FacebookTwitterLinkedIn
vrijdag, 02 January 2015 11:20

‘Hoe helder straalt de Morgenster!’

Column Willem van der Meiden Column Willem van der Meiden

Als een kind een ster tekent, krijgt die ster steevast straaltjes. Ook de meest nabije ster, de zon, krijgt van een kind een stralenkrans. Want een stip stelt niks voor, al kun je sinds radio Veronica met (een) stip op de ranglijst stijgen. Maar dan ben je nog geen ster.
Sterren zijn in diverse religies en daarbuiten gangbare symbolen. Sterren zijn talloos – mensen voelen zich nietig onder een overweldigende sterrenhemel. Al heel lang ‘lezen’ mensen de sterrenhemel en kennen zij een verklarende en voorspellende betekenis toe aan wat zij zien. Zij ‘tekenen’ de hemel en brengen structuur aan: sterrenbeelden, sterrengroepen. Wat miljoenen lichtjaren van elkaar staat wordt vanuit microperspectief op één hoopje geveegd. Bijzondere gebeurtenissen worden al heel lang verbonden met bijzondere waarnemingen aan de hemel. Constellaties, een bijzondere conjunctie van sterren en andere hemellichamen, kometen, zonsverduisteringen plaatsen de mensheid onder een goed of slecht gesternte. Een ‘mazzal’ is in het bijbels Hebreeuws (2 Koningen 23,5) zoiets als een sterrenbeeld en het jiddische woord ‘mazzel’ is ervan afkomstig.

Over Hebreeuws gesproken: het Schild van David, een hexagram, een oorspronkelijk joods decoratief symbool, nam in de 15de eeuw de rol van de menora over als belangrijkste symbool van het jodendom. Daarna werd de ‘davidsster’ door anti-joodse overheden en kerken naast andere merktekens gebruikt om joden ermee te onderscheiden van anderen. De jodenvervolging in de nazitijd bracht de gele ster haar beruchte reputatie. De opname van het Schild van David in de vlag van de nieuwe staat Israël is een voorbeeld van een geuzensymbool, maar wel een geuzensymbool uit de eigen oude doos.
Een andere bekende ster is het pentagram, ook al millennia oud, maar beroemd geworden als symbool in het occultisme. Leonardo da Vinci maakte er een fraai lichaamssymbool van en thrillerauteur Dan Brown deed daar op zijn beurt in De Da Vinci Code zijn lucratieve voordeel mee.

Maar dé ster van al deze sterren is natuurlijk de ster van Bethlehem. Een conjunctie van Jupiter en Saturnus in het sterrenbeeld Vissen in het jaar 7 vóór onze jaartelling? Een komeet? Wie zal het zeggen. De sterrenwichelaars van Matteüs 2 zien iets bijzonders aan de hemel en volgen hun ster, Zijn ster. Die blijft staan boven de plek waar Jezus is geboren. De nieuwe mens is geboren. De schrijver van het bijbelboek Openbaring noemt (22,16) de in de hemel opgenomen Christus de Morgenster. Zou die rare kwibus Bileam in Numeri 24,17 daar al op gewezen hebben? Gevolg van die Morgenster is wel het volksgeloof dat sterren in de hemel opgenomen overledenen zijn en dode kinderen als sterretjes aan de hemel stralen.
Tot slot en dan zijn we rond: van een ster in de betekenis van uitblinker – een passend synoniem – is in het Nederlands voor het eerst sprake in 1763, zestig jaar eerder dan van star in het Engels. En sindsdien spelen sterren de sterren van de hemel, lopen sterren over de rode loper, zien sterren sterretjes, maar vallen sterren ook te pletter van de hoge en zakken sterren door het ijs. Dan stralen zij pas echt.

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda