdagavond een ‘meet & eat’ voor twintigers en dertigers. Daar gebeurt echt wat.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda