FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 26 July 2018 12:22

Ole Martin Høystad: De ziel

Tekst: Victor Bulthuis Tekst: Victor Bulthuis

Ole Martin Høystad schreef een veelomvattende studie over een ongrijpbaar en toch wezenlijk fenomeen: de ziel. Een boek dat het verdient om langzaam te worden genoten.

De ziel is terug van weggeweest. Vanwaar? Misschien omdat ze een dimensie van het menszijn vertegenwoordigt die zich, juist doordat ze naar de achtergrond is verdwenen, laat ervaren als iets wezenlijks – en tegelijk als iets ongrijpbaars. Zelfs een sloper van heilige huisjes als Friedrich Nietzsche wilde daarom de ziel, die hij “een van de oudste en eerbiedwaardigste hypothesen” noemde, niet opgeven.

In een kloek boek beschrijft de Noorse cultuurhistoricus Ole Martin Høystad de metamorfosen die het denken over de ziel gedurende drie millennia beleefde. Hoewel het als ondertitel Een cultuurgeschiedenis draagt, is het vooral een westers georiënteerd filosofisch werk. Weliswaar komen ook theologie, psychologie, (wereld)religie en natuurwetenschap aan bod, maar de kunst blijft buiten beschouwing. Wel speelt de literatuur (Homerus, Dante, Goethe, Joyce, Kafka) een prominente rol. Hoe dan ook is het een rijk boek geworden dat veel te denken geeft.

Want ja, wat is de ziel? Een zelfstandige en onveranderlijke substantie die met de geboorte gegeven is, of iets dat pas gedurende leven gestalte krijgt? En waar moeten we haar zoeken: in het hart of in de rede (of in de psyche)? Is ze louter geestelijk of verbonden met onze lichamelijkheid? Leeft ze voort na de dood of sterft ze met het lichaam? Is ze een religieus concept – de belangrijkste reden waarom ze in deze seculiere tijd in het vergeetboek is geraakt – of is ze meer? Te beginnen bij de Griekse oudheid voert Høystad de lezer langs een indrukwekkende rij denkers en schrijvers die uiteenlopende antwoorden hebben gegeven op deze vragen. Die overigens de ziel niet altijd expliciet thematiseren, wat soms verwarring oplevert. Maar ja, we hebben het hier dan ook over het ongrijpbaarste aspect van het menszijn.
In een slotbeschouwing vat Høystad zijn bevindingen samen en voegt er een voorzichtige algemene definitie aan toe. De ziel, zegt hij, is de subjectieve dimensie die in verbinding staat met zowel het lichaam als rede en verstand. Ze vormt het geheel van gevoelens en zintuiglijke waarnemingen, gedachten en ideeën, wil en bewustzijn. Maar ze heeft zorg nodig, zoals Socrates al constateerde. Reflectie, ervaring en bewuste keuzes geven haar innerlijke samenhang, waardoor ze uitgroeit tot “het relationeel en integrerend geheel dat intuïtief werkt als een persoonlijke leidraad die het individu identiteit geeft”. Kortom, de ziel is geen afgeronde substantiële eenheid die vanaf de geboorte in ons aanwezig is, maar heeft betrekking op een meerstemmig innerlijk dat door persoonlijke en culturele vorming tot een harmonisch geheel wordt: “Ziel is de manier waarop we dit subjectieve innerlijke ordenen en vormen.” Hierbij zijn we aangewezen op de taal: “De ziel bestaat alleen zolang we er woorden, begrippen en beelden voor hebben, haar op verschillende manieren beschrijven, herschrijven en voorschrijven.”

Francis Bacon schreef: “Sommige boeken zijn om van te nippen, andere om te verzwelgen, en enkele om op te kauwen en langzaam te verteren.” Dit is zo’n boek om met tijd en aandacht te savoureren. Een intellectuele ode aan de ziel die na lezing naar meer smaakt, en gelukkig ís er ook meer. Eerder schreef Høystad namelijk een studie over het hart die werd uitgebracht in achttien landen, maar nog niet in Nederland. Werk aan de winkel dus voor de uitgever en voor vertaler Wouter De Jong.

Ole Martin Høystad
De ziel. Een cultuurgeschiedenis
Athenaeum, Polak & Van Gennep,
528 pag., € 29,99

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2018

volzin schrijfwedstrijd

 

Agenda