FacebookTwitterLinkedIn
  • VOLZIN 2018: NUMMER 5

    VOLZIN 2018: NUMMER 5

    Volzin-special: ‘De jaren zestig’ Pil, protest, popmuziek: ‘Weg van de autoriteit’Geschiedschrijver Geert Buelens:
    01 May 2018 - Lees meer
dinsdag, 30 January 2018 11:17

Onze autonomie is een geschenk

Tekst: Erik Borgman Tekst: Erik Borgman Beeld: Hollandse Hoogte

Zelfredzaamheid lijkt onze hoogste waarde. Wij willen niet afhankelijk zijn, maar zelfstandig. Ook de overheid moedigt ons daartoe aan. Maar is dat wel zo’n goed idee?, vraagt theoloog Erik Borgman zich af. Autonomie is volgens hem iets anders.

De afgelopen twee jaar werd ik grootvader van twee kleinzoons. Het brengt je voor ogen wat je natuurlijk wel wist: dat het leven niet bepaald zelfredzaam begint. Het begint met pure afhankelijkheid. En je weet als betrokken omstander zeker: het zo noodzakelijke vasthouden, voeden en koesteren, het geven van een gevoel van veiligheid is mede jouw verantwoordelijkheid. Deze verantwoordelijkheid voelt als een uitverkiezing. Het gebrek aan zelfstandigheid van een jong kind doorbreekt de zelfstandigheid van de mensen in de omgeving. In onderlinge afhankelijkheid ga je vervolgens de mogelijkheden verkennen om autonoom te worden. Hoe krijg je ieder afzonderlijk en samen invloed op het leven? Hoe vind je er een plaats die goed is en goed doet? En hoe houd je die plaats goed?
Daar kwam de tweede helft van het vorig jaar nog iets bij. Vanwege een niet ernstige, maar wel vervelende kwaal was ik tamelijk intensief afhankelijk van de zorg. Dat was confronterend: nadat ik vijfentwintig jaar vrijwel letterlijk geen dokter gezien had, moest ik drie keer per week thuiszorg inpassen in mijn agenda. Nu bleken de thuiszorg en ik het na enige aanloopschermutselingen gelukkig goed met elkaar te kunnen vinden. Wij hielden rekening met elkaar, maar gaven elkaar ook zo veel mogelijk ruimte.

Onderworpen aan willekeur
Er ontstonden echter problemen als er iets onverwachts gebeurde. In plaats van dat ik dan met de thuiszorg gezamenlijk kon optrekken, mij veilig wetend in hun handen omdat zij het klappen van ze zweep kennen en omdat ik erop kan vertrouwen dat zij achterhalen wat onder de gegeven omstandigheden voor mij het beste is, stond ik er dan alleen voor. Bellen – en natuurlijk eindeloos in de wacht staan – voor een afspraak met een specialist en opnieuw bellen – en opnieuw eindeloos in de wacht staan – om te proberen die afspraak eerder te zetten. Van assistentes horen dat zij mij graag zouden helpen maar dat zij daarvoor geen autorisatie hadden, hen vragen wat ik dan kon doen en onderzoeken of het mogelijk is hun advies op te volgen. Op die momenten was ik de zelfstandige en zelfredzame patiënt: ik kwam noodgedwongen voor mijzelf op, achterhalend wat werkt en als overtuigend wordt beschouwd en daar gebruik van makend. Ik ben hoog opgeleid en ik kan het allemaal wel, maar ik voelde mij eenzaam en verlaten. Tot het lukte om de zorg weer binnen te komen. Dan wist ik mij weer omringd door uitstekende zorg en door zorgverleners die hun uiterste best deden mij te geven wat nodig was.
Als er voor mij wordt gezorgd, een positie die doorgaans wordt geassocieerd wordt met gebrek aan zelfstandigheid, heb ik het gevoel greep op mijn leven te hebben. Anderen helpen mij daarbij. Als ik daarentegen zelfstandig en mondig voor mijn eigen belang moet opkomen, voel ik mij afhankelijk van een systeem dat mij de maat neemt op basis van criteria die ik niet doorzie en die niet passen bij mijn leven en hoe ik ernaar kijkt. Dit is de paradox waarin we verzeild zijn geraakt: de inspanningen ons onze zelfstandigheid te laten behouden en ons rechten te geven op zorg, leidden uiteindelijk tot de ervaring in de zorg onderworpen te zijn aan willekeur.

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2018

volzin schrijfwedstrijd

 

Agenda