FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 24 April 2014 09:33

'Ik ben heel voorzichtig met mijn geheim'

Kritisch kijken naar het doorgeven van bijbelverhalen Kritisch kijken naar het doorgeven van bijbelverhalen Tekst: Willem van der Meiden, Beeld: Frank Penders

Eeuwenlang worden bijbelverhalen op school aan kinderen doorgegeven. Het was vaak eenrichtingsverkeer: communicatie vanuit een zekerheid naar een veronderstelde vraag. Maar er is veel veranderd, ook in het bijzonder onderwijs. ‘Identiteit’ is een sleutelwoord in de actuele reflecties op het onderwijs op godsdienstige grondslag. Het is voor theoloog Bas van den Berg dagelijks werk. Hij zoekt daarbij nieuwe wegen voor zijn Pabostudenten en hij deed er onderzoek naar. Volzin mocht de proef op de som nemen en ging op bezoek bij juf en leerlingen van groep 4 van basisschool De Knotwilg in Amsterdam-Zuidoost.

Er zijn 21 kinderen in groep 4. Zeven- en achtjarigen. Er is een bijzondere les vandaag. Marianne Pijl is de juf van dienst. Zij is vanuit de stichting Arkade identiteitsbegeleider van verschillende Noord-Hollandse scholen. De kinderen gaan er goed voor zitten, want dit vinden ze spannender dan rekenen. Vaste leerkracht juf Janine is er voor assistentie, meester Bas let goed op, meester Willem maakt aantekeningen en meester Frank maakt foto’s. Het gaat vandaag over het hart. En over geheimen.
Schatkist

Marianne wordt enthousiast begroet en vertelt waarover het vandaag zal gaan. Ze laat een belletje klinken en dan kunnen de kinderen hun ogen dicht doen. Als het opnieuw klinkt, mogen ze hun ogen weer opendoen. Ze stelt langzaam en nadrukkelijk vragen: “Denk eens heel hard aan iemand die je heel lief vindt. Dat voel je in je lijf, misschien wel in je hart… Je hart is één grote kamer, denk daar maar aan, een kamer met een mooie schatkist erin. Een prachtige schatkist. Je kunt er allemaal kostbare dingen in bewaren. Denk daar eens goed aan.” Na vijf minuten klinkt het belletje en zijn ze weer in de klas van juf Janine. “Wie heeft er een schatkist gezien?” Allemaal. “En hoe zag die eruit?” De antwoorden tuimelen over elkaar heen. Veel blauw, goud en zilver. Of er een slot op zat? “Nee, een code”, zegt de eigenaar van een kist in roze met regenbogen. “Niemand kan er zo maar in.”

Bas van den Berg na afloop: “In deze eerste fase helpt Marianne de kinderen zich te concentreren, te focussen op wat voor henzelf herkenbaar is. Ze roept beelden en woorden bij hen op. De les begint dus bij de kinderen. Met deze eerste stap groeit er vertrouwen. Ze wil weten hoe de kinderen de werkelijkheid ervaren waar ze zelf deel van uitmaken. Het ‘hart’ is de sleutel om binnen die werkelijkheid het verhaal tot leven te wekken dat ze nu gaat vertellen.”

Ouders kwijt
Het gaat over een jongen van twaalf die feest gaat vieren in de tempel van Jeruzalem. Er waren nog geen auto’s, computers of sleutelcodes. Ze reisden toen op een ezel of gewoon lopend. Juf Marianne vertelt uit de kinderbijbel van Gerrie Huiberts, ze leest niet voor. Ze vertelt wat een tempel is, over andere godshuizen, over Jezus’ ouders die hem drie dagen kwijt waren en komt uit bij de tekst dat Maria al deze woorden van haar twaalfjarige zoon diep in haar hart bewaart, als een geheim. Maria begrijpt het nog niet.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda