donderdag, 12 October 2017 09:00

Parkeerplaats wordt tempel

PopUpKerk in Vierhouten: schrijven op de stoep PopUpKerk in Vierhouten: schrijven op de stoep Tekst: Elleke Bal Beeld: Edwin Poot

Een gezelschap van a-kerkelijke mensen onderzoekt wat er overblijft van het evangelie als je het niet beschermt met muren, cultuur en taal. Het geloof moet worden onderzocht, verkend en uitgeprobeerd, zegt initiatiefnemer en theoloog Rikko Voorberg. In het PopUpDogma staat geschreven: ‘We materialiseren elk goed idee.’ En zo timmeren de PopUpKerken aardig aan de weg. En gaat de Reformatie nieuwe wegen.

Een lege parkeerplaats in het Gelderse dorpje Vierhouten, op een zaterdagochtend in augustus. Zo’n veertig mensen zijn met stoepkrijt in de weer. Ze schrijven op straat wat ze kwijt willen: waar ze dankbaar voor zijn, waar ze spijt van hebben.
De organisatoren van het christelijke zomerfestival Graceland hadden aan Rikko Voorberg gevraagd of hij iets met de PopUpKerk wilde doen. “Dat kan niet”, had hij geantwoord. “Want PopUpKerk is altijd buiten een kerk, en het festivalterrein is een soort kerk.” Hij deed een voorstel. “Waarom nemen we niet een paar tafels mee naar het dorp? Dan doen we daar onze viering.”
In Vierhouten vinden ze die lege parkeerplaats. De samenkomst begint met het breken en delen van brood, Voorberg spreekt een dankwoord. Er wordt een tekst gelezen uit Matteüs 24. In die tekst wijzen de discipelen Jezus op imposante tempelgebouwen. Jezus zegt: “Wees er maar zeker van dat geen enkele steen op de andere zal blijven; alles zal worden afgebroken.” In de groep wordt erover gesproken. Voorberg vertelt over de tempelvernietiging die ook daadwerkelijk zou plaatsvinden, in het jaar 70 na Christus. “Vreselijk, maar tegelijk een zegen. Daarna trok het verhaal de wereld over, en zo werd elke plek gewijd.”
Hij vraagt iedereen na te denken over de vraag wat de functie van een tempel kan zijn. Vele ideeën komen bovendrijven. “Je legt er je biecht neer”, zei de één. “Je komt er om te danken”, zei de ander. “Als de hele wereld een tempel is geworden, dan kan het ook hier”, concludeert Voorberg. Zo wordt de parkeerplaats een tempel, en wordt het stoepkrijt erbij gepakt. Iedereen gaat aan de slag met de teksten. En na een toast met wijn wordt de viering afgesloten.

Geen mooie woorden
Zo dus, zoals op die zomerse dag in Vierhouten, kan een PopUpKerk-viering gaan. Popup, het mag misschien vluchtig klinken, maar deze kerk is niet ontstaan in opwelling. Het initiatief komt voort uit jarenlange ervaring met kerkelijk experimenteren. Inmiddels zijn er PopUpKerken in Amsterdam, Rotterdam en Arnhem. Het initiatief is een geesteskind van Rikko Voorberg, de man die een kerk begon, “maar eigenlijk niet zo heel geïnteresseerd is in kerk.” Hij vertelt: “Ik wil juist buiten de cultuur van de kerk kijken wat er werkt van dat hele christendom en het evangelie. Wat blijft staan als je het niet beschermt met muren, cultuur, taal?” 

Het spanningsveld tussen jezelf wél kerk noemen en toch liever geen kerk willen zijn, zit ‘m in al het werk dat Voorberg doet. Hij zet je aan het denken. Met woorden, maar liever nog met acties. Van de nieuwtestamentische Brief van Jakobus wordt hij gelukkig. ‘Broeders en zusters, wat baat het een mens te beweren dat hij geloof heeft, als hij geen daden kan laten zien?’ Luther had een hekel aan die tekst, zegt Voorberg, maar hij vindt dat we de tekst vijfhonderd jaar na de Reformatie hard nodig hebben. Een geloof van mooie woorden, daar heeft hij niks mee. Hij wil het geloof onderzoeken, verkennen en proberen. “Niet omdat ik weet welke richting we uit moeten, om omdat we door te doen ontdekken wat we eigenlijk geloven.”
“Ik kom uit een milieu waar het woord de ziel van alles is”, vertelt Voorberg, van huis uit gereformeerd vrijgemaakt. Hij studeerde theologie in Kampen, eerst met het idee om zelf ook predikant te worden. Maar hij ging in die tijd steeds meer vraagtekens zetten bij al die “rotsvaste zekerheden” uit zijn jeugd. In een kroeg in Kampen ontmoette hij een regisseuse, zij vroeg hem of hij niet iets met theater wilde doen. Zo kwam hij na zijn afstuderen in de kunstwereld terecht, en hij voelde zich er thuis. Eerst in Kampen, later in Amsterdam en in Den Haag.
In Amsterdam vond Voorberg een plekje binnen het kerkplantingsproject Stroom. Van daaruit werd hij gevraagd om een nieuwe gemeente te stichten in Amsterdam-West. Hij organiseerde ‘werkplaatsen’, met christelijke verhalen en rituelen als vertrekpunt. Van biechtinstallaties tot het ‘mammonmaal’, waar briefgeld tot kleine stukjes werd verscheurd en vervolgens als een soort avondmaal gegeten. Hij genoot van kritische gesprekken met medekunstenaars, die hem onderzoekend bevroegen op zijn geloof. 
De realiteit van de kunst heeft hem veel gebracht, zegt Voorberg. “De kunst ontmaskert. Ik denk dat ik een vrij mens ben. Dat ik onafhankelijk ben van geld. Maar als ik beter kijk, dan realiseer ik me dat ik me een vrij mens ben totdat aan het eind van de maand mijn bankrekening leeg is. Zo’n ontdekking, dat op tafel durven leggen, dat is soms genadiger, dan aan de avondmaalstafel zeggen: ‘wij geloven, we vertrouwen in de Here Jezus’.”

Verbeelding
Net als in de kunst moet ook het geloof veel meer tot de verbeelding spreken, vindt Voorberg. Luther ging de strijd met die beelden. “In de katholieke cultuur is de preek een dingetje erbij. Het gaat vooral om de ervaring en deel uitmaken van het ritueel. “Luther brak daarmee, hij zei: het gaat om het woord. Maar ik vind het probleem niet de verbeelding. Nee, het probleem is dat het woord in dat beeld werd opgesloten. Het blijft nodig dat het woord vlees wordt.”
Tijdens de Reformatie werd het zelfstandig denken veroverd op de hiërarchie, en dat is goed, vervolgt Voorberg. “De ratio en de logica hebben we gewonnen.” Maar dat we de verbeelding zijn kwijtgeraakt, is zonde. Kijk naar hoe Jezus te werk gaat, zegt hij. “Jezus maakt beelden! Het lijkt wel alsof elke genezing voor hem een beeld en een symbool is, als een installatie, een schilderij. Alsof hij wil laten zien: kijk, dit is er gebeurd. Houd hoop!”
Voorberg noemt het zijn diepste drive “om te ontdekken wie Jezus van Nazaret is.” En dat wil hij het liefste ontdekken met een groep creatievelingen. ‘Makers’, zoals hij ze noemt, een begrip dat uit Amerika is komen overwaaien via de hippe ‘makerspaces’, ruimtes waar mensen bij elkaar komen om dingen te maken. Voorbergs werk met kunstenaars zou in 2013 langzaam vorm krijgen in de PopUpKerk. Sommige kunstenaars bleven, andere hoefden niet zo nodig ‘kerk’ te worden en gingen weer verder. Voorberg is niet de dominee van de groep, maar ziet zichzelf als de initiator.
Ieder goed idee wordt gematerialiseerd, is een regel van het PopUpDogma. Dus toen de groep bedacht om naar Lesbos te reizen om daar vrijwilligerswerk voor Stichting Bootvluchteling te doen, gebeurde dat. Met al deze projecten en acties om de wereld een betere plek te maken komt de PopUpKerk regelmatig in het nieuws (zie kader). Andere regels uit het PopUpDogma luiden: ‘Alles gebeurt rond een gedekte tafel’, ‘Een PopUpKerk is niet groter dan 30 mensen’, ‘Wij betalen nooit voor een ruimte’ en ‘Zonder niet-gelovigen geen kerk’.
De vorm van samenkomen is belangrijk, vindt de PopUpKerk, want het idee is: het ontwerp spreekt harder dan wat je binnen dat ontwerp doet. Vanaf een preekstoel kun je niet in gesprek gaan met mensen, aan tafel kan je niet anders. En dus komt de groep iedere zondag samen voor een brunch. Maar niet in een kerk, omdat die ruimte zo bepalend is en niet-gelovigen zich er weinig thuis voelen.

Terug naar de basis
Ook Matthias voor de Poorte vindt het belangrijk dat de PopUpKerk ruimte en mogelijkheden geeft voor “speels ontdekken”. In 2016 begon hij een afdeling in Arnhem. Hij had eens een PopUp-evenement in Amsterdam bezocht en was meteen verkocht. “Ik vond het geweldig. Het concrete, de link met de maatschappij.” Hij groeide op in een evangelische kerk, maar voelde zich daar niet meer zo thuis. “Ik miste de interactie. Ik wilde terug naar de basis. Gewoon gaan eten. Samen om de tafel delen, elkaar bevragen en inspireren.”
Inmiddels heeft ook de PopUpKerk in Arnhem een wekelijkse zondagse bijeenkomst, waar meestal tussen de drie en twintig mensen op af komen. De groep zat afgelopen jaar in een klein theaterzaaltje in Arnhem, maar dat wordt nu gesloopt. Daarom zwerft de groep door de stad, en is de ontmoeting soms in een café, dan weer in het park. Iedere bijeenkomst begint met stilte, vertelt Voor de Poorte. “Daarna ontstaat er ruimte om het ergens over te hebben.”
Hoe is het nu anders dan een traditionele kerk? “Het is onveiliger”, zegt Voor de Poorte, “Er kan altijd weer iets nieuws ontstaan. Bij veiligheid ligt beslotenheid en passiviteit op de loer. Daar wil ik voor waken.” De groep is divers, vertelt hij. Er zitten overtuigde atheïsten bij die vastlopen op het woordje God en ook mensen die geloven. “Wat we delen is het geloof dat de wereld niet klopt, en dat het anders kan. Dat er daarom een noodzaak is om samen te komen.”
Net als in Amsterdam groeien er in de Arnhemse popup-groep regelmatig ideeën die uitgevoerd worden. Zoals het plan om op kerstavond een diner in het Coehoornpark te houden, zodat niemand op die avond alleen hoefde te zijn. De PopUpKerk maakte flyers in verschillende talen, vroeg nieuwe Nederlanders en mensen die op straat leefden om ook te komen. Er kwamen 120 mensen op af, die allemaal iets te eten of drinken meenamen. “Er bleek behoefte aan”, concludeert Voor de Poorte.

Voorbergs droom is dat er heel veel van dit soort PopUpKerk-clubjes ontstaan in heel Nederland. Wat hen zal binden, hoopt hij, is dat het geen praatclubs worden maar dat elk idee dat opkomt wordt omgezet in een handeling. “Altijd spelend en onderzoekend bezig zijn.” Het afzetten tegen andere kerken, daar heeft hij niets mee. “Ik wil niet per se de kerk veranderen, ik wil een andere wereld!”

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2017

volzin schrijfwedstrijd

Dank aan allen voor uw inzendingen! Er zijn 112 essays ingezonden waar de jury zich momenteel over buigt. De deelnemers ontvangen uiterlijk 1 december bericht over de uitslag. De winnende essays zullen verschijnen in het eerste Volzin-nummer van 2018. 

Social media

FacebookTwitterLinkedIn

Agenda