Aletta Jacobs, Jezus en de prostitutie

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:

Een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid is de titel van de in 2005 verschenen biografie van dr. Aletta Jacobs (1854-1929) door historica Mineke Bosch. Zou het de omvang van Jacobs’ biografie – 819 dichtbedrukte bladzijden – zijn die maakte dat dit werk tot voor enkele weken ongelezen in mijn boekenkast stond? Dit jaar is een eeuw geleden dat in Nederland sprake is van algemeen kiesrecht. Twee jaar nadat mannen dit recht hadden verworven, konden ook vrouwen voortaan hun stem uitbrengen. Aletta Jacobs speelde als presidente van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht in de strijd voor dit mensenrecht een beslissende rol. Het eeuwfeest van het algemeen kiesrecht motiveerde me om me alsnog onder te dompelen in de biografie van de feministe die we zonder overdrijving de moeder van onze democratie kunnen noemen.

De gelijkwaardigheid van man en vrouw is intussen, mede dankzij Aletta Jacobs, diep verankerd in ons juridische en politieke bestel, maar op economisch en seksueel vlak is van die gelijkwaardigheid nog lang geen sprake. Jacobs zette zich ook op die terreinen in.  Een aangelegenheid van de hoogste orde vormde daarbij voor haar de strijd tegen de prostitutie. “Het was niet alleen het ergste dat vrouwen kon overkomen, prostitutie was ook het symbool voor de algehele ‘slavernij der vrouw’, binnen en buiten het huwelijk, en tevens bron en oorzaak van armoede en ellende”, zo vat biograaf Mineke Bosch het standpunt van Jacobs samen.
Catherine van Tussenbroek, na Aletta Jacobs Nederlands tweede vrouwelijke arts, nam overigens een nog radicaler standpunt in. Zij keurde in één adem zowel de prostitutie af als de ‘facultatieve fertiliteit’ waarvan Jacobs pleitbezorger was. Prostitutie én voorbehoedmiddelen waren volgens haar twee kanten van dezelfde medaille: vrouwen moesten onbeperkt seksueel beschikbaar zijn voor mannen. Jacobs schreef als arts aan vrouwen het zojuist uitgevonden pessarium voor. Zij konden daarmee niet alleen hun kindertal regelen, maar ook zonder zorgen voor ongewenste zwangerschap seks hebben. Van Tussenbroek wilde daarvan niet weten; zij hoopte dat ook mannen ‘de macht der zelfbeheersing’ zouden leren  kennen. Vrijelijk genieten van seksualiteit tegenover onbeperkte seksuele beschikbaarheid: het is een tegenstelling die een eeuw later in het #MeToo-debat opnieuw zal opduiken.

Seksuele verhoudingen laten zich moeilijk regelen. Wat dat betreft is er sinds Jacobs en Van Tussenbroek niet zo veel veranderd. Dat blijkt ook uit het artikel van Elleke Bal in deze aflevering van Volzin over de prostitutie (zie blz. 14-16). Sinds 2000 is in Nederland het bordeelverbod opgeheven. De overheid maakt sindsdien een onderscheid tussen vrijwillige en gedwongen  prostitutie. Gedwongen prostitutie is illegaal en strafbaar. Het exploiteren van een bordeel is dan niet, mits de bordeelhouder in het bezit van de juiste vergunningen is.
Het Nederlandse beleid is niet onomstreden. Hoe men het ook wendt of keert, prostitutie blijft een vorm van ongelijkwaardigheid, zeggen tegenstanders. En er zijn volop linken met criminaliteit en mensenhandel. Willemijn de Jong, woordvoerder van de beweging Exxpose, zegt het in Volzin zo: “Ik vind het per definitie een ongelijkwaardige situatie als kapitaalkrachtige mannen de toestemming voor seks afkopen van kansarme vrouwen.”
Exxpose bood eerder dit jaar aan de Tweede Kamer een petitie met 50.000 handtekeningen aan om het zogeheten ‘Zweedse model’ in te voeren. In dat land is sinds 1999 het kopen van seks verboden. “Natuurlijk zal het deels ondergronds gaan. Maar de markt wordt kleiner, en de vraag minder. Dus dan is er minder prostitutie, daar gaat het om”, aldus De Jong.

Lijnrecht tegenover
Exxpose staan de prostituees die zichzelf liever ‘sekswerker’ noemen en hun werk zien als een vorm van ‘persoonlijke dienstverlening’. Verrassend om in het artikel van Elleke Bal te lezen dat zij bondgenoten vinden in de kerken. “Jezus was de eerste om sekswerk te decriminaliseren”, menen zij. Inderdaad, Jezus ging vrijmoedig en respectvol om met ‘hoeren en tollenaars’ – al lezen we nergens dat hij hun gedrag goedkeurde. Hetzelfde deed overigens Aletta Jacobs die weliswaar de prostitutie veroordeelde, maar zich ook inzette voor hulpverlening aan prostituees.