FacebookTwitterLinkedIn
maandag, 21 March 2016 10:15

Nederland Passieland

Nederland mag dan doorgaan voor een van de meest geseculariseerde landen ter wereld, ons land is ook een ‘passieland’ bij uitstek. Nergens ter wereld is de toeloop naar de Matthäus-Passion zo groot als hier. Het drie uur durende meesterwerk van Johann Sebastian Bach wordt deze maand in ons land maar liefst zo’n 180 keer uitgevoerd. Hoogtepunt is de uitvoering van de Nederlandse Bachvereniging op Goede Vrijdag in Naarden, een verheven cultfestijn waarbij de Bekende Nederlander graag acte de présence geeft. “De Matthäus-Passion slaagt erin ongelovigen één dag per jaar aan de rand van bekering te brengen. Het hoofd vol bloed en wonden brengt me op de gedachte dat een andere wereld mogelijk moet zijn”, zegt tv-presentator Paul Witteman, ongelovige met katholieke wortels, in de vorige maand verschenen glossy Matthäus. “Niet het christendom verbindt ons met Bach, maar wel de overtuiging dat het leven meer is dan banaliteit’, schrijft filosoof Ger Groot, atheïst met excellent gevoel voor religie.

Een nieuwe loot aan de passietraditie wordt sinds zes jaar gevormd door de uitvoering van The Passion, een eigentijdse muzikale vertelling van het verhaal van lijden en opstandig van Jezus onder auspiciën van EO, KRO-NCRV, het Nederlands Bijbelgenootschap en de Protestantse Kerk in Nederland. (De r.-k. kerk deed aanvankelijk ook mee, maar is intussen afgehaakt). Het evenement vindt dit jaar plaats in Amersfoort. De Keistad verwacht op de avond van Witte Donderdag tienduizenden bezoekers. De robuuste acteur en zanger Martijn Fischer werd bij het grote publiek bekend door zijn vertolkingen van André Hazes in de musical Hij gelooft in mij en de film Bloed, zweet & tranen. Zou het vanwege die treffende titels zijn dat hij dit jaar door de organisatoren van The Passion is uitverkoren om de rol van de lijdende Jezus te spelen? Naar verwachting zo’n 3,5 miljoen tv-kijkers zullen op de avond van Witte Donderdag zien hoe hij het er vanaf brengt.

Matthäus-Passion en The Passion zijn “muzikaal twee totaal verschillende fenomenen”, zegt dirigent Pieter Jan Leusink in deze aflevering van Volzin (blz. 44 e.v.) maar in de kern is het verschil volgens hem niet zo groot. “Er bestaat een behoefte aan bijzondere ervaringen buiten de kerk. Een prachtige vertolking van een lied doet mensen iets. De manier waarop ik muziek wil maken, ligt heel dicht bij de manier waarop dat in The Passion gebeurt. Als mijn publiek geraakt wordt, zijn dat voor mij de mooiste momenten.” ‘Ervaring’ lijkt hier inderdaad een sleutelwoord. Waar in de kerk het lijdensverhaal niet zelden overwoekerd wordt door dogmatiek die voor hedendaagse mensen onbegrijpelijk dan wel onverteerbaar is geworden – ‘Christus is gestorven voor onze zonden’ – staat het in de concertzaal, op het stadsplein of voor het tv-toestel elke luisteraar vrij om zich te laten raken door de directe zeggingskracht van muziek en tekst.

Het verhaal van lijden, verraad, marteling, vriendschap, verloochening en opstanding is een universeel verhaal. Ieder beleeft dat op eigen wijze. Is dat winst of verlies voor gelovigen? Theoloog Frank G. Bosman die in eerdergenoemde glossy de Matthäus en The Passion met elkaar vergelijkt, lijkt vooral verlies te zien. Het muziekstuk van Bach is volgens hem “zorgvuldig geseculariseerd, van zijn christelijke inhoud ontdaan en van zijn specifieke christelijke inhoud beroofd, opdat geen enkele politiek-correcte secularist zich zou schrammen aan de rafelrandjes van een van de meest dramatische verhalen van onze westerse beschaving”. En met The Passion is het volgens hem al niet veel beter gesteld. “Voor de gemiddelde bezoeker (…) is het om het even. Of ze nu naar een nagespeelde executie kijken of zij naar een concert van Marco Borsato gaan.” Ik wil Bosman tegenspreken. Lees de getuigenissen hierboven van Witteman en Groot over de Matthäus. En wat The Passion betreft: onvergetelijk is voor mij de finale van The Passion van 2012 in Rotterdam. Staande bovenop de Erasmusbrug zong kleine man Danny de Munk: “Afscheid nemen bestaat niet. Ik ga wel weg maar verlaat je niet. (…) Ik wil dat je me los laat en dat je morgen weer verder gaat. Maar als je eenzaam of bang bent zal ik er zijn.” Een lied van, inderdaad, Marco Borsato dat wat mij betreft een plaats verdient in kerkelijk liedboeken, in de rubriek ‘Pasen’. 

Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

 

 

Agenda