Herman Koetsveld & Enis Odaci: Spiegelreis

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Christen Herman Koetsveld en moslim Enis Odaci maakten voor Volzin een ‘spiegelreis’. Het resultaat is nu in boekvorm verschenen. “Er is meer tussen mijn hemel en jouw aarde.”

Tekst: Daniël Zevenhuizen Beeld: Janita Sassen

Herman Koetsveld en Enis Odaci tonen dat begrip begint bij reizen. Niet naar Soedan of Bangladesh, maar naar het vreemde in ons eigen midden. Vorig jaar deden ze in Volzin verslag van hun ‘spiegelreis’ door gelovend Nederland. Moslim Odaci bezocht christelijke gemeenschappen, predikant Koetsveld islamitische gemeenschappen. Ze doorbraken met hun reis de scheidslijn tussen islamitisch en christelijk Nederland. De reportages uit Volzin zijn nu, aangevuld en verrijkt met ‘bespiegelingen’ van de auteurs, in boekvorm verschenen. Aparte vermelding verdienen de sfeervolle en sprekende foto’s van Stijn Rademaker.

Er is een hoop retorisch spervuur tussen degenen die zich beroepen op hun ‘joods-christelijke’ wortels en degenen die zich tot de moslimgemeenschap rekenen. Het is ‘wij’ tegenover ‘zij’, ‘onze’ cultuur tegenover de ‘hunne’. Maar die twee kampen bestaan helemaal niet, beweren Koetsveld en Odaci. Zij laten zien dat er juist ook binnen de eigen groep van moslims en christenen sprake is van veel diversiteit. “Er is meer tussen mijn hemel en jouw aarde”, vertrouwt moslim Odaci zijn christenvriend Koetsveld toe. “En meer tussen jouw hemel en mijn aarde.”

Zo begint hun reis tussen twee werelden die meer gemeenschappelijk hebben dan schreeuwerige politici beweren. De auteurs bieden tegenwicht tegen de verharding in de maatschappelijke discussie. Het gevolg van verharding is segregatie, wantrouwen en zelfs haat. De manier waarop over geloofsgemeenschappen gesproken wordt, heeft verregaande gevolgen voor de manier waarop mensen elkaar behandelen. Een welkome tegenbeweging dus van Koetsveld en Odaci. Zij zoeken mensen op waar ze bij al hun vreemdheid en verscheidenheid in hun gedeelde humaniteit naar voren komen: in de geloofskring en aan de eettafel.

Dat wil niet zeggen dat het nooit van lastige vragen en ongemakkelijke situaties komt. De auteurs voelen om de haverklap spanningen. Enis Odaci kon de slaap niet vatten in de benedictinessenabdij in Oosterhout. Bij hem groeide de verdenking, dat deze gesluierde vrouwen toch als een terroristische beweging in de dop zouden worden aangemerkt, als ze geen christen maar moslim waren geweest. Het is niet gek dat juist Odaci op die gedachte moest komen. Als moslim wordt hem bij deze zusters een spiegel voorgehouden. Op zijn beurt kan hij de benedictinessen, vanuit de buitenpositie die hij inneemt, zijn bedenkingen voorleggen.

“Jij denkt dat de rechtse figuren van deze wereld in de meest negatieve bewoordingen afstand zouden nemen van wat zij denken dat achter die islamitische kloostermuren voor vreselijks zou worden bekokstoofd?” reageert Koetsveld op de verdenking van Odaci. Voor iemand uit de christelijke traditie is een klooster wat het is. Maar iemand die altijd te maken heeft met discriminatie op basis van religieuze expressie, ziet dat anders. Hij vindt in het klooster symbolen terug die dáár gerust kunnen bestaan, maar die te vuur en te zwaard zouden worden bestreden als het klooster werd bewoond door moslims. Koetsveld en Odaci zijn in de bespiegelingen op hun reiservaringen uit op wederzijds begrip. Hun boek laat zien hoeveel gelovigen bij alle diversiteit toch met elkaar gemeen hebben. Uiteindelijk leven we toch in één wereld.