FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2019: NUMMER 1

    VOLZIN 2019: NUMMER 1

      Volzin organiseerde in samenwerking met Tilburg University een schrijfwedstrijd. Thema was: ‘Kunst
    02 januari 2019 - Lees meer
maandag, 24 February 2014 13:08

Het moet eenvoudig

Dichterbij Leo Vroman (1915-2014) Dichterbij Leo Vroman (1915-2014)

Afgelopen zaterdag overleed Leo Vroman op de leeftijd van achtennegentig jaar. Hij was vooral bekend en geliefd als dichter, maar was daarnaast ook tekenaar, schilder en wetenschapper. Na de oorlog trouwde hij met Tineke en verhuisden zij samen naar de Verenigde Staten. Daar woonden zij tot aan zijn dood, hoewel hij al die jaren in het Nederlands bleef schrijven: "Liever heimwee dan Holland." In 2010 verscheen in Volzin een interview met hem over zijn favoriete gedicht, 'Het uur U' van Martinus Nijhof:

Het was zomerdag.
De doodstille straat lag
te blakeren in de zon.
Een man kwam de hoek om.
Er speelde in de verte op de stoep
een groep kinderen, maar die groep
betekende niet veel,
maakte, integendeel,
dat de straat nog verlatener scheen.
De zon had het rijk alleen.
Zelfs zij, wier tweede natuur
hen bestemde, hier, op dit uur,
te wandelen: de student,
de dame die niemand kent,
de leraar met pensioen,
waren van hun gewone doen
afgeweken vandaag;
men miste, miste hen vaag.
Sterker: de werkman die
nog tot een uur of drie
voor bomen in ‘t middenpad
de kuilen gegraven had,
had zijn schop laten staan
en was elders heen gegaan.
Maar vreemder, ja inderdaad
veel vreemder dan dat de straat
leeg was, was het feit
der volstrekte geluidloosheid,
en dat de stap van de man
die zojuist de hoek om kwam
de stilte liet als zij was,
ja, dat zijn gestrekte pas
naarmate hij verder liep
steeds dieper stilte schiep.

(fragment)

Tekst: Bert van der Kruk

“Ik weet niet wanneer ik dit gedicht voor het eerst las, maar ik kan het even aan Tineke vragen… Ze zegt dat ik het genoemd heb voordat ik in 1940 naar Engeland vluchtte. De indruk die het toen maakte, is misschien nog dezelfde als nu. Het is nog even aandoenlijk en knap en precies juist. Dat is het: precies juist. Zo moet het. In Het uur u staat bijna geen woord niet op zijn plaats. Eenvoudige taal. Nijhoff was in dit gedicht zijn tijd voor, maar hij was ook zichzelf voor. Hij heeft verder niks geschreven dat ik zo goed vind als dit gedicht. Het heeft iets onvermijdelijks. Ik denk dat Nijhoff dit gewoon heeft móeten zeggen. Zoals het ook bij mijzelf wel werkt: het gedicht is er al voordat ik het opschrijf; mijn enige taak is slechts het zo precies mogelijk op te schrijven.

Er gebeurt niks in het gedicht en toch is er sprake van grote spanning. Tegelijk gebeurt er heel veel: gewone dingen die aanvoelen als niks, maar eigenlijk heel bijzonder zijn. Spelende kinderen bijvoorbeeld. De vreselijk natuurlijke gesprekken die zij voeren, het kleine beetje ruzie dat zij maken. Ik vraag mij daardoor af of het echt gebeurd is, het is zo natuurlijk allemaal, zo specifiek. Het lijkt alsof het foto’s op een filmpje zijn. Maar het uitleggen van een gedicht vind ik het gedicht overdoen – alleen dan slechter. Daar begin ik niet aan. Dus wat zegt mij dit gedicht? Het zegt mij het gedicht. Lees het zelf maar. Wie die man in het gedicht is? Ik heb niet het gevoel dat ik daar achter moet komen. Ik hoop hartstochtelijk dat het niet Jezus is, want dan is het zo’n religieus gedicht en daar was Nijhoff niet zo goed in.

Ik verbeeld mij wel dat ik beïnvloed ben door dit gedicht. Het is lang en zelf heb ik ook een paar lange gedichten geschreven. En dan het rijm – dat is ook bij mij een dwang, een ziekte. Ik vermoed dat het uit de amygdala of hypothalamus komt. Maar het is ook prettig; toegeven aan een dwang is eigenlijk wel lekker. Maar het voornaamste punt is dat het gedicht eenvoudig blijft. Toen ik Het uur u voor het eerst las, dacht ik: zo eenvoudig moet het kunnen. Wij waren zondag bij een uitvoering van de negende symfonie van Beethoven. In het programmaboekje stond ook de tekst van Schiller afgedrukt. Wat een totaal onnodig ingewikkeld taalgebruik! Terwijl de muziek van Beethoven zo eenvoudig is. Ik vind dat Schiller dat nog eens over had moeten doen. En Tineke vindt dat ook.

Ze fluistert toe dat ik iets van het uitzicht moet zeggen. We kunnen hier vanuit onze slaapkamer en zitkamer op de tiende verdieping 180 graden rondkijken. Ik zie het park tegen de horizon, de Lancasterbridge en in de verte de musea. Het gaat maar door. Ik zie twee hijskranen die langzaam ronddraaien. Het is prachtig."

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda