woensdag, 11 October 2017 09:00

Ik heb hier het gevoel ergens bij te horen

Theaterles van ´We Are Here Academy´ Theaterles van ´We Are Here Academy´ Tekst: Karlien van den Brink

Een van de mensen die vanaf de beginperiode deel uitmaakt van het vluchtelingencollectief Wij Zijn Hier, is de nu 23-jarige Bushra Hussein Mohamoud uit Somalië. Zeventien jaar is ze, als ze in haar eentje in Nederland aankomt. Omdat ze minderjarig is mag ze hier in eerste instantie blijven, maar zodra ze achttien jaar is, vervalt haar verblijfsvergunning. Terug naar Somalië kan en durft ze niet.
Bushra: “De tijd dat ik geen status had, was verschrikkelijk. Tweeëneenhalf jaar lang zwierf ik met Wij Zijn Hier van de ene naar de andere plek. Het voelde als leven in een open gevangenis. Je mag niks doen en je wilt ontsnappen, maar waarnaartoe? Het moeilijkste waren de momenten dat we het gebouw waar we verbleven, moesten verlaten. Je weet niks: gaat het lukken een nieuwe plek te vinden? Slapen we op straat? Die onzekerheid gaf me heel veel stress.
Het is moeilijk om hoop te houden in zo’n situatie. Wat mij hielp, was dat er veel mensen om mij heen stonden: vrijwilligers en andere leden van Wij Zijn Hier. ‘Geef niet op!’, zeiden ze, ‘er ligt nog een leven voor je. Morgen is er een nieuwe dag’.”

Een soort familie
In dezelfde periode raakt ook Petra Tensen betrokken bij het vluchtelingencollectief. Wat begint met een nieuwsgierig bezoekje aan de Vluchtkerk (“Mijn man en ik zochten een goede reden om de kerstgourmet te ontvluchten”), mondt uit in een zeer intensieve betrokkenheid bij de leden van Wij Zijn Hier. 
Vijf jaar later zijn er van de pakweg honderd vrijwilligers van toen – een opvallende mix van kerkmensen, krakers en omwonenden –  nog zo’n vijftien actief. Tensen is een van hen. Als buddy gaat ze samen met ongedocumenteerden op zoek naar nieuwe mogelijkheden om hun asielzaak te heropenen. Als het nodig is, verblijven mensen soms ook een tijdje bij haar en haar man in huis.
Tensen: “Wij Zijn Hier voelt eigenlijk als een soort familie. Het zijn vrienden geworden met wie ik mijn leven deel. Ik zie geen ongedocumenteerde, ik zie een man met humor en heel veel mogelijkheden. Ik heb veel geleerd van deze mensen. Ook als het leven ongelooflijk ingewikkeld is: ze blijven doorgaan, ze blijven open staan voor andere mensen: ‘Eet je mee? Wil je koffie?’.
Ze laten mij een andere kant van het leven zien. Hier gaat het niet om het hebben van een goede baan of een mooie auto. Van hen krijg ik antwoord op vragen als: hoe leef je met elkaar? Hoe zorg je voor een ander en deel je met elkaar als je zo weinig hebt? Hoe kun je gastvrij zijn?”
Maar natuurlijk is het contact tussen vluchtelingen en vrijwilligers niet alleen maar mooi en leerzaam: “Iedereen die in een dergelijke situatie belandt, loopt deuken op. Er zijn veel trauma’s, veel psychische problemen. Mensen leven in een achtbaan, steeds opnieuw wordt hun hoop de grond ingeslagen.
Ik ken mensen die al twintig jaar zonder status door het leven gaan. Wat zij zeggen? Ik ben moe, ik ben zo moe hiervan… wanneer komt er verandering?’ Die hopeloosheid is verschrikkelijk. Ik kan hun situatie niet veranderen. En daardoor voel ik me vaak ernstig tekortschieten. Ik kan naast hen gaan zitten, er gewoon voor hen zijn, zeggen hoe rot ik de situatie vind. Meer niet.”

Misvattingen
Voor Bushra komt er in 2014 een einde aan de onzekerheid: “Ik weet nog precies welke dag het was: 7 maart. Met hulp van vrijwilligers was ik een tweede procedure gestart. Tijdens het interview zelf kreeg ik al te horen: ‘Je mag blijven.’ Hoe kan ik beschrijven hoe ik me toen voelde? Ik was zo blij! En ik was in shock. Ik schreeuwde of juichte niet, maar iedereen die mij die dag zag, kon aan mijn gezicht zien hoe ik me voelde. Ik straalde. De status die ik kreeg, was de sleutel die nodig was om de deur van mijn leven te openen.”
Bushra is niet het enige Wij Zijn Hier-lid dat inmiddels een verblijfsstatus heeft. In vijf jaar tijd hebben 93 mensen alsnog een status gekregen. “Het is dus een misvatting dat deze mensen uitgeprocedeerd zijn”, stelt Tensen. “Alsof er geen enkele mogelijkheid meer is om een verblijfsvergunning te krijgen. De situatie in het land van herkomst kan veranderen of er kan soms nieuw bewijs aangeleverd worden waardoor een nieuwe procedure gestart kan worden.”
Een tweede misvatting is volgens Tensen dat een vluchteling die Nederland uit moet dat ook daadwerkelijk kan. “In veel gevallen is dat helemaal niet mogelijk. Omdat het land van herkomst jou niet erkent als onderdaan bijvoorbeeld. Bovendien: een land dat voor de Nederlandse overheid als veilig geldt, hoeft dat lang niet altijd voor iedereen te zijn.’
Maar om een volgende stap te zetten  –  een nieuwe procedure of een voorbereiding op terugkeer, dat maakt niet uit  –  is volgens Annette Kouwenhoven, medewerkster van het Wereldhuis, eerst een zekere mate van rust en stabiliteit nodig. En dat is precies waar het aan ontbreekt, want in de Amsterdamse context is er geen 24-uurs zorg.
Kouwenhoven:  “Op doordeweekse dagen kunnen ongedocumenteerden bij ons terecht voor een warme lunch. Er komen hier elke dag zo’n zeventig tot tachtig mensen. Maar het Wereldhuis is meer dan een plek om iets te eten. We bieden een luisterend oor, we organiseren cursussen en workshops en we organiseren ontmoetingen tussen Amsterdammers met en zonder papieren. We helpen bij het vinden van een goede advocaat. Het leven van ongedocumenteerden bestaat vooral uit wachten. Mensen die hun land van herkomst zijn ontvlucht met een enorme wilskracht, veranderen door ons systeem in een hoopje ellende.
Op deze plek proberen we samen met hen te ontdekken wat ze nog wél kunnen, welke vaardigheden of kennis ze graag willen ontwikkelen. Neem Jean  (Kouwenhoven wijst naar een jongeman die naast haar aan tafel zit, KvdB), hij is nu 32 jaar en op zijn 23ste vanuit Sierra Leone naar Nederland gevlucht. Binnen het Wereldhuis is hij zeer actief als vrijwilliger: hij kookt, hij danst, hij doet aan theater. En als mensen met hun problemen naar Jean toekomen, verwijst hij ze weer door naar een arts of een counselor.”
Over de vraag wat het Wereldhuis voor Jean betekent, hoeft hij niet lang na te denken: “Het betekent thuis voor mij. We luisteren naar elkaar, we steunen elkaar. Op deze plek word ik als mens behandeld. Ik zou willen dat iedereen zich realiseerde dat elk mens een eigen geschiedenis heeft, een familie, een verhaal. Luister alsjeblieft naar die verhalen.”

Zin en perspectief
Een andere organisatie die zich bezig houdt met de ontwikkeling van ongedocumenteerden is de We Are Here Academy. Initiatiefnemer en coördinatoris Savannah Koolen is er min of meer toevallig bij betrokken geraakt. “Een vriendin van mij woonde vlak bij het tweede tentenkamp. Ik ben een keer meegegaan en nog een keer en nog een keer. Het liet me niet meer los. Tot die tijd dacht ik best wel te weten hoe de wereld in elkaar stak. Ik las kranten, volgde het nieuws. Maar in het tentenkamp zag ik voor het eerst dat in Nederland mensen totaal worden uitgesloten. Mensen verblijven hier in een rechteloze en hopeloze situatie. Ik vond het heel erg om te zien dat hun stem werd afgenomen en ik vroeg me af hoe kan ik me vanuit mijn eigen bevoorrechte positie inzetten om hen bij te staan? Een jaar na mijn eerste bezoekjes aan het tentenkamp heb ik Here To Support opgezet. Ik was op zoek naar een meer permanente ondersteuning, die meer zou zijn dan alleen humanitaire hulp.”
“Mijn overtuiging is dat ieder mens recht heeft op perspectief, op ontwikkeling, je kunnen uiten, je stem laten horen”, zegt Koolen. Vanuit die overtuiging is uiteindelijk de We Are Here Academy ontstaan.  De Academy is een samenwerking tussen docenten van verschillende universiteiten en tussen vluchtelingen. De docenten boden aan om de colleges die zij op de universiteit gaven, in hun vrije tijd aan vluchtelingen te geven. Meer dan honderd mensen hebben inmiddels cursussen gevolgd bij de Academy.
Koolen: “Het eerste jaar werden er veel verschillende cursussen gegeven: over het politiek systeem, theater, asielrecht, enzovoorts.  Op die manier kregen deelnemers meer inzicht in hun eigen situatie. Het afgelopen jaar heeft lesprogramma helemaal in het teken gestaan van journalistiek en media. Veel vluchtelingen zijn  gevolgd door camera’s. Hier leerden ze om zelf hun verhaal te vertellen. Eind augustus is er een eerste expositie geweest van foto’s die door de deelnemers gemaakt zijn. De foto’s van een van hen hebben inmiddels ook in De Groene Amsterdammer gestaan.’
Dat de aanpak van WAHA en het Wereldhuis zin en perspectief geeft, is evident. Naast het feit dat een deel van de mensen weer nieuwe moed vindt een procedure te starten en ook daadwerkelijk een status krijgt, gebeuren er ook andere dingen. “De man wiens  foto’s nu in De Groene staan, is al zeventien jaar in Nederland. Hij had nog nooit een camera vastgehouden. Nu heeft hij zijn passie gevonden: hij komt nergens meer zonder zijn camera.”
Mikael uit Nigeria, bezoeker van het Wereldhuis, vertelt: “Begrijp me niet verkeerd: mijn leven en het leven van alle anderen die hier komen, is verschrikkelijk. Ik heb geen inkomen, ik mag mijn zoon niet zien, ik slaap in een bed-bad-broodopvang. Er is veel stress. Maar ik heb hier wel het gevoel ergens bij te horen, begrijp je? De gastvrijheid doet me goed. Ik krijg de ruimte om me te blijven ontwikkelen en even te ontspannen. Dat geeft kracht.”
Annette Kouwenhoven van het Wereldhuis: “Er is veel ellende. Mensen lopen met grote trauma’s rond. Maar wat hoop geeft, is dat er ook mensen zijn die je echt ziet veranderen. Koken, iets leren, iets maken, door dat soort dingen groeien mensen in zelfvertrouwen. We zijn eigenlijk steeds bezig te compenseren wat hen is afgenomen. Mijn droom voor hen is dat het Wereldhuis, nog sterker dan nu, een plek zal zijn waar zij zich verder kunnen ontwikkelen. Een plek waar de scherpe randen van het bestaan even wegvallen, waar rust is, waar je welkom bent en waar je kunt groeien. En dat je daarna wat je geleerd hebt, in praktijk kunt brengen, hier in Nederland of uiteindelijk toch in je land van herkomst.” ●

Van Vluchtkerk naar Wij Zijn Hier

Geïnspireerd door een demonstratief tentenkamp in Ter Apel en door de Arabische Lente besluit een groepje ongedocumenteerden in Amsterdam in het najaar van 2012 ook van zich te laten horen. De boodschap? “Wij Zijn Hier en we kunnen geen kant op. Zie dat er ook in Nederland mensen gedwongen zijn een rechteloos bestaan te leiden. Geen mens zou uitgesloten mogen worden van de maatschappij.”
Na de eerste tentenkampen en het kraken van de Vluchtkerk volgen nog vele andere locaties: van Vluchtflat tot Vluchtpark, van Vluchtkantoor tot Vluchtgemeente. Soms een half jaar, soms een week, vaak een of twee maanden. In de gekraakte panden ontbreekt het regelmatig aan verwarming, aan voldoende elektriciteit en aan de mogelijkheid je te wassen.
Wij Zijn Hier omschrijft zichzelf als ‘een vluchtelingenactiecollectief’. Registratie van leden vindt niet plaats. Ook vanwege de sterk wisselende samenstelling van de groep is het moeilijk zicht te krijgen op de exacte omvang ervan: er haken mensen aan, er verdwijnen mensen, soms voor even, soms voor altijd. Geschat wordt dat het om ongeveer tweehonderd mensen gaat.
Wat vaststaat, is dat 93 van hen na een hernieuwde procedure alsnog een verblijfsstatus hebben gekregen. Een aantal mensen is ook teruggekeerd naar het land van herkomst, maar om hoeveel mensen dat precies gaat, is niet duidelijk.
Van de mensen van Wij Zijn Hier is een deel zeer actief, organiseert demonstraties, spreekt met de media. Anderen verblijven enkel in een van de door Wij Zijn Hier gekraakte locaties en maken op die manier deel uit van het collectief.
Woonden mensen ten tijde van de Vluchtkerk in grote groepen van wel honderd personen samen, tegenwoordig zijn de vluchtelingen opgedeeld in meerdere kleine groepen. Deze groepen zijn vaak ingedeeld naar etnische achtergrond en sekse om het samenleven te vergemakkelijken. Het onderdak is altijd tijdelijk. Met grote regelmaat staat er weer een groep op straat.
Naast de ongeveer tweehonderd mensen die in een Wij Zijn Hier-locatie wonen, verblijven  sinds 2014 ook rond de 170 ongedocumenteerden in een bed-bad-brood-locatie van de gemeente. Meer dan 120 mensen staan hiervoor op de wachtlijst. De gemeentelijke locaties bieden alleen ’s avonds en ’s nachts opvang. Vanaf 9 uur ’s ochtends staan mensen weer op straat. Een deel van de mensen met ernstige psychische of medische aandoeningen kan terecht bij het Leger des Heils en het Medisch Opvangproject Ongedocumenteerden.

www.wijzijnhier.org

Login om meer te lezen
Log in om reacties te plaatsen

Doorzoek de website

Volzin Schrijfwedstrijd 2017

volzin schrijfwedstrijd

Dank aan allen voor uw inzendingen! Er zijn 112 essays ingezonden waar de jury zich momenteel over buigt. De deelnemers ontvangen uiterlijk 1 december bericht over de uitslag. De winnende essays zullen verschijnen in het eerste Volzin-nummer van 2018. 

Social media

FacebookTwitterLinkedIn

Agenda