Pesach: keer terug naar je schone zelf

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Als u dit leest hebben we het net achter de rug: Pesach 2019. Bewust zet ik er een jaartal bij, hoewel dat wellicht wat vreemd overkomt. Elk jaar is het toch opnieuw Pesach, we doorlopen met elkaar al duizenden jaren dezelfde cyclus van Joodse feestdagen en dat doen we al bijna net zolang op dezelfde manier. Pesach. Slavernij. Mozes. Farao. De plagen. Uittocht. Woestijn. Beloofde Land.

Je kunt het natuurlijk zo plat bekijken als je wilt en elk jaar dezelfde liturgie doorlopen. Niks mis mee misschien, maar ik persoonlijk vind het dan wel een beetje karig. Mooier is het – mijns inziens – als je elke keer weer opnieuw naar jezelf in combinatie met de Joodse feestdag van dat moment kijkt. Een feestdag is namelijk pas echt een feest als je er je eigen feestje van kunt maken. Wat zegt Pesach jou, op dit moment in je leven, dit jaar? Meer toch dan alleen het oude verhaal van de Israëlieten die zuchtten onder het juk van Farao, van uitsluiting en afzondering, van slavernij? We hebben allemaal ons eigen verhaal. De een voelt zich een slaaf van zijn werk, sleept zich elke dag naar kantoor om dan van 9 tot 5 te ploeteren voor een karig loon, zich vervolgens weer naar huis te slepen om daar op de bank te werken, om naar tv te kijken en dan te slapen enzovoort. Een ander voelt zich gebonden aan tradities, waar hij of zij maar niet los van kan komen, ingeprent door ouders, voorouders, omgeving en cultuur.
We mogen allemaal leren, we mogen allemaal weten dat we vrije mensen kunnen zijn. Ieder op zijn eigen manier en moment. Elk jaar, elke Pesach, mag je erbij stilstaan in welke fase van je leven je je bevindt. Je kunt terugkijken: hoe was het een jaar geleden, ben ik al wat meer bevrijd dan in 2018? Of ben ik me in elk geval meer bewust van de patronen waarin ik zit? Groei en verandering, echte bevrijding, begint met bewustwording.

Met Pesach word je je van veel bewust, als je daar voor open staat. Dat gebeurt op verschillende manieren. Om te beginnen – belangrijk onderdeel van het Joodse DNA – het eten. Met Pesach ben je je extra bewust van wat je in je mond stopt. Geen chameets (gerezen etenswaren, zoals brood, maar eigenlijk alles wat gist, wat rijst, dus ook geen pasta en – heel erg – geen bier) want dat hadden we ook niet toen we halsoverkop uit Egypte vertrokken. Acht dagen matzes.
Al voordat Pesach begint, zijn we druk doende om alle chameets uit ons huis te verwijderen. Dit is ook een mooi symbool voor het gerezene in ons eigen bestaan. Het gegiste. Voel je hem? Het met lucht gevulde deel van ons zelf, onze arrogantie, ons ego, alles wat niet helemaal bij ons hoort en niet helemaal echt is. Ook daarvan mogen we ons bewust zijn, mogen we ons ontdoen. Vlak voordat Pesach begint verzamelen we alle chameets die we in huis konden vinden bij elkaar en verbranden dat.
Dat is bevrijdend, als je dat kunt zien! Afstand nemen van je eigen luchtigheid, pompeusheid, opgeblazenheid. Terugkeren naar je kale, schone zelf. Net als je huis waar je al zes weken op je knieën aan het schrobben en poetsen bent geweest. Een mooi moment van bewustwording.

Dan begint Pesach, de sederavond. Samen met je gezin doorloop je het hele verhaal, zoals opgetekend in de Haggada. Het begint met de sederschotel, waarop peterselie ligt, een ei (symboliseert de lente, de periode van de uittocht, maar ook een nieuw begin), een lamsbotje, charoset (zoet mengsel van bijvoorbeeld appel en rozijnen: symbool voor de metselspecie waar de slaven mee moesten werken) en maror, een bitter kruid, symbool voor de bittere tijden. Al deze onderdelen vertegenwoordigen een deel van het verhaal. Daarna komt de echte geschiedenis, van Mozes in zijn biezen mandje, de brandende struik, de tien plagen, u kent het. Mooi verhaal! Maar wat zegt het jou, wat zegt het u, nu? Goed om bij stil te staan, om even van binnen stil te worden en te beseffen hoe vrij je bent. Hoe goed dat is. Of ben je toch nog gebonden?