FacebookTwitterLinkedIn
donderdag, 01 November 2018 10:00

Solidair met de doden

Tekst: Jan van Hooydonk Tekst: Jan van Hooydonk Beeld: Christiaan Krouwels

De maand november is vanouds de maand waarop gelovigen hun dierbare overledenen gedenken. In protestantse kerken gebeurt dat doorgaans op de laatste zondag van het kerkelijk jaar (Voleindingszondag). Juist op het eind van het kerkelijk jaar klinken in kerkdiensten nogal eens passages uit het Evangelie die betrekking hebben op het zogeheten ‘laatste oordeel’ dat aan het einde der tijden voltrokken zal worden. Die omstandigheid geeft in mijn beleving aan de herdenking van de overledenen iets huiveringwekkends.
De rooms-katholieke traditie volgt een wat ander spoor. Op 1 november viert de r.-k. kerk het feest van Allerheiligen. Met die ‘heiligen’ zijn niet alleen de mensen bedoeld die door de r.-k. kerk heilig zijn verklaard, maar alle gelovigen van wie men aanneemt dat ze ‘in de hemel’ zijn. De kerk gelooft dat deze gestorvenen in de hemel bij God voor de levenden ten beste spreken. Daags erna, op 2 november, viert de r.-k. kerk Allerzielen. Dan gedenken de levenden de overledenen en bidden zij dat de gestorvenen nu thuis mogen zijn bij God. Allerheiligen en Allerzielen vormen dus elkaars spiegelbeeld: viert de kerk op Allerheiligen de solidariteit van de doden met de levenden, Allerzielen staat in het teken van de solidariteit van de levenden met de doden. 1 en 2 november, Allerheiligen en Allerzielen, horen daarmee bij elkaar, zij die ‘in de tijd zijn’ – de levenden – en zij die reeds ‘uit de tijd zijn’ – de overledenen – zijn immers in God met elkaar verbonden.
Maar hoe zit dan precies? Leven bij God? Eeuwig leven? Als moderne gelovige heb ik op zulke vragen niet echt een antwoord. Maar ik houd me graag vast aan de overtuiging die in de Schrift opklinkt: wij die nog leven, zijn omgeven door een ‘wolk van getuigen’, allen die overleden zijn. Hen gedenken betekent hen present stellen als mensen die niet alleen ons leven bepaald hebben maar het ook in de toekomst mee zullen bepalen. Een joodse spreuk – een uitspraak van de Baäl-Sjem-Tov, de grondlegger van het chassidisme – drukt het treffend uit: “Ballingschap wordt veroorzaakt door vergeten, in gedenken ligt het geheim van de verlossing.”

De kerk mag dan voor veel mensen geen of weinig betekenis meer hebben, de behoefte om stil te staan bij de doden, bij verlies en rouw, is er in onze samenleving niet minder om. Het lijkt erop dat die behoefte de laatste jaren alleen maar is toegenomen. Dé seculiere manifestatie daarvan is vanouds de minuut stilte op de avond van 4 mei. Ook 75 jaar na de Tweede Wereldoorlog trekt de nationale dodenherdenking massaal publiek. Gelijk opgaand met de ontkerkelijking zien we de laatste jaren een hausse aan stille tochten en herdenkingsbijeenkomsten voor slachtoffers van geweld, rampen en ongelukken. Een recent fenomeen vormen ook herdenkingsbijeenkomsten op begraafplaatsen en in crematoria die door hun datum – begin november – verwijzen naar Allerzielen. Niet zelden worden zulke bijeenkomsten georganiseerd of gesponsord door het uitvaartwezen.
Wat drukken zulke bijeenkomsten uit? Medeleven met de nabestaanden is een belangrijk element. Nabestaanden ervaren dit medeleven als troostvol. Maar het gaat niet alleen om de nabestaanden. De deelnemers aan een stille tocht klagen daarmee ook een als onrechtvaardig ervaren dood aan – die je als mens kennelijk ‘zomaar’ kan overkomen. Ze tekenen protest aan tegen het tragische lot dat mensen treft en drukken angst uit dat henzelf eenzelfde lot treft. Wie rouwt om de dood van een ander, rouwt altijd ook om zijn eigen naderende dood.

Tussen de seculiere en de religieuze gedachtenis van de overledenen bestaan veel overeenkomsten. Medeleven, gedeelde rouw, klacht en protest maken van beide deel uit. Maar er is ook een opvallend verschil: de dimensie van belofte, van ‘eeuwig leven’, heeft in het seculiere ritueel geen plaats. Misschien is deze dimensie voor individuele deelnemers aan zulke manifestaties wel aanwezig, maar ze blijft impliciet. Ze krijgt doorgaans geen publieke verwoording in zoiets als een gebed. Waar in de religieuze beleving Allerzielen en Allerheiligen bij elkaar horen, krijgt Allerheiligen in de seculiere beleving geen plaats. Ook hier is de vraag of onze ‘ziel’ – de ziel is het onderwerp van de special in deze aflevering van Volzin – wel voldoende gewicht krijgt.

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda