FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 01 September 2014 16:17

Herman M. van Praag: Het verstand te boven

‘Wij zijn ons brein’, beweert neurobioloog Dick Swaab in zijn bestseller. ‘Brein-fetisjisme’ noemt Herman van Praag dat: een oppervlakkige manier van denken die niet veel verder komt dan de constatering dat we zonder het brein niets zouden ervaren. Voor de brein-fetisjist is daarmee de kous af. Voor Van Praag niet. Neem bijvoorbeeld religie. Dat de religieuze ervaring zich afspeelt in de hersenen is voor Swaab voldoende bewijs dat ook religiositeit in het domein van het brein valt. Maar wat houdt dat geloof in, wat betekent het voor het leven van de gelovige? Wat voor persoon is die gelovige? Een persoon is wel afhankelijk van zijn brein, maar is niet hiertoe te reduceren. De redeneringen in dit eerste deel zijn helder en logisch opgebouwd. De stelligheid waarmee Van Praag ze presenteert en de slechte onderbouwing ervan roepen bij mij echter al snel weerstand op. Door zich vervolgens expliciet als gelovige neer te zetten, begeeft hij zich op gevaarlijk terrein. Men zou kritiek op het brein-fetisjisme makkelijk kunnen wegschuiven als ‘religieus geraaskal’. Van Praag probeert dit te ondervangen door het religieuze perspectief los te koppelen van de Swaab-kritiek en apart in een tweede deel te presenteren. Met een logica die het verstand te boven gaat is dit tweede deel echter van het eerste tot het laatste woord één groot pleidooi voor eenheid van het joodse volk en de staat Israël. Sterker nog: wie realistisch naar de wereld kijkt en niet in brein-fetisjisme wil vervallen, kán niet anders dan achter de staat Israël staan. Het vorige boek van de emeritus hoogleraar psychiatrie – God en psyche, over de redelijkheid van het geloof – was een boeiende bijdrage aan de breindiscussie. Dat valt van Het verstand te boven helaas niet te zeggen. (Volzin 2014, nummer 03, Jeroen Fierens)

Herman M. van Praag, Het verstand te boven, Boom, 184 blz., € 22,50

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda