vrijdag, 10 November 2017 09:00

Dansen met robots

Dansen met robots Tekst: Helene Timmers Beeld: Salford Institute for Dementia

Steeds meer lopen robots in onze wereld rond. Niet alleen in films en fabrieken, ook in de zorg maken ze hun opwachting. Zijn ze daar wel op hun plaats? Helene Timmers over zorgrobots en eenzame ouderen.

‘Wat kan ik voor u betekenen?" vraagt Alice opgewekt. De oude dame tegenover haar reageert niet heel enthousiast. "Een robotje,” verzucht ze, “daar voel ik niet veel voor in mijn huis. Doe mij maar een lévend mens." Ze kijkt naar buiten. Tegenover haar aan tafel zit een klein robotje. Het heeft het lijf en de armen van een legopoppetje, met een bijna levensecht hoofd erboven. Het robothoofdje komt maar net boven de tafel uit.
In de documentaire Ik ben Alice maken we mee hoe de kleine zorgrobot Alice geïntroduceerd wordt bij een drietal oudere vrouwen om hun eenzaamheid te verlichten. Ze wordt als proef ingezet om de eenzaamheid van deze vrouwen te verlichten.
Om iets aan deze eenzaamheid te doen, wordt er onder meer geëxperimenteerd met zorgrobots. Het robotje Alice is een daarvan, zij kan eenvoudige gesprekjes voeren. Een andere zorgrobot is Zora die in Rotterdam ouderen vermaakt met zang en dans. Deze wordt ingezet in de recreatie: ze nodigt ouderen om mee te zingen en zelfs om mee te bewegen (dansen). Zorgrobots zijn niet de enigen die de eenzaamheid bestrijden. Ook de chatbot Mitsuku – een computer die met mensen kan chatten – claimt dat zij de eenzaamheid opheft.

Knuffelen
De Amerikaanse hoogleraar Sherry Turkle heeft onderzoek gedaan naar de inzet van robots in de zorg. Zij ziet in haar boek Alone Together hoe het gebruik van zorgrobots steeds meer geaccepteerd wordt. Deze acceptatie, zegt ze, wordt vergemakkelijkt doordat de zorg steeds meer volgens vastgestelde protocollen moet verlopen. De toepassing van strikte regels en protocollen leidt ertoe dat verzorgenden haast als robots hun taken afwerken. En dan komt de inzet van echte robots al dichterbij. Deze redenering gaat wel ver, maar inderdaad hebben we er steeds minder moeite mee dat robots een rol spelen in de zorg. Turkle vertelt over een man wiens moeder in een verzorgingshuis is opgenomen. Hoe hij ziet dat zijn moeder een robotje heeft gekregen waar ze mee praat en dat ze knuffelt. Nu lijkt het net alsof de moeder niet meer zo verschrikkelijk alleen is als hij weggaat. De robot verlicht zijn geweten. Het is misschien niet veel, een robot, maar het is duidelijk dat de robot een behoefte vervult. En dat is voldoende. Het is geen ideaal gezelschap, maar het is beter dan niets.

Hondje
Toch vraag ik me dat wel af. Is 'iets' echt beter dan 'niets' in dit geval? Kunnen robots echt menselijk contact vervangen? We denken intussen bij robots vooral aan de machines die het zware en repetitieve werk in fabrieken doen. In ziekenhuizen zien we minuscule nanorobots die in de bloedbaan van de patiënt complexe handelingen kunnen uitvoeren. Gecompliceerd of zwaar werk, dat is iets wat robots goed kunnen. Maar waarom zouden we ze in de zorg inzetten? Ook al kunnen ze zo gebouwd worden dat ze uiterlijk op mensen lijken, het is toch onvermijdelijk dat je verschil ervaart tussen een mens van vlees en bloed en een robot.
Het is moeilijk te zeggen wat een robot mist. Is het misschien persoonlijkheid? Sony maakte robothondjes, die elk een andere persoonlijkheid hadden. Sommige hondjes maken veel geluid, andere weinig, sommige zijn heel beweeglijk en andere wat rustiger. De eigenaren van deze robothondjes zweren dat hun hondje een uniek karakter heeft en zich onderscheidt van alle andere hondjes. Het is verleidelijk om te denken dat deze robothondjes van Sony geen 'echte' persoonlijkheid hebben omdat hun verschillen door mensen geprogrammeerd zijn. Maakt het uit hoe het komt dat die verschillen er zijn? En is dat echt anders dan onze persoonlijkheid? Die is toch ook een optelsom van onze genen en ervaringen? Kan je dat niet ook geprogrammeerd noemen?

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2017

volzin schrijfwedstrijd

Dank aan allen voor uw inzendingen! Er zijn 112 essays ingezonden waar de jury zich momenteel over buigt. De deelnemers ontvangen uiterlijk 1 december bericht over de uitslag. De winnende essays zullen verschijnen in het eerste Volzin-nummer van 2018. 

Social media

FacebookTwitterLinkedIn

Agenda