FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 11 August 2014 11:00

Staren in een leeg universum

Zin in de natuur 3: In het licht Zin in de natuur 3: In het licht Tekst: Bert van der Kruk Beeld: Frank Penders

In het licht van de zon verdwijnen chronische pijnen, zegt de zonnestaarder. Hij bedankt de zon als bron van het bestaan, zoals ook in oude religies gebeurde. Maar zo leuk waren die natuurgodsdiensten niet. “De natuur is sinds mensenheugenis een bedreiging geweest, waartegen je je te weer moest stellen.”
Ron van Dijen is een zonnestaarder, een sungazer. Hij kijkt dagelijks recht in zon. Sinds hij dat doet, is hij genezen van allerlei chronische pijnklachten en depressiviteit. De 48-jarige Hagenaar propageert deze ‘oeroude genezingsmethode’ die ook de Maya’s,  Lakota’s en Inca’s al gekend zouden hebben. “Dankzij het zonlicht werd mijn leven eenvoudig. Werkelijk geluk werd iets van binnenuit. Het is mijn leven, mijn missie en mijn motivatie, om natuurlijk zonlicht als genezings- en leefmethode te verspreiden.”
“Een nieuwe religie met oogkleppen” noemt de altijd wakkere stichting Skepsis het zonnestaren. “Bijna iedereen  weet dat je je ogen kunt beschadigen als je recht in de zon kijkt. Toch zijn er mensen die ernaar streven om dit 44 minuten vol te houden. Zij geloven dat zonnestaren louter positieve effecten heeft, mits je je aan bepaalde richtlijnen houdt. De energie die je op deze wijze ontvangt, zou zelfs eten overbodig maken.”
Dat de zon in oude religies een grote rol speelde, is ook voor Skepsis geen vraag. Zo kenden de oude Grieken de zonnegod Helios, de Inca’s Inti en de Egyptenaren Ra. “Maar dat bewijst nog niet dat men de gewoonte had rechtstreeks in de zon te staren.” De 50.000 zonnestaarders die er volgens Van Dijen wereldwijd zijn, kunnen maar beter oppassen.
Helemaal niet nodig, zegt Van Dijen. “De zon is gaandeweg uit het zicht van de mens geraakt, omdat we steeds meer binnen zijn gaan wonen, werken en leven. Nu het verband tussen hedendaagse ziektebeelden en zonlicht steeds concreter wordt,  is de zon volgens steeds wetenschappers het goedkoopste medicijn van de 21–ste eeuw.” Op een filmpje op zijn website bedankt hij na afloop van een sessie de zon, met de handen devoot tegen elkaar: “Dit gaat heel diep, de zon geeft zoveel: contact met het eeuwig leven, bron van het bestaan…”

Maan en sterren
Birgit Verstappen staart niet naar de zon, maar staat ’s nachts wel geregeld te mediteren onder de blote hemel, kijkend naar de sterren en de maan. Tussen 3 en 5 uur is de beste tijd voor deze staande meditatie, die valt onder de zogenoemde martiale qigong. “Ik probeer me elke dag bewust te zijn van het feit dat ik een onderdeel ben van een heel groot geheel. Dat is fijn, dat relativeert heel veel. Als ik naar de sterren kijk voel ik me niet klein, maar voel ik juist de grootsheid van de kosmos.”
Verstappen (53) promoveerde in 2000 op een proefschrift over ecologische theologie, een studie naar de verhouding tussen mens en natuur door de eeuwen heen. Daarin pleitte ze ervoor om dieren en natuur een stem te geven in de volksvertegenwoordiging. Toen een aantal jaren later de Partij voor de Dieren werd opgericht, werd ze daarin – uiteraard – actief. Ze zat een aantal jaren namens deze partij in de Provinciale Staten van Brabant. Verstappen bedrijft inmiddels geen theologie meer, maar leidt het bureau Broze, spiritualiteit in bedrijf.
Terwijl hond Mila zich aan onze voeten nestelt op het tapijt, beschrijft Verstappen de drastische omwenteling die zich in de zeventiende eeuw in ons denken over de natuur voltrok. Sinds die tijd blikt de mens in een leeg universum, zoals de filosoof Pascal zei, met alle gevolgen van dien. Het organische denken, waarin de mens onderdeel is van een groter levend geheel, maakte plaats voor een mechanische, atomische kijk op de natuur.
Die visie kon om kerkpolitieke redenen voet aan de grond krijgen, stelt Verstappen. Nogal zwart-wit gesteld: de kerk stond het natuurkundig uiteenrafelen van de materie, het lichaam door de eerste natuurkundigen toe, maar van de geest, de ziel moest iedereen afblijven – dat was het domein van de kerk. “Materie was dood, een boom was dood. Levende organismen werden als dode materie beschouwd. En dus kon je een hond bij wijze van proef op plankjes spijkeren en opensnijden – dat het beest gilde, hoefde je niet serieus te nemen. Zodra je zijn stembanden doorsneed, had je daar ook geen hinder meer van.”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda