FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 27 June 2016 11:58

Christian Wiman: Mijn heldere afgrond

Christian Wiman: Mijn heldere afgrond Tekst: Hannah van Moolenbroek

In 2014 schreef Willem Jan Otten een essay over My bright abyss in dagblad Trouw. Hij noemt het boek daarin de Pensées van deze tijd en vertelt dat het boek hem zo aangreep dat hij het bleef herlezen. Ruim een jaar later is daar de Nederlandse vertaling, die overigens van zijn hand is. Auteur Christian Wiman is een Amerikaanse dichter. Hij is jarenlang hoofdredacteur geweest van het blad Poetry. Negen jaar geleden ontdekt hij dat hij ernstig ziek is, hij heeft kanker. Tot zijn verbazing ontdekt hij in diezelfde periode dat hij een gelovig mens is. Altijd heeft hij gedacht dat hij voorbij was gegaan aan het geloof uit zijn kindertijd. Hij groeide op in een klein stadje in West-Texas. “Deze plek ‘overwegend christelijk’ noemen, is zoiets als de Sahara overwegend zanderig noemen.” Nog nooit is hij in aanraking gekomen met mensen die niet geloven, totdat hij naar de universiteit van Virginia gaat. Tijdens zijn studiejaren verliest hij zichzelf in de poëzie en tegelijkertijd verliest hij het geloof van zijn jeugd. Totdat hij ziek wordt. Op dat moment weet hij heel goed dat hij ergens in gelooft. Maar wat hij precies gelooft, is minder helder.

Mijn heldere afgrond is de zoektocht naar het beantwoorden van deze vraag en de inzichten die Wiman opdoet over geloven, met de dood letterlijk in het vooruitzicht. Het boek bestaat uit korte passages die de auteur in de betere tijden van zijn ziekteproces heeft geschreven. Is het verhaal op zich al de moeite waard om te lezen, in de prachtige taal van de poëet komt het verhaal tot leven.

Terugkijkend op zijn jaren zonder geloof in God, ziet hij hoe diep Gods afwezigheid zijn onderbewustzijn beïnvloedde. “Als genade mij openstelde voor Gods aanwezigheid in de wereld en in mijn hart, dan stelde zij mij ook open voor zijn afwezigheid. Ik heb de pijn van ongeloof nooit gevoeld tot ik begon te geloven.” Mijn heldere afgrond is allerminst een juichend bekeringsverhaal over een verloren zoon die terugkeert naar de Vader. Integendeel, Wiman zelf noemt zijn (her)ontdekking van het geloof ook geen bekering. Volgens hem was het een ontdekking van een geloof dat altijd al in hem verscholen lag. “Alsof ik toevallig was gestuit op een zeldzame bloem diep in de woestijn en wist dat het op een onmogelijke manier in mij had staan bloeien, jaar na uitgedroogd jaar.”

Zonder theologische taal te gebruiken slaagt de schrijver erin te ontdekken wat dat geloof is. Dat is nog niet zo makkelijk, want zijn geloof laat zich niet vatten in een enkel begrip en bestaat veeleer uit tegenstellingen: “Ik geloof in genade en in toeval, op een en hetzelfde moment. Ik geloof in absolute waarheid en absolute contingentie, tegelijkertijd. En ik geloof dat Christus de draad is die deze twee gehelen aan elkaar soldeert.” Voor Wiman is God zijn ‘heldere afgrond’ en het is juist het lijden, dat in wezen zinloos is, dat de sleutel tot die afgrond vormt. Zijn geloof is een verlangen dat voortkomt uit een ‘niet weten’. Een geloof dat bovendien constant in beweging is. De inzichten van Wiman zijn ontzettend fascinerend en tegelijkertijd heel breekbaar. Het zijn inzichten die het verdienen om herlezen en herlezen te worden, omdat ze elke keer weer weten te verrassen.

Christian Wiman: Mijn heldere afgrond. Overpeinzingen van een moderne gelovige (Brandaan, 198 blz., € 19,95).

 

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda