FacebookTwitterLinkedIn
dinsdag, 20 December 2016 14:27

'Gelukkig hoefde ik me niet in te vechten'

Tekst: Jonathan Bergmann Tekst: Jonathan Bergmann Beeld: ANP

“Je kan als bisschop nog wel op je kop gaan staan, maar zonder anderen bereik je niets.” Gerard de Korte, bisschop van ’s-Hertogenbosch, maakt de balans op van 2016. Zesde in een reeks gesprekken over het bijna voorbije jaar.

Waar bent u blij van geworden dit jaar?
“Ik ben goed ontvangen in Den Bosch. Daar ben ik blij en dankbaar voor, dat ik goed geland ben. Toen de benoeming bekend werd, heb ik direct geprobeerd om zoveel mogelijk mensen te leren kennen. Ik merkte in de media dat ik goed werd ontvangen, parochianen waren positief. Dat is nu gelukkig wel anders dan in de jaren zeventig of tachtig. Toen moest je je echt invechten. Dat leidde ertoe dat je als bisschop vrij eenzaam was, zoals bij kardinaal Simonis gebeurde. Gelukkig is mij dat lot bespaard gebleven.
Als gelovigen zijn we samen op weg. Het is fijn om goede mensen om me heen te hebben, dat geeft vleugels om te werken.”

Wat heeft u boos gemaakt dit jaar?
“Ik maak me zorgen over de ontwikkelingen in de wereld. De onmacht bij de brandhaarden in Syrië. Dat de internationale gemeenschap geen eind maakt aan de strijd in Aleppo. We lopen er langsheen en halen onze schouders op. Ik maak me zorgen over het populisme dat hand over hand toeneemt. Populisten stellen wel de goede vragen, alleen de antwoorden zijn zo beroerd. Mensen worden weggezet en de rechtsstaat wordt bedreigd als de Tweede Kamer een ‘nepparlement’ wordt genoemd.
In Den Bosch zelf merk ik het gelukkig niet, die verruwing van de samenleving. Maar je ziet dat de belangenverschillen in de samenleving groot zijn. Dat doet ook een beroep op het katholieke sociaal-denkkader.”

Wat heeft u verrast dit jaar?
“De keus voor mij als bisschop van Den Bosch kwam niet als een verrassing, ik begaf me al een tijdje in de gevarenzone. Maar dat het geen verrassing was, betekent niet dat het een rustig jaar was. Door de verhuizing was het verre van rustig. De benoeming was eind februari, en toen duurde het nog twee maanden tot de echte verhuizing. Ik begon direct al met het afscheid nemen van Groningen, en met het ordenen van alle papieren en dingen weg te gooien. Mijn vorige bisdom was erg overzichtelijk, ik was daar in de acht jaar helemaal ingegroeid.
Het is een proces van loslaten en thuiskomen, daar heb ik samen met Leo Fijen ook een boek over geschreven. Maar ik had weinig tijd om stil te staan bij het loslaten, omdat mijn nieuwe taak op me stond te wachten.”

Wat heeft u hoopvol gemaakt dit jaar?
“Ik heb dit jaar een beleidsnotitie geschreven, en daar heb ik goede verwachtingen van. De notitie is goed ontvangen, en dat is mooi want geloven doe je toch samen. Je kan als bisschop nog wel op je kop gaan staan, maar zonder anderen bereik je niets. Ik roep iedereen op zich op grond van zijn doopsel in te zetten. Alleen als we samen de schouders eronder zetten word het wat. Maar ik heb goede moed, de beleidsnotitie is goed gevallen.”

Welk gevoel overheerst?
“Een gevoel van dankbaarheid. Het verhuizen is stressvol geweest, maar ik heb nu een goed fundament op mijn nieuwe werkplek. Ik ben dankbaar voor de mensen met wie ik samenwerk. Als gelovige is er ook de religieuze component: Ik ben ook God dankbaar.

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda