Ik geloof…

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:

Jeroen FierensOpgegroeid binnen de rituele armoede van het protestantisme was mijn kennismaking met de eucharistie een openbaring. Alle onderdelen van de katholieke mis hangen in perfecte harmonie met elkaar samen. Met elke vezel in je lichaam voel je tijdens de opbouw naar de communie: dit is het moment waar alles om draait, de apotheose van niet alleen de mis, maar van mijn leven, van alle leven op aarde.

Meerdere malen overwoog ik katholiek te worden, maar telkens haakte ik af op dat ene, essentiële punt: vlak voor de climax stopt de betovering even. Voordat je deel mag hebben aan het mysterie moet je namelijk — met heel je verstand — belijden dat je gelooft. Niet alleen in God, de almachtige Vader, maar ook in ‘komen oordelen’ en de ‘heilige katholieke kerk’. Het is een krachtige realitycheck: Dit is wat wij belijden. En wat wij belijden is niet iets abstracts, maar wordt geconcretiseerd in ons handelen. Elke week opnieuw. ‘Ik geloof…’ Maar ik geloofde het niet.

En ik begon te schrijven. “… dat het leven één groot mysterie is, we hebben geen flauw idee hoe we hier zijn gekomen en ons bestaan dient waarschijnlijk geen hoger doel. Dit lijkt een nihilistische gedachte, maar voor mij begint hier juist het leven. We hebben geen vals geloof in de eeuwigheid nodig om het leven als zinvol te kunnen ervaren. Sterker nog: pas wanneer we de afwezigheid van een eeuwigheid onder ogen durven zien, kunnen we onze menselijkheid volledig omarmen. Dit is hoe ik wil leven: in verbinding met die absurditeit van het bestaan. Het leven onder ogen zien in al zijn rauwe, pure schoonheid.”

Mijn eigen geloofsbelijdenis. Ook deze blijft niet in het abstracte hangen: uit de belijdenis volgden ‘geboden’. Streef niet te hard — voor je het weet, streef je het leven voorbij / Wees ook niet te gemakzuchtig — als je iets de moeite waard vindt, zul je daar ook moeite voor moeten doen / Wéét wat je de moeite waard vindt en leef daarnaar. En wekelijks wanneer ik reflecteer op de afgelopen week en vooruitkijk naar de komende, houd ik mijn belijdenis en geboden bij de hand. Het is een realitycheck: dit is hoe ik in het leven wil staan. En dat is niet iets abstracts; ik probeer het te concretiseren in mijn handelen. Elke week opnieuw.